Schilderen met naald en draad

Gisteren rondden we in 2vwo een lessenserie over de Noordse landen af. Het laatste “land” waar ik de leerlingen over vertelde, was Sápmi. Het is een land dat de kinderen niet kennen, omdat het geen natiestaat is. Het is het gebied waar de Sámi nu wonen. Vandaag bezocht ik het Wereldmuseum in Leiden, waar precies op dit moment een aantal kunstwerken van Britta Marakatt-Labba hangt. Dat wist ik niet, maar de timing van deze wisseltentoonstelling kon niet beter