Mijn eerste Vappu

Niet een vape om te roken, maar Vappu om het voorjaar te vieren. Vappu is in Finland namelijk een nationale feestdag waarop meerdere tradities samenkomen. Dit jaar spendeerde ik twee dagen in Vantaa en Helsinki om het mee te maken.

Vappu valt ieder jaar op 1 mei en wordt al sinds de jaren ’50 gevierd. Op deze dag (en in de nacht ervoor) wordt er van alles gecombineerd dat ook in andere landen gevierd wordt, namelijk May Day, Beltane of Walpurgis(nacht), de afstudeerceremonie van scholieren en de Dag van de Arbeid. Dus enerzijds wordt het nieuwe seizoen feestelijk verwelkomd en anderzijds wordt er stilgestaan bij de internationale arbeidersstrijd… met een toefje studentencultuur erbij.

Er gebeurt deze twee dagen van alles. Overal in het land worden evenementen georganiseerd, van braderieën tot aan muziekoptredens en van loterijen tot aan tradities die op de nationale televisie worden uitgezonden. In Helsinki vindt op 30 april het grootste ritueel plaats, namelijk het wassen en “aankleden” van het standbeeld Havis Amanda in de haven. De ceremonie staat bekend als “Mantan lakitus” (“het opzetten van de Manta-pet”). Manta is de bijnaam van het standbeeld, omdat zij een zeenimf voorstelt. Op de foto rechts staat ze nog zonder pet.

Aan het begin van de 20e eeuw claimden studentenverenigingen het beeld als hun eigen feestpunt. Ze gingen het beeld symbolisch wassen en versieren, wat langzaam uitgroeide tot een vaste traditie. Nu wordt er ieder jaar een witte studentenpet (de “ylioppilaslakki“) van bovenaf op het beeld gezet door studenten die aan een hijskraan hangen. Deze pet staat in Finland symbool voor het behalen van het eindexamen en het begin van het volwassen leven. De Scandinavische landen kennen dit concept ook, maar onder andere namen. In Denemarken heet het de “studenterhue“, in Zweden de “studentmössa” en in Noorwegen de “studentlue“.

In Helsinki was het een drukte van jewelste bij het standbeeld. Om 18:00 uur precies wordt de pet op het beeld geplaatst, maar zo rond 17:00 uur stonden er al duizenden mensen klaar. Ik had een prima plekje gescoord en na een tijdje deed ik automatisch mee met het juichen en klappen. Het enthousiasme was behoorlijk aanstekelijk. 😀

Na afloop verspreidde de mensenmassa zich over de stad. In Helsinki is het maar twee keer per jaar zo druk, namelijk op Oudjaarsavond en met Vappu. Hoe later het wordt, hoe meer mensen er naar buiten komen. Dat was goed te zien op het Senaatintori; het centrale plein bij de kathedraal. Daar was aan het begin van de middag namelijk rustiger dan aan het begin van de avond.

Terwijl de meeste studenten nog een feestje opzochten, vertrok in naar mijn appartement in Vantaa. Buiten de stad heerste de gewoonlijke Finse rust en orde, dus ik ging rustig naar bed. De volgende ochtend liep ik over de braderie van Tikkurila, die sterk deed denken aan de Nederlandse seizoensmarkten. Er werden zoetigheden, sieraden en huishoudartikelen verkocht. Er waren groentekraampjes en kermisattracties voor de kinderen. Bijzonder om te merken dat het concept in Finland hetzelfde inhoudt als in Nederland.

Ondertussen begon in Helsinki de volgende traditie, namelijk het zogeheten “vapputervehdykset” (het “Vappu-groeten”). Hierbij ontvangt de Finse president, momenteel Alexander Stubb, diverse groepen bij het Presidentieel Paleis. Het is een informeel moment waarop de president zijn zichtbaarheid en betrokkenheid kan tonen. En volgens mij wordt het ook inderdaad als zodanig door het volk gewaardeerd. Ik was er niet bij, maar heb het later teruggekeken op Instagram.

