En dat was een middag die veel indruk op me maakte. We gingen hier al vroeg tijdens de reis aan land, maar omdat ik nog wat dingen wilde uitzoeken liet het artikel even op zich wachten. Het gaat hier om het dorpje Ny-Ålesund, dat op 79 graden noorderbreedte aan de Kongsfjord (Spitsbergen) ligt. Tegenwoordig wonen hier vooral wetenschappers en medewerkers van een mijnbedrijf, maar de nederzetting heeft nog altijd een knus, dorps karakter. En omdat we ons zo diep in het Hoge Noorden bevinden, zijn de alledaagse voorzieningen hier automatisch bijzonder.


Op weg naar de kustlijn zagen we enkele dwergvinvissen. Het was dus al feest voordat we met de zodiacs aan land gingen! De nederzetting tekent zich duidelijk af tegen de coulissen van het toendralandschap, want de industriële bebouwing is al van veraf te zien. Een constructie die letterlijk overal bovenuit steekt is de zeppelinmast die Roald Amundsen en Umberto Nobile gebruikt hebben tijdens hun poolexpedities. Daarover later meer.
Ny-Ålesund is sowieso een plek waar je letterlijk door de geschiedenis loopt, hoewel er “slechts” een eeuw aan bedrijvigheid heeft plaatsgevonden. De nederzetting werd namelijk in 1916 gesticht door de Kings Bay Kull Compani AS (KBKC); een Noors mijnbouwbedrijf uit Ålesund, op het vasteland van Noorwegen. De naam van het bedrijf laat zich makkelijk verklaren: Kings Bay is de Engelse term voor de Kongsfjord, kull betekent “steenkool” en compani betekent “bedrijf”. Het plan voor de KBKC kwam dus uit Ålesund in Noorwegen en Ny-Ålesund werd speciaal aangelegd als mijndorp op Spitsbergen om daar steenkool te kunnen winnen. In 1917 werd er onder leiding van oprichter en ijszeekapitein Peter S. Brandal begonnen met de aanleg van de mijn en de voorzieningen voor de mijnwerkers.


Voordat je aanmeert bij Ny-Ålesund, moet je de WiFi en Bluetooth van je elektronische apparaten uitschakelen. Daartoe is iedereen wettelijk verplicht, omdat hier zeer gevoelige meetapparatuur staat. Ze hebben het liefste dat je helemaal geen apparaten meeneemt. Ik moest ook ruim van tevoren een vergunning voor mijn diabetessensor aanvragen, want dat ding opereert standaard met Bluetooth maar zit vast in mijn lichaam. Beetje moeilijk om hem op de boot te laten liggen… Ook mag je alleen wandelen over de paden van de rode lijn. Overal daarbuiten is de natuur kwetsbaar of wordt er wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd. Even opletten dus.


Het eerste wat je ziet als je aan land gaat is een afgeschreven locomotief. Ernaast liggen oude spoorrails. Een opmerkelijk aanzicht, maar eigenlijk logisch om hier tegen te komen. Want om de gewonnen steenkool naar de haven te vervoeren, werden er spoorlijntjes aangelegd. Ny-Ålesund kreeg daarmee de meest noordelijke spoorlijn ter wereld! Het dorpse karakter wordt bepaald door de houten gebouwen. Eenvoudig en sober ingericht, maar knus. De huizen in Ny-Ålesund werden speciaal gebouwd voor de mijnwerkers en hun gezinnen. Maar naast woningen waren er natuurlijk ook werkplaatsen, opslagruimtes en andere voorzieningen nodig voor de gemeenschap die op deze afgelegen plek ging wonen.


De mijnbouw bleef tot 1963 de belangrijkste economische bezigheid. Daarna kreeg Ny-Ålesund geleidelijk aan een nieuwe bestemming als centrum voor (internationaal) wetenschappelijk onderzoek. Je kunt er een gratis museum bezoeken, met enkele objecten en historische foto’s. Het is interessant om daarmee te beginnen, zodat je tijdlijn van het dorpje helder hebt voordat je de gebouwen bekijkt. En eerlijk gezegd was het ook fijn om even binnen te zijn, beschermd tegen de kou en de snijdende wind. Aan de randen van het dorp zijn de overblijfselen van de mijnactiviteiten inmiddels onderdeel geworden van het historische landschap. De installaties worden nu als erfgoed beschermd. Alle historische gebouwen worden daarentegen nog steeds gebruikt, maar meestal wel met een andere functie. Veel woonhuizen zijn bijvoorbeeld getransformeerd tot kantoren en onderzoeksruimten.


Vanaf de jaren ’30 wilde de Noorse regering Ny-Ålesund promoten onder toeristen. Het idee was dat het geld dat zij hier zouden uitgeven, de nederzetting direct ten goede zou komen. Ook zou het eenvoudiger worden om spullen vanuit Noorwegen mee te nemen. Want als er toch al een toeristisch schip heen zou gaan, maak je geen extra kosten. Om die reden opende in 1939 het charmante Nordpolhotellet (het “Noordpoolhotel”). Deze accommodatie paste goed bij de ontwikkelingen van de tijd, want de jaren ’30 vormden min of meer het hoogtepunt van het tijdperk van de poolexpedities (±1890-1950). In deze decennia werden vele wetenschappelijke ontdekkingstochten naar de Noordpool en Zuidpool uitgevoerd, mede mogelijk gemaakt door nieuwe technologieën zoals het luchtschip en het vliegtuig. Hier kwam ook een enorme internationale wedijver bij kijken, want net als in het koloniale tijdperk wilde ieder westers land de eerste, de snelste en de beste zijn. Het Nordpolhotellet is nog steeds een hotel, want je kunt er in principe overnachten. Maar je kunt geen kamer boeken, je moet je met een hele goede reden aanmelden bij de Gouverneur van Svalbard. 😉





