3x Kort Vikingnieuws

Minder dan drie weken geleden berichtte ik over de ontdekking van de Mørstad Hoard, de grootste Vikingmuntschat die ooit in Noorwegen gevonden is. Maar enkele dagen later las ik dat er in Denemarken in dezelfde periode ook iets moois opgeduikeld was. Vervolgens zag ik nog een ontdekking voorbijkomen op het Noorse nieuws. En ondertussen kwam er ook Vikingnieuws uit Zweden. Het ging sneller dan ik kon typen, ook omdat ik druk bezig was met de eindexamens. Maar het is allemaal zo interessant, dat ik besloten heb om de nieuwtjes te bundelen in dit artikel. Nooit gedacht dat ik dit ooit zou schrijven, maar ik presenteer u… het Vikingnieuwsbulletin van mei 2026.

Denemarken – 8 mei 2026

Op 22 april ontdekte een man tijdens een boswandeling in Rold (provincie Nordjylland) iets heel opmerkelijks. Tussen het struikgewas staken twee gouden (!) armbanden uit de grond. De man maakte een melding en archeologen haastten zich naar de vindplaats voor verder onderzoek. Ze vonden uiteindelijk nog vier armbanden, samen goed voor bijna 800 gram goud! De schat kreeg direct een naam, namelijk de “Rold Hoard“. Deze vondst is één van de grootste Viking-goudvondsten ooit in gevonden Denemarken… En dat terwijl goud als materiaal voor juwelen veel minder vaak voorkwam dan zilver. De sieraden stammen uit de regeerperiode van koning Harald Blauwtand, net als de recent ontdekte graven bij Lisbjerg waar ik al eerder over schreef. De armbanden kunnen als koninklijke geschenken aan bondgenoten of krijgers gegeven zijn. Een andere mogelijkheid is dat het goud bewust door een rijke eigenaar begraven is tijdens een onrustige periode of als offer aan de goden. Eén van de armbanden valt extra op door een uniek zigzagpatroon dat zelden bij Vikingkunst wordt gezien. Net als bij de Mørstad Hoard, werd de vindplaats een paar weken geheimgehouden voordat het nieuws naar buiten kwam. Binnenkort zullen de armbanden te zien zijn in het Aalborg Historiske Museum.

© Nordjyske Museer

Noorwegen – 10 mei 2026

In de buurt van het Noorse dorp Brandbu (provincie Innlandet) trok de 6-jarige Henrik Refsnes Mørtvedt een Vikingzwaard uit de grond. Hij was met zijn klas op schooltrip bij de Rækstad-boerderij en de kinderen liepen over omgeploegde velden. Henrik zag een ijzeren knop uitsteken en trok vervolgens letterlijk een artefact uit de grond dat meer dan een millennium oud is. Het zwaard stamt vermoedelijk uit het vroege Vikingtijdperk, dus het einde van de 8e eeuw. Dat was in Scandinavië de Merovingische periode en daarover is minder bekend dan over het late Vikingtijdperk. Het type zwaard is een enegget (een enkelsnijdend zwaard, met één scherpe kant). Het onderzoek loopt nog en archeologen hopen met röntgenonderzoek en metaalanalyse te ontdekken hoe het zwaard gemaakt en gebruikt is. Wat een verhaal voor die kleine man! 😀

Zweden – 11 mei 2026

Het Historiska (Historisch Museum) in Stockholm heeft 3D-scans van de Vendel-helmen gemaakt en gepubliceerd op hun website. Deze beroemde helmen werden gevonden in bootgraven in Vendel, Valsgärde en Ultuna (provincie Uppland) en stammen uit de Vendeltijd (ca. 550-750). Het einde van deze periode vormde het begin van het Vikingtijdperk. De Vendeltijd wordt als een eigen periode gezien vanwege de uitgesproken krijgerscultuur en de rijk versierde wapens. Het museum heeft de helmen met fotogrammetrie tot in de kleinste details digitaal vastgelegd, inclusief de bronzen decoraties en brilvormige gezichtsbescherming. Via deze link kun je de modellen bekijken. Je kunt behoorlijk inzoomen en je kunt ze met je muis draaien en zelfs downloaden via platforms als Sketchfab. Het project maakt deel uit van een groter Europees project (met de naam “Twin It!“) om erfgoed te digitaliseren en toegankelijk te maken voor een wereldwijd publiek. Ik dacht meteen na over manieren om de scans te gebruiken voor de geschiedenislessen op school. Dit vind ik nog eens een geweldige inzet van moderne technologie! 🙂