Eenmaal in de stad aangekomen, kwamen er uit iedere richting vrolijke geluiden. Er speelden veel bandjes en er waren doorlopend parades. Ik ben min of meer door de hele stad gelopen en op sommige plekken bleef ik wat langer staan om naar een optreden te kijken. De sfeer was echt ontzettend ontspannen en vrolijk. Dat het mooi weer was, droeg daar uiteraard ook aan bij. Op de foto’s hieronder kun je zien dat de Esplanadi (de twee hoofdstraten) afgezet waren en dat zich daar de meeste mensen verzameld hadden.

Ik kwam bij het Natuurhistorisch Museum en zag dat de bronzen eland voor het gebouw ook een ylioppilaslakki gekregen had, haha! Sterker nog, ook Manneken Pis in Brussel deed mee, met dank aan de Finse gemeenschap aldaar (via @finlandineu). Maar naast de studentenpet, is er nog een ander cruciaal onderdeel van de Vappu-outfit: de studentenoverall. In Finland hoort dit echt bij je studie, of je nu een feestbeest bent of een serieuze boekenwurm. De kleuren van de haalarit horen bij bepaalde studierichtingen, dus je overall verraadt meteen welke opleiding je volgt. Het is de bedoeling om hem tijdens je studententijd te versieren met patches van evenementen en verenigingen. Een overall is dus al gauw een heel persoonlijk kledingstuk.

Ik deed nog een laatste rondje door het Museumkwartier en langs het Lasipalatsi en pakte daar nog een optreden mee naast het standbeeld van oud-president Kyösti Kallio. Natúúrlijk had ook hij voor de gelegenheid een petje gekregen.

Verder horen er ook typische gerechten en drankjes bij Vappu, waarvan ik ook iets heb kunnen proeven. Ten eerste heb je de welbekende munkki (donuts). Ze zijn naturel of gevuld met karamel/jam. In de ochtend probeerde ik er eentje in Tikkurila en ’s avonds verhuisde ik naar een hotel, waar ze toevallig ook weer stonden. Daar werd ook sima geserveerd; een gefermenteerde citroen- en honingdrank. Ik had geen idee wat het was, dus de eerste slok van het bitterzoete spul was nogal een verrassing.

Door de hele stad stonden kraampjes met snoep. De borden met METRILAKUT trokken steeds mijn aandacht… en toen kon ik de verleiding niet meer weerstaan. Ik heb een zakje met 4 metrilakutten meegenomen, voor onderweg. En eigenlijk ook gewoon omdat ik erom moest lachen. Er staat metri-lakut, niet metrila-kut. Het betekent niets meer of minder dan “drop per meter”, want het gaat hier om snoepslierten van ongeveer een meter. Maar zeg me alsjeblieft dat ik niet de enige ben die moet lachen om die naam!

Dan heb je ook nog tippaleipä, wat een knapperig gebakje is in de vorm van een gefrituurd vogelnestje. De fancy Vappu-gangers drinken daar champagne bij, maar dat heb ik allebei niet geprobeerd. Ach, er is altijd een volgende keer.

Die avond ging ik moe, maar voldaan naar bed. Ik vond de evenementen netjes georganiseerd en de sfeer was echt gezellig en gemoedelijk. Het is zo gaaf dat iedereen meedoet met de tradities, zoals je direct ziet aan het aantal studentenpetten in de stad. Ook alumni doen eraan mee. De bejaarden onder hen hebben hun pet minstens 50 jaar geleden verdiend, dus het is echt een feest voor jong en oud.

Wie weet ben ik er volgend jaar weer bij!

Grootste Vikingmuntschat ooit gevonden in Noorwegen

Soms ga je op pad met de metaaldetector en vind je iets leuks, of iets waardevols. Meestal niet. Maar wat de Noorse detectoristen Vegard Sørlie (links op de foto) en Rune Sætre (rechts) onlangs aantroffen, is ongekend bijzonder.

Ze haalden in de buurt van Rena (zo’n 180 km ten noorden van Oslo) de ene zilveren munt na de andere naar boven, totdat ze er 19 bij elkaar gevonden hadden. Ze besloten om een archeologische melding te maken, want dit vroeg om versterking en expertise. Een team van archeologen werd naar het specifieke veld gestuurd waar de heren zo veel succes hadden… en samen haalden ze maar liefst 3000 munten naar boven!