Al struinende langs de gebouwtjes, kom je verschillende oude winkeltjes en faciliteiten zoals een schoolgebouw en een telegraafcentrale tegen. In het oog springt een blauw posthuisje, waar je de meest noordelijke postbus ter wereld vindt. En ja, die wordt echt gebruikt! Ik had mijn kaartjes al verstuurd vanuit Longyearbyen en die deden er slechts 8 dagen over om in Nederland bezorgd te worden. Dat hebben ze goed voor elkaar. 🙂




Het belangrijkste historische object van Ny-Ålesund is de luchtscheepsmast, een enorm metalen bouwwerk ten westen van de bebouwing. Deze constructie was van grote betekenis tijdens het tijdperk van de poolexpedities, want de mast werd gebruikt om luchtschepen aan de grond te bevestigen. In 1926 vertrok het luchtschip Norge vanuit Ny-Ålesund richting de Noordpool, als onderdeel van de expeditie van de Noorse Roald Amundsen, de Amerikaanse Lincoln Ellsworth en de Italiaanse Umberto Nobile. Op 11 mei vloog het luchtschip over de Noordpool om vervolgens door te vliegen naar Alaska. Daarmee was de expeditie een succes en werd Ny-Ålesund internationaal op de kaart gezet als uitvalsbasis voor poolonderzoek.


Zittend v.l.n.r. Amundsen, Ellsworth en Nobile.
Twee jaar later keerde Nobile terug naar Ny-Ålesund, deze keer met het Italiaanse luchtschip Italia. Ook deze expeditie had de Noordpool als bestemming. Op 23 mei vertrok hij met zijn bemanning en even later bereikte het luchtschip het poolpunt. Tijdens de terugtocht ging het echter mis: op 25 mei 1928 stortte de Italia neer op het pakijs ten noorden van Svalbard. Een deel van de crew kwam op het ijs terecht, terwijl andere bemanningsleden met het luchtschip in het ijskoude water verdwenen. Er werd direct een internationale reddingsactie op poten gezet, waaraan maar liefst 23 vliegtuigen en 20 schepen uit 7 verschillende landen deelnamen. Ook Roald Amundsen ging op zoek naar de vermiste expeditieleden. Concurrenten of niet, de poolreizigers waren ook altijd nog collega’s. Zijn vliegtuig verdween echter op 18 juni boven zee en daarmee verdween ook Roald Amundsen spoorloos. Hij was dus zelf gesneuveld terwijl hij Nobile probeerde te redden. Uiteindelijk werden de overlevenden van de Italia gevonden en met de Sovjet-ijsbreker Krassin opgehaald. Maar niet iedereen werd gevonden en Amundsen zou nooit meer terugkeren. Het was een internationaal drama en een enorme nationale schok voor Noorwegen en Italië.



Deze geschiedenis is de reden dat Roald Amundsen in Noorwegen, op Svalbard en vooral in Ny-Ålesund geëerd wordt als nationale held. De woning van de directeur van de KBKC werd na het drama omgedoopt tot “Amundsenvilla” omdat Amundsen er in 1925 en 1926 enkele weken had verbleven. Op 11 mei 1976, precies 50 jaar nadat de Norge aan de succesvolle poolreis begon, werd er in het centrum van Ny-Ålesund een bronzen buste van Amundsen onthuld. De (moderne) Noorse ontdekkingsreiziger Helge Ingstad leidde de ceremonie.


Terwijl onze gids vertelde over de Norge en de Italia, verscheen er plotseling een poolvos achter de mast. De eerste die onze groep met eigen ogen kon spotten. Een minuut later hoorden we gespetter achter ons en dook er een zadelrob op in het water van de baai. De natuur is hier echt ongelofelijk.
Na het bezoek aan de luchtscheepsmast was het alweer tijd om terug te keren naar het schip. Voor mij persoonlijk was dit een hoogtepunt van de reis. Amundsen kende ik al, maar in Ny-Ålesund kwam hij voor mij echt “tot leven”. Hier woonde en werkte hij, hier gebeurde het allemaal. En dat nog geen eeuw geleden. Het straatbeeld is zo interessant om te zien. Een oud houten mijnwerkershuis staat makkelijk naast een hypermodern glazen laboratorium. Met de komst van een satellietstation in de jaren ’60 groeide het wetenschappelijke belang van de nederzetting nog meer. En ook dat merk je ter plaatse, want je komt er vriendelijke onderzoekers tegen die niet te beroerd zijn om iets over hun poolexperimenten te vertellen. Zij houden zich onder andere bezig met het klimaat, de atmosfeer, de lokale geologie, de gletsjers, de oceanen en het polaire ecosysteem. Ontzettend interessant allemaal. Op de terugweg in de zodiac volgde de kers op de taart: we zagen een groep bultruggen in de verte. Eentje maakte een diepe duik en liet daarbij zijn staartvin zien. Dat heb ik niet op camera; dat beeld staat voor altijd op mijn netvlies gebrand. 😀








































