© Historiska Stockholm, CC-BY 4.0

Nerdland Festival 2026

Alle nerds van Vlaanderen en Nederland opgelet! Vol enthousiasme mag ik jullie mededelen dat ik dit jaar weer op het Nerdland Festival sta! 😀


Deze keer neem ik jullie mee naar het Vikingtijdperk. En net als vorig jaar, heeft mijn focus talk een interactief quiz-element. Je kunt dus meteen je eigen kennis over de Noormannen testen. Nadien deel ik de meest recente wetenschappelijke inzichten over de Vikingen, die voor mijn discipline natuurlijk uit de geschiedkunde en de archeologie komen.

Wat is feit en wat is mythe over de Vikingen? Ontdek het op zondag 24 mei, om 19:00 uur in The Temple! Naast dit historische avontuur is er weer van alles te beleven, te leren en te exploreren op het Provinciaal Domein Puyenbroeck in Wachtebeke. Van astronomie tot LEGO, van insectologie tot Formule 1. Bezoek www.nerdlandfestival.be voor het volledige programma. Wie benieuwd is naar de sfeer, kan deze terugblik en deze video van vorig jaar bekijken.

P.S. De kaarten gaan hard! 😉

Grootste Vikingmuntschat ooit gevonden in Noorwegen

Soms ga je op pad met de metaaldetector en vind je iets leuks, of iets waardevols. Meestal niet. Maar wat de Noorse detectoristen Vegard Sørlie (links op de foto) en Rune Sætre (rechts) onlangs aantroffen, is ongekend bijzonder.

Ze haalden in de buurt van Rena (zo’n 180 km ten noorden van Oslo) de ene zilveren munt na de andere naar boven, totdat ze er 19 bij elkaar gevonden hadden. Ze besloten om een archeologische melding te maken, want dit vroeg om versterking en expertise. Een team van archeologen werd naar het specifieke veld gestuurd waar de heren zo veel succes hadden… en samen haalden ze maar liefst 3000 munten naar boven!

Beide foto’s © May-Tove Smiseth, Innlandet fylkeskommune

Het zijn voornamelijk Engelse en Duitse munten uit het late Vikingtijdperk. Interessant genoeg is een deel van de munten geslagen in Denemarken en in Noorwegen zelf, tijdens de regeerperiode van Harald Hardrada (Sigurdsson). Deze koning had het succes van een nationaal muntsysteem meegemaakt in Byzantium en voerde dit na zijn terugkeer zelf ook in, zo rond het jaar 1045. Numismatist Svein Harald Gullbekk vermoedt dat de muntschat rond 1050 begraven is, waarmee de Noorse exemplaren nog vrij ‘jong’ waren voordat ze de grond in gingen. De (her)ontdekking vond bijna een millennium later plaats, namelijk op 10 april 2026. De vindplaats werd aanvankelijk geheimgehouden en vanwege het Noorse allemannsretten is dat natuurlijk niet verrassend. Afgelopen maandag is het grootste deel van de vondst naar het muntenkabinet van het Kulturhistorisk Museum in Oslo gebracht. Daar worden de munten nu verder onderzocht.

Er wordt nog steeds gegraven en er worden nog steeds munten gevonden. Daarmee worden nu de eerste 3000 munten aangeduid als de “Mørstad Hoard“, vernoemd naar de boerderij waar het veld bij hoort. Het begraven van rijkdom was in het Vikingtijdperk een algemeen gebruik. Je stopte je munten in een tasje, buidel of kistje (je ‘portemonnee’) en vervolgens verborg je het op een strategische plek die je geheimhield (je ‘bank’ of ‘kluis’). De grond deed dan het bewaarwerk voor jou. Dat zulke muntdeposities niet (meer) zijn opgegraven door de eigenaar, kon allerlei redenen hebben. Denk aan sterfte, oorlogen en gedwongen verhuizingen. En zo fungeert de bodem niet meer alleen als kluis, maar ook als tijdcapsule.