Beide foto’s © May-Tove Smiseth, Innlandet fylkeskommune

Het zijn voornamelijk Engelse en Duitse munten uit het late Vikingtijdperk. Interessant genoeg is een deel van de munten geslagen in Denemarken en in Noorwegen zelf, tijdens de regeerperiode van Harald Hardrada (Sigurdsson). Deze koning had het succes van een nationaal muntsysteem meegemaakt in Byzantium en voerde dit na zijn terugkeer zelf ook in, zo rond het jaar 1045. Numismatist Svein Harald Gullbekk vermoedt dat de muntschat rond 1050 begraven is, waarmee de Noorse exemplaren nog vrij ‘jong’ waren voordat ze de grond in gingen. De (her)ontdekking vond bijna een millennium later plaats, namelijk op 10 april 2026. De vindplaats werd aanvankelijk geheimgehouden en vanwege het Noorse allemannsretten is dat natuurlijk niet verrassend. Afgelopen maandag is het grootste deel van de vondst naar het muntenkabinet van het Kulturhistorisk Museum in Oslo gebracht. Daar worden de munten nu verder onderzocht.

Er wordt nog steeds gegraven en er worden nog steeds munten gevonden. Daarmee worden nu de eerste 3000 munten aangeduid als de “Mørstad Hoard“, vernoemd naar de boerderij waar het veld bij hoort. Het begraven van rijkdom was in het Vikingtijdperk een algemeen gebruik. Je stopte je munten in een tasje, buidel of kistje (je ‘portemonnee’) en vervolgens verborg je het op een strategische plek die je geheimhield (je ‘bank’ of ‘kluis’). De grond deed dan het bewaarwerk voor jou. Dat zulke muntdeposities niet (meer) zijn opgegraven door de eigenaar, kon allerlei redenen hebben. Denk aan sterfte, oorlogen en gedwongen verhuizingen. En zo fungeert de bodem niet meer alleen als kluis, maar ook als tijdcapsule.

Gullbekk verwacht nog meer te vinden in het gebied en gehoopt wordt op sporen van menselijke activiteit, met name van nederzettingen. Het onderzoek zal de komende maanden doorgaan, want nu zijn de omstandigheden perfect om te graven. Indien er weer nieuws is, verschijnt het hier in het Nederlands. 😉

Appetijtelijk kijken in het LAM

Afgelopen weekend bezochten mijn moeder en ik het LAM in Lisse. We waren er allebei nog nooit eerder geweest en ik was erg benieuwd naar een specifiek doek waarover ik in het Museumtijdschrift gelezen had: een portret met… kaas.

Op dit moment loopt namelijk de tentoonstelling “Lekker portret”, boordevol eetportretten. Dat zijn kunstwerken waarin voedsel als gezicht of karakter wordt verbeeld. Op de bovenste verdieping loop je als bezoeker zodoende langs kunstwerken waarin je een glimlach kan ontdekken, of juist een sip gezichtje. Het zien van gezichten in dingen die eigenlijk geen gezicht zijn, noem je pareidolie. Het eerdergenoemde doek met de plak kaas vond ik daarvan het beste voorbeeld. Het schilderij is van Robert Roest en heet “Casus I”. Ik werd er zelf erg geval vrolijk van. 😀

Op de tweede en eerste verdieping (in het LAM loop je van boven naar beneden) zijn nog meer werken te zien die met smaak, voedsel, eetcultuur of walging te maken hebben. Het LAM staat dan ook bekend om moderne kunst rondom eten, drinken en consumeren. De foto’s hierboven en hieronder tonen slechts een greep daarvan. Het ene werk is nog absurder dan het andere, zoals “Jan Patat” van Sietske Zandbergen. Een ongemakkelijk figuur, waar je dan toch even naast wil gaan zitten. Een enkel werk vond ik ronduit smerig, zoals de kauwgomballen van Kira Fröse. Goed, het materiaal was keramiek, maar de associatie met uitgekauwde kauwgomproppen maakte dat ik er geen foto van gemaakt heb. Andere schilderijen waren gelukkig stukken frisser, zoals “Iceberg Lettuce” van Tjalf Sparnaay. Daar kreeg je bijna trek van.

Indrukwekkend is de installatie van Itamar Gilboa, die een jaar lang bijhield wat hij at en dronk en het eindresultaat tot uiting brengt in een werk met 8000 porseleinen voedselproducten. De titel is “Self Portrait – What I Ate in a Year”. Dit is misschien wel het bekendste werk dat het museum heeft.

Het laatste grote driedimensionale werk waar je langsloopt, is “Bad Grapes” van Kathleen Ryan. Deze druiven van edelstenen en kralen trekken meteen de aandacht. De afzonderlijke steentjes glinsteren je tegemoet. Ik, als ekster die van edelstenen houdt, kan hier echt uren naar kijken. Zo mooi. En alle losse delen maken een herkenbaar geheel. Dit zijn de enige rotte druiven die je in je huis zou willen hebben!

En nog een eervolle vermelding voor een foto waar wij hard om moesten lachen, van een druiventakje op een stukje keukenpapier. Als mijn moeder druiven eet, legt ze ook altijd een klein takje op een stukje keukenpapier na het wassen van de druifjes. Dan eet ze het trosje uit de hand, met het keukenpapiertje eronder tegen het druppen. Ze had het thuis direct nagemaakt, hahaha. Kan ze dit werk nu verkopen? 🙂

Of de getoonde werken nu wel of niet kunstwaardig zijn, is natuurlijk een kwestie van perspectief en smaak. Wij hebben in ieder geval een gezellige tijd gehad in het museum en deden na afloop ook nog even een rondje door de tuinen van Kasteel Keukenhof, dat er direct naast ligt. Het LAM is goed te bereiken en er is gratis parkeergelegenheid. Bedenk van tevoren wel even of je het LAM gaat (wilt) bezoeken als de Keukenhof ook open is. Dit veroorzaakt namelijk een behoorlijke file rondom het terrein. Daar hadden wij niet over nagedacht en zo waren we ineens een half uur langer onderweg. Afijn, het was niet onoverkomelijk, maar wel iets om rekening mee te houden. In het museum zelf was het weer rustig en overzichtelijk. 🙂

De Tijdlijn van Suomenlinna (Finland)

Eindelijk! Deze nieuwe tijdlijnvideo toont de geschiedenis van Suomenlinna, een forteiland voor de kust van Helsinki (Finland). In de 18e eeuw werden deze kalme, kale rotsen door de Zweedse overheid omgevormd tot een indrukwekkend bastionfort. Het project kreeg de naam “Sveaborg” (“Kasteel van de Zweden“) en was bedoeld om de Finse kustlijn te verdedigen tegen aanvallen van het Russische Rijk.

Als gevolg van de Finse Oorlog (1808-1809) wisselden de eilanden van eigenaar. Terwijl het Zweedse Rijk afbrokkelde, werd Sveaborg door de Russen beheerd en gemoderniseerd. Aan het begin van de 20e eeuw had de Russische administratie de handen vol aan de Eerste Wereldoorlog en de interne Russische Revolutie(s). Finland werd onafhankelijk en het fort werd omgedoopt tot “Suomenlinna” (“Kasteel van Finland“).

Het bezoeken en filmen van Suomenlinna was voor mij een bucket list-ervaring. Al jaren had ik plaatjes en informatie over deze plek op mijn telefoon staan en nu had ik eindelijk de kans om het met eigen ogen te bekijken. Zelfs in de winter is het een fijne en makkelijke plek om te bezoeken; het pontje brengt bezoekers in 15 minuten heen en weer. Veel gebouwen, winkels en cafés zijn open in het laagseizoen; zo ook het Suomenlinna Museum. Dat is sowieso een warme en leerzame plek. Ik was positief verrast door de faciliteiten op de eilanden. Zomers is er zelfs nóg meer te beleven. Dit is in alle seizoenen een indrukwekkende plek. 🙂

En daar gaat ook het laatste Vikingschip…

Niet weg, niet naar de overkant van de Noordzee, niet over woeste wateren om te handelen met onbekende volken… Nee, vandaag wordt het Tune-schip verplaatst naar het nieuwe Vikingtidsmuseet nabij Oslo.