Gullbekk verwacht nog meer te vinden in het gebied en gehoopt wordt op sporen van menselijke activiteit, met name van nederzettingen. Het onderzoek zal de komende maanden doorgaan, want nu zijn de omstandigheden perfect om te graven. Indien er weer nieuws is, verschijnt het hier in het Nederlands. 😉

En daar gaat ook het laatste Vikingschip…

Niet weg, niet naar de overkant van de Noordzee, niet over woeste wateren om te handelen met onbekende volken… Nee, vandaag wordt het Tune-schip verplaatst naar het nieuwe Vikingtidsmuseet nabij Oslo.

Dit is het laatste Vikingschip dat met bloed, zweet en tranen naar de nieuwe tentoonstellingsruimte verplaatst moet worden. In november schreef ik al over de verhuizing van de Oseberg en de Gokstad (lees het artikel hier). De Tune spreekt misschien minder tot de verbeelding, omdat dit schip er niet zo indrukwekkend uitziet als zijn grotere broers. Het is ook minder gepreserveerd dan de andere twee; dat kun je meteen zien. Maar juist daarom is het ook het meest historisch authentieke schip uit de collectie!

De Tune is in 1867 opgegraven in Sarpsborg (Rolvsøy) in Østfold. Aan het begin van de 10e eeuw is het gebruikt als grafschip, het jaartal wordt geschat op 910. Het schip zelf is iets ouder dan dat en is waarschijnlijk van tevoren nog gebruikt op het water. Het is de laatste onderneming van het monsterproject om het nieuwe Vikingtidsmuseet te realiseren. De Tune legt een “pad” af van maar liefst 130 meter. De totale verhuizing duurt dan ook 3 dagen, waarvan vandaag de belangrijkste dag is. Ik ben deze keer wat meer betrokken dan ik bij de andere schepen was. Omdat het nu voorjaarsvakantie is, kan ik de live-updates volgen. Ook meekijken? Schakel over naar de sociale media van het museum via @vikingtidsmuseet.

Aan het einde van deze week mag het team zó trots zijn op deze prestaties! Dan staan de drie Vikingschepen klaar voor het grote publiek. 🙂

De Turun joulurauha – ik was erbij!

Dit jaar heb ik een bijzondere Finse traditie meegemaakt, namelijk de “Turun joulurauha“, oftewel, de “kerstvrede van Turku”.

Stadssecretaris Eero Soikkanen leest de vrede voor in 1965. Foto uit het publieke domein.

De kerstvrede van Turku is een belangrijke traditie die stamt uit de middeleeuwen. Jaarlijks wordt deze vrede op 24 december afgekondigd in de stad Turku, om klokslag 12:00 uur. Het is een officiële en nationale gebeurtenis die wordt uitgezonden door de Finse publieke omroep. De “kaupunginlakimies” of “kaupunginsihteeri” (stadssecretaris) van Turku leest de eeuwenoude tekst voor in het Fins en in het Zweeds. Is de stadssecretaris niet beschikbaar, dan doet een andere stadsambtenaar het. Dit jaar werd de vrede uitgesproken door Mika Akkanen, Turku’s “protokollapäällikkö” (het hoofd van de protocollaire dienst).

De tekst is grotendeels historisch authentiek en wordt elk jaar op dezelfde manier voorgelezen. Daarbij wordt de bevolking opgeroepen om de feestdagen in rust en harmonie door te brengen en conflicten te vermijden. De ceremonie symboliseert vrede, saamhorigheid en respect voor elkaar tijdens de donkerste dagen van het jaar.