Dit is het laatste Vikingschip dat met bloed, zweet en tranen naar de nieuwe tentoonstellingsruimte verplaatst moet worden. In november schreef ik al over de verhuizing van de Oseberg en de Gokstad (lees het artikel hier). De Tune spreekt misschien minder tot de verbeelding, omdat dit schip er niet zo indrukwekkend uitziet als zijn grotere broers. Het is ook minder gepreserveerd dan de andere twee; dat kun je meteen zien. Maar juist daarom is het ook het meest historisch authentieke schip uit de collectie!

De Tune is in 1867 opgegraven in Sarpsborg (Rolvsøy) in Østfold. Aan het begin van de 10e eeuw is het gebruikt als grafschip, het jaartal wordt geschat op 910. Het schip zelf is iets ouder dan dat en is waarschijnlijk van tevoren nog gebruikt op het water. Het is de laatste onderneming van het monsterproject om het nieuwe Vikingtidsmuseet te realiseren. De Tune legt een “pad” af van maar liefst 130 meter. De totale verhuizing duurt dan ook 3 dagen, waarvan vandaag de belangrijkste dag is. Ik ben deze keer wat meer betrokken dan ik bij de andere schepen was. Omdat het nu voorjaarsvakantie is, kan ik de live-updates volgen. Ook meekijken? Schakel over naar de sociale media van het museum via @vikingtidsmuseet.

Aan het einde van deze week mag het team zó trots zijn op deze prestaties! Dan staan de drie Vikingschepen klaar voor het grote publiek. 🙂

De Turun joulurauha – ik was erbij!

Dit jaar heb ik een bijzondere Finse traditie meegemaakt, namelijk de “Turun joulurauha“, oftewel, de “kerstvrede van Turku”.

Stadssecretaris Eero Soikkanen leest de vrede voor in 1965. Foto uit het publieke domein.

De kerstvrede van Turku is een belangrijke traditie die stamt uit de middeleeuwen. Jaarlijks wordt deze vrede op 24 december afgekondigd in de stad Turku, om klokslag 12:00 uur. Het is een officiële en nationale gebeurtenis die wordt uitgezonden door de Finse publieke omroep. De “kaupunginlakimies” of “kaupunginsihteeri” (stadssecretaris) van Turku leest de eeuwenoude tekst voor in het Fins en in het Zweeds. Is de stadssecretaris niet beschikbaar, dan doet een andere stadsambtenaar het. Dit jaar werd de vrede uitgesproken door Mika Akkanen, Turku’s “protokollapäällikkö” (het hoofd van de protocollaire dienst).

De tekst is grotendeels historisch authentiek en wordt elk jaar op dezelfde manier voorgelezen. Daarbij wordt de bevolking opgeroepen om de feestdagen in rust en harmonie door te brengen en conflicten te vermijden. De ceremonie symboliseert vrede, saamhorigheid en respect voor elkaar tijdens de donkerste dagen van het jaar.

Ook de plek is symbolisch, het gebeurt namelijk vanaf het balkon van het Brinkkala-gebouw op het Oude Grote Plein (“Vanha Suurtori”). De eerste gebouwen van de stad verrezen rondom dit plein, maar inmiddels is de centrale marktfunctie overgenomen door het Marktplein (“Kauppatori”). Dat deze plek belangrijk was/is, merk je ook aan de nabijheid van de twee universiteiten die de stad rijk is: de Finstalige Turun Yliopisto en de Zweedstalige Åbo Akademi.

Het Brinkkala-gebouw diende lang als bestuurscentrum. Nu wordt het gebruikt voor ceremoniële en culturele doeleinden.

Ik was onder de indruk van deze traditie. Het had iets magisch: halverwege de tekst begon het zachtjes te sneeuwen en iedereen deed (alsnog) zijn muts/hoed af voor het volkslied. Bovendien had ik nog nooit zoveel Finnen bij elkaar gezien, haha! We liepen in colonnes naar het plein, maar alles verliep ontzettend kalm en geordend. Na de laatste klanken van het orkest, stroomde het plein leeg en ging iedereen gewoon weer rustig naar huis. Heerlijk! Ik ben blij dat ik erbij was.

Op avontuur onder het Domplein (Utrecht)

Ik kreeg laatst een uitnodiging voor een heel leuk uitje: een rondleiding door Paleis Lofen in Utrecht. Deze keizerlijke residentie staat vandaag niet meer overeind… maar bestaat nog wel onder de grond!

De rondleiding begint op het Domplein. Daar schetst de gids een beeld van de historische context. Hoe zag Utrecht eruit in de hoge middeleeuwen? Wat was het belang van de rivieren in de omgeving? Wie had er de macht? Het begint eigenlijk al met een mini-college op de plek waar het allemaal gebeurde. Daarna loop je door naar de tegenwoordige “ingang” van Paleis Lofen, aan de Vismarkt. Daar daal je af naar beneden, totdat je in zalen staat die onder het Domplein liggen.

Onder de grond vertelt de gids verder. Je krijgt ook een audiotour met meer informatie over de vondsten in de vitrines. En als afsluiter neem je plaats in een filmzaal, waar drie grote schermen ervoor zorgen dat je zelf getuige wordt van de geboorte van Utrecht. Het geluid komt uit alle hoeken en je hebt ogen tekort. Als je in het midden van de zaal zit, lopen de schermen bijna 360 graden rond!

In de video hieronder neem ik jullie mee. Maar eigenlijk gaat er niets boven de ervaring ter plaatse. Als je in de kelders onder de imposante zuilen doorloopt, waan je je direct in de middeleeuwen. Zeker met de archeologische vondsten erbij, krijg je een heel accuraat tijdsbeeld. En in de laatste ruimte waar de rondleiding langs voert, kun je zelfs nog op een stukje Romeinse muur staan. Echt een uniek ondergronds avontuur!


Veel dank aan Stichting Ondergronds Domplein voor de uitnodiging.

De laatste Viking

Gisteren heb ik de gloednieuwe Deense film “Den sidste viking” (“De laatste Viking“) in de bioscoop gezien. Het verhaal is geheel fictief, met hoofdrollen voor Mads Mikkelsen, Nikolaj Lie Kaas en Sofie Gråbøl. Maar de laatste Viking bestaat wél als concept en wordt symbolisch verbeeld in Trondheim. In dit artikel leg ik uit wat de connectie is tussen de Deense film en het Noorse concept.

Eerst een woordje over de film. Het verhaal draait om de crimineel Anker die gearresteerd wordt voor een bankoverval. Terwijl hij een gevangenisstraf van 15 jaar uitzit, moet zijn broer Manfred het gestolen geld verstoppen. Na zijn vrijlating ontdekt Anker dat Manfred inmiddels een behoorlijk zware dissociatieve identiteitsstoornis heeft ontwikkeld. Omdat Manfred het ene moment denkt dat hij John Lennon is en het andere moment gelooft dat hij een Viking is, kan hij zich ook niet meer herinneren waar hij het geld verstopt heeft. Het verhaal is typisch en ook tamelijk bizar. Eigenlijk is de hele film gewelddadig, zielig en grappig tegelijk. Deense cinema ten voeten uit; ik vond het een leuke film.

Zentropa / Film i Väst / Vertigo Média (foto door Rolf Konow).

Maar de naam is niet zonder reden gekozen. Referenties aan het Vikingerfgoed moet je in Scandinavië serieus nemen, omdat daarmee vaak een concreet gevoel of concept bedoeld wordt. In mijn beleving is het Vikingtijdperk voor Denemarken net zo belangrijk als voor Zweden en Noorwegen. En zo komen we bij de Noorse stad Trondheim. Wie daar langs de oude vismarkt Ravnkloa wandelt, kan het bronzen beeld “Den siste viking” niet missen. Hoewel de naam anders doet vermoeden, herdenkt het beeld geen historische krijger uit de Vikingtijd. Nee, het is juist een modern symbolisch werk om de Noorse zeevaarttraditie te herdenken.

Het beeld werd in 1990 gemaakt door de Noorse beeldhouwer Nils Aas. Het stelt een visser voor, verwijzend naar de gevaarlijke oceaantochten die de Noorse vissers tot ver in de 20e eeuw maakten voor hun broodwinning. Dat concept (stoere zeevaarders die hun leven wagen op zee) sluit het aan bij het romantische beeld dat veel mensen vandaag van de Vikingen hebben. Op een bepaalde manier is Scandinavië daar ook trots op; want nog altijd worden er boeken, films, kunstwerken en theatervoorstellingen aan gewijd. De naam van het standbeeld benadrukt daarom ook een soort culturele continuïteit tussen de middeleeuwse Vikingen en de (vroeg)moderne Noorse vissers en kustbewoners. In de literatuur, zoals in de roman “Den siste Viking” van Johan Bojer, werd deze vergelijking overigens al veel eerder gemaakt (namelijk in 1929).