Ook de plek is symbolisch, het gebeurt namelijk vanaf het balkon van het Brinkkala-gebouw op het Oude Grote Plein (“Vanha Suurtori”). De eerste gebouwen van de stad verrezen rondom dit plein, maar inmiddels is de centrale marktfunctie overgenomen door het Marktplein (“Kauppatori”). Dat deze plek belangrijk was/is, merk je ook aan de nabijheid van de twee universiteiten die de stad rijk is: de Finstalige Turun Yliopisto en de Zweedstalige Åbo Akademi.

Het Brinkkala-gebouw diende lang als bestuurscentrum. Nu wordt het gebruikt voor ceremoniële en culturele doeleinden.

Ik was onder de indruk van deze traditie. Het had iets magisch: halverwege de tekst begon het zachtjes te sneeuwen en iedereen deed (alsnog) zijn muts/hoed af voor het volkslied. Bovendien had ik nog nooit zoveel Finnen bij elkaar gezien, haha! We liepen in colonnes naar het plein, maar alles verliep ontzettend kalm en geordend. Na de laatste klanken van het orkest, stroomde het plein leeg en ging iedereen gewoon weer rustig naar huis. Heerlijk! Ik ben blij dat ik erbij was.

Op avontuur onder het Domplein (Utrecht)

Ik kreeg laatst een uitnodiging voor een heel leuk uitje: een rondleiding door Paleis Lofen in Utrecht. Deze keizerlijke residentie staat vandaag niet meer overeind… maar bestaat nog wel onder de grond!

De rondleiding begint op het Domplein. Daar schetst de gids een beeld van de historische context. Hoe zag Utrecht eruit in de hoge middeleeuwen? Wat was het belang van de rivieren in de omgeving? Wie had er de macht? Het begint eigenlijk al met een mini-college op de plek waar het allemaal gebeurde. Daarna loop je door naar de tegenwoordige “ingang” van Paleis Lofen, aan de Vismarkt. Daar daal je af naar beneden, totdat je in zalen staat die onder het Domplein liggen.

Onder de grond vertelt de gids verder. Je krijgt ook een audiotour met meer informatie over de vondsten in de vitrines. En als afsluiter neem je plaats in een filmzaal, waar drie grote schermen ervoor zorgen dat je zelf getuige wordt van de geboorte van Utrecht. Het geluid komt uit alle hoeken en je hebt ogen tekort. Als je in het midden van de zaal zit, lopen de schermen bijna 360 graden rond!

In de video hieronder neem ik jullie mee. Maar eigenlijk gaat er niets boven de ervaring ter plaatse. Als je in de kelders onder de imposante zuilen doorloopt, waan je je direct in de middeleeuwen. Zeker met de archeologische vondsten erbij, krijg je een heel accuraat tijdsbeeld. En in de laatste ruimte waar de rondleiding langs voert, kun je zelfs nog op een stukje Romeinse muur staan. Echt een uniek ondergronds avontuur!


Veel dank aan Stichting Ondergronds Domplein voor de uitnodiging.

De laatste Viking

Gisteren heb ik de gloednieuwe Deense film “Den sidste viking” (“De laatste Viking“) in de bioscoop gezien. Het verhaal is geheel fictief, met hoofdrollen voor Mads Mikkelsen, Nikolaj Lie Kaas en Sofie Gråbøl. Maar de laatste Viking bestaat wél als concept en wordt symbolisch verbeeld in Trondheim. In dit artikel leg ik uit wat de connectie is tussen de Deense film en het Noorse concept.

Eerst een woordje over de film. Het verhaal draait om de crimineel Anker die gearresteerd wordt voor een bankoverval. Terwijl hij een gevangenisstraf van 15 jaar uitzit, moet zijn broer Manfred het gestolen geld verstoppen. Na zijn vrijlating ontdekt Anker dat Manfred inmiddels een behoorlijk zware dissociatieve identiteitsstoornis heeft ontwikkeld. Omdat Manfred het ene moment denkt dat hij John Lennon is en het andere moment gelooft dat hij een Viking is, kan hij zich ook niet meer herinneren waar hij het geld verstopt heeft. Het verhaal is typisch en ook tamelijk bizar. Eigenlijk is de hele film gewelddadig, zielig en grappig tegelijk. Deense cinema ten voeten uit; ik vond het een leuke film.

Zentropa / Film i Väst / Vertigo Média (foto door Rolf Konow).

Maar de naam is niet zonder reden gekozen. Referenties aan het Vikingerfgoed moet je in Scandinavië serieus nemen, omdat daarmee vaak een concreet gevoel of concept bedoeld wordt. In mijn beleving is het Vikingtijdperk voor Denemarken net zo belangrijk als voor Zweden en Noorwegen. En zo komen we bij de Noorse stad Trondheim. Wie daar langs de oude vismarkt Ravnkloa wandelt, kan het bronzen beeld “Den siste viking” niet missen. Hoewel de naam anders doet vermoeden, herdenkt het beeld geen historische krijger uit de Vikingtijd. Nee, het is juist een modern symbolisch werk om de Noorse zeevaarttraditie te herdenken.

Het beeld werd in 1990 gemaakt door de Noorse beeldhouwer Nils Aas. Het stelt een visser voor, verwijzend naar de gevaarlijke oceaantochten die de Noorse vissers tot ver in de 20e eeuw maakten voor hun broodwinning. Dat concept (stoere zeevaarders die hun leven wagen op zee) sluit het aan bij het romantische beeld dat veel mensen vandaag van de Vikingen hebben. Op een bepaalde manier is Scandinavië daar ook trots op; want nog altijd worden er boeken, films, kunstwerken en theatervoorstellingen aan gewijd. De naam van het standbeeld benadrukt daarom ook een soort culturele continuïteit tussen de middeleeuwse Vikingen en de (vroeg)moderne Noorse vissers en kustbewoners. In de literatuur, zoals in de roman “Den siste Viking” van Johan Bojer, werd deze vergelijking overigens al veel eerder gemaakt (namelijk in 1929).

De Vikingtijd eindigde rond het midden van de 11e eeuw. Maar de herinnering aan dit tijdperk leeft voor altijd voort… en kunnen we regelmatig in de bioscoop bewonderen. 😉

Schrijf jij je profielwerkstuk over het oude Egypte, Griekenland, het Romeinse Rijk of de Middeleeuwen?

Maak dan gebruik van alle informatie die het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden voor leerlingen heeft verzameld! Deze webpagina’s zijn echt verborgen pareltjes, want ze zijn ieder moment (gratis!) te raadplegen. Zo kun je dus in de bibliotheek, op school of gewoon ontspannen thuis aan je PWS werken. Maar er is meer…

In de maand november kunnen leerlingen zelfs een expert interviewen. Deze kans bieden ze elke woensdagmiddag tussen 14:00 en 16:30 uur. Ook dit is geheel kosteloos, je hoeft alleen maar een digitaal formulier in te vullen en een afspraak te maken (zie hieronder). En luister: dit is echt uniek. Want het spreken van deze experts is zelfs voor academici om allerlei redenen niet altijd mogelijk. Dat zij tijd vrijmaken voor leerlingen van de middelbare school, is daarom ontzettend bewonderenswaardig. Dit is ook voor het PWS heel waardevol, want je spreekt direct met een autoriteit (dus een persoon die je als bron kunt aanvoeren) en je weet daarmee ook zeker dat je de juiste informatie en antwoorden krijgt.

Je komt bij dit aanmeldformulier via deze link (klik hier). Bekijk deze pagina sowieso goed, want er staan nog meer links bij naar allerlei historische bronnen, zoals museumverhalen, blogs, podcasts en video’s. Ook dit materiaal geldt bij het PWS als betrouwbare bron, dus grijp je kans!

Ten slotte kun je ook als leerling de bibliotheek van het RMO bezoeken (en ja, ook dat is weer gratis). Ik durf te stellen dat ze in de bibliotheek boeken en artikelen hebben over bijna alle perioden en onderwerpen die je maar kunt bedenken. En wellicht heeft het museum er zelfs een authentiek voorwerp van. Als je op zoek bent naar een object dat bij een specifiek onderwerp hoort, kun je alvast in de “Collectiezoeker” kijken of het RMO daar iets van heeft. Als je daarvan foto’s toevoegt in je PWS, scoor je al helemaal goed bij de beoordeling. 😉

Succes! 😀

Verplaatsing van eeuwenoude Vikingschepen

Momenteel wordt er in Oslo (de hoofdstad van Noorwegen) een nieuw onderkomen gebouwd voor de wereldberoemde Vikingschepen Oseberg, Gokstad en Tune.

Deze schepen waren tot 2021 te bewonderen in het Vikingskipshuset (Vikingschipmuseum), maar worden nu één voor één verhuisd naar het gloednieuwe Vikingtidsmuseet (Museum van het Vikingtijdperk) dat in 2027 haar deuren zal openen. De verhuizing van de schepen is een uiterst complexe operatie. Je kunt wel bedenken hoe moeilijk het is om de kwetsbare, zware houten schepen in te pakken, te vervoeren en vervolgens weer netjes neer te zetten. De monsterklus krijgt daarom volop aandacht in het nationale nieuws.

Op de kanalen van het museum (bijvoorbeeld op hun Instagramaccount, @vikingtidsmuseet) verschijnen regelmatig updates, maar ze hadden aangekondigd de verplaatsing van de Oseberg live te zullen uitzenden op 11 september 2025. Ik vind het leuk dat ze dit doen, want het is natuurlijk super interessant om te zien hoe dat in zijn werk gaat (en normaal krijgen bezoekers hier niets van te zien). Uiteraard was ik zelf ook benieuwd. Ik kon niet alles direct volgen omdat ik voor de klas stond, maar ik heb wel veel kunnen terugkijken op YouTube en via stories en reels.

Vanwege het succes van de eerste live-uitzending, heeft het museum onlangs ook de verplaatsing van het tweede schip, de Gokstad, met de wereld gedeeld. Wederom kon ik het niet live volgen, maar heb ik er wel veel van kunnen zien via Instagram. Deze operatie zou nóg moeilijker worden, omdat de Gokstad groter en zwaarder is dan de Oseberg. Ik heb zo met het team te doen! Als er iets één millimeter verkeerd wordt ingeschat, dan krijg je een totale ramp. Maar gelukkig ging alles goed. Wat een inspanning, echt ongelofelijk.

De Noorse premier Jonas Gahr Støre kwam ook kijken. Hij onderstreepte het belang van de Vikingschepen voor de Noorse identiteit. Het land draagt goede zorg voor haar cultuurhistorie, zei hij trots. Je kunt nooit spreken voor de gehele bevolking, maar ik weet van mijn eigen contacten in Noorwegen dat veel Noren inderdaad belang hechten aan dit deel van hun geschiedenis. Vandaar ook dat het Vikingtijdperk een gloednieuw museum in de hoofdstad krijgt.

Nu rest alleen nog de verhuizing van de Tune. Dit staat op de planning voor mei of juni volgend jaar, want eerst worden de stellages rond de Oseberg en Gokstad geplaatst en wordt er verder gebouwd aan het museum zelf. Spannend. Ik ben zo ontzettend benieuwd naar het eindresultaat. Ik weet zeker dat het wachten hierop dubbel en dwars beloond gaat worden in 2027!

Wandelen langs de mythische Koortsboom van Heumen (Gelderland)

Aan de rand van Overasselt, in het bosrijke gebied van de Overasseltse en Hatertse Vennen, liggen de resten van een middeleeuwse kapel. Deze Walrickkapel was ooit een klein heiligdom; druk bezocht door mensen uit de wijde omgeving. Zij kwamen hier naartoe om te bidden en om hulp te vragen bij ziekte.

De kapel werd in de 14e eeuw (of 15e eeuw) gebouwd en was gewijd aan Sint Walrick, die ook wel Sint Valerius wordt genoemd. Over deze Heilige Walrick is weinig bekend, maar we weten wel dat hij vereerd werd als genezer; vooral bij koorts. Als je Sint Walrick aansprak in jouw gebeden, zou hij jou of jouw naasten genezing kunnen geven. Dat was in de middeleeuwen een gangbare praktijk; voor iedere situatie was er wel een gepaste heilige om aan te spreken.

Maar al lange tijd voor de bouw van de kapel, was dit gebied heilig voor de oorspronkelijke bewoners. Deze groep kennen we als de Hoemannen, een Germaanse stam die na de Romeinse Tijd in het gebied rondom Nijmegen leefde. Het is aannemelijk dat de naam van de gemeente Heumen van hen is afgeleid. De Hoemannen beschouwden bepaalde plekken in de natuur als sacraal en geneeskrachtig. Vooral bomen speelden een centrale rol in hun rituelen: ze geloofden dat ziektes door speciale handelingen bij de boom konden worden afgewend.

In de 7e en 8e eeuw kwam Willibrord, de beroemde missionaris uit Engeland, naar het gebied om het christendom te verspreiden. Willibrord en zijn volgelingen verweefden het christelijke geloof met de bestaande Germaanse tradities. Zo kwam het door hen dat de eerdergenoemde eikenboom verbonden werd aan Sint Walrick (en er eeuwen later dus ook een kapel naast gebouwd werd). Eigenlijk kreeg de genezende kracht van de boom door Willibrord een christelijke betekenis.

De legende gaat dat de leider van de Hoemannen wanhopig bij Willibrord aanklopte. Zijn dochter Heribertha had hoge koorts en niets leek te helpen. De leider vroeg wat hij moest doen om zijn dochter te genezen en Willibrord raadde hem aan om een lapje stof van haar jurk in de eik te hangen. Zo gezegd, zo gedaan. Maar of Heribertha inderdaad weer beter werd, weten we niet.

De eikenboom werd in ieder geval getransformeerd tot “Koortsboom” en de lokale bevolking nam het gebruik over. Wie ziek was of koorts had, knoopte een lapje stof aan de takken van de boom (of liet dat doen door een familielid). De koorts zou dan “in de boom blijven hangen”, terwijl de zieke weer beter werd. Mensen bleven deze handeling herhalen, generatie na generatie. Later werd het ritueel ook wel gecombineerd met gebeden bij de kapel of het maken van kruistekens.

Maar naarmate de eeuwen vorderden, bracht de ontwikkeling van de moderne geneeskunde ook andere oplossingen voor ziektes. Medicijnen en ziekenzorg werden voor steeds meer mensen toegankelijk. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568–1648) raakte de kapel zwaar beschadigd, omdat er in de omgeving veel gevochten werd. De kapel werd niet meer herbouwd en de plek raakte langzaam een beetje in verval.

Toch bleef de boom een plek van hoop en genezing, zelfs nadat de muren van de kapel vervielen tot een ruïne. Tot op de dag van vandaag hangen er nog lapjes aan de takken, stille getuigen van een praktijk die dus al eeuwenlang voortduurt. De Walrickkapel en de Koortsboom laten zien hoe pre-christelijke rituelen, het christelijke geloof en volksgebruiken kunnen samensmelten.

Er komen meerdere wandelroutes langs de Walrickkapel en de Koortsboom, waarvan ik zelf met veel plezier het “Familiepad Vennengebied” gelopen heb. Deze wandeling is 1,7 km lang en duurt ongeveer een uurtje (als je onderweg stopt om foto’s te maken). Het is een rolstoeltoegankelijke route, dwars door het natuurgebied de Overasseltse en Hatertse Vennen. Dat betekent dat je in de nazomer en herfst kunt genieten van het heidelandschap in allerlei tinten paars, rood, geel en oranje.

Er staan veel bankjes langs het pad en de markeringen zijn goed aangegeven. Vlakbij stopt er een streekbus en er zijn twee gratis parkeergelegenheden, waarvan eentje bij Restaurant St. Walrick. Koffie en lunch heb je dus ook binnen handbereik. 😉

Dit is bovendien een ideaal uitstapje bij wisselvallig weer, want je kunt op een paar plekken schuilen voor de regen (en anders ben je snel weer bij je auto of bij het OV). Wat mij betreft is het een heerlijke historische plek. Of je nu komt voor de vroegchristelijke legende of voor de kleurrijke natuur! 🙂