De Vikingtijd eindigde rond het midden van de 11e eeuw. Maar de herinnering aan dit tijdperk leeft voor altijd voort… en kunnen we regelmatig in de bioscoop bewonderen. 😉

Lesinspiratie: Conferentie van Berlijn (1884-1885)

Barbaar Educatie heeft hun opdracht over de Conferentie van Berlijn (1884-1885) een update gegeven. Ik publiceerde mijn bevindingen al eerder (klik hier), maar ik wil deze leerzame opdracht graag nogmaals met een groter publiek delen, want de les valt bij leerlingen goed in de smaak.

Bij de opdracht horen verschillende bladen. Eén met de uitleg, één met 4 kaartjes met historische personen en drie bladen met geografische kaarten. Het is de bedoeling dat de personen van elkaar losgeknipt worden, want dit zijn de “spelers” waarin de leerlingen zich moeten verplaatsen. Als ik de opdracht gebruik, print ik zelf altijd genoeg bladen zodat iedere leerling in zijn eentje een speler vertegenwoordigt. Dat raad ik ook aan, want na een tijdje barst de competitiviteit los en dan is het leuk als iedereen voor zichzelf kan spelen.

De leerlingen moeten doen alsof zij Otto von Bismarck, Lord Salisbury, Jules Ferry of Leopold II zijn. Op de kaartjes staan hun belangen en hun wensen. De vier heren (dus de leerlingen) komen samen op de Conferentie van Berlijn en proberen allemaal voor hun eigen land “het beste stukje Afrika” te claimen. Net zo absurd als het in het echt gegaan is in 1884-1885; in het gebouw van de oude Rijkskanselarij aan de Wilhelmstraße in Berlijn. De bladen met de geografische kaarten tonen waar de meeste grondstoffen zitten en waar al Europese koloniën zijn. Er is ook een kaart met Afrikaanse staten. Uiteraard moeten de leerlingen daar rekening mee houden… of dat in ieder geval proberen. Het doel is om uiteindelijk tot een akkoord te komen en Afrika op een blanco kaart onderling opnieuw te verdelen.

Ik heb de opdracht nu voor de derde keer gebruikt en de leerresultaten bevallen me zeer goed. Docenten kunnen er vanuit gaan dat de leerlingen na een tijdje fanatiek gaan “vechten” om de Afrikaanse grond. Terwijl de leerlingen bezig zijn, schrijf ik hun uitspraken op de achterkant van het bord. Ik vraag hen of ze een akkoord bereikt hebben en hoor hun motieven en afwegingen aan.

Vervolgens confronteer ik hen met hun eigen quotes, zoals “Ik wil ook een beetje rubber hebben, Engeland heeft rubber nodig!” of “Dit deel hoef ik niet, ik wil dat andere deel hebben!” of zelfs “Laten we dit gebied samen van Frankrijk afpakken, zodat Frankrijk alle inkomsten misloopt!“. Al snel concluderen we gezamenlijk hoe schandalig de hele situatie is. Afrika was nooit het bezit van de Europese machten die samenkwamen op de Conferentie van Berlijn. Afrika kon helemaal niet opnieuw verdeeld worden, maar toch is het gebeurd. Stof tot nadenken.

We sluiten af met het nummer “Plus rien ne m’étonnes” van de Ivoriaanse artiest Tiken Jah Fakoly. Hij zingt heel krachtig “Ze hebben de wereld verdeeld… niets verbaast me meer“. Zo onderstreept de songtekst wat de leerlingen geleerd hebben.

Wie deze opdracht zelf in de klas wil uitvoeren, kan de bladen simpelweg hier bekijken en gratis downloaden. Barbaar Educatie heeft overigens ook nog andere opdrachten, kijk maar op hun website. Zo laat je de lesstof echt landen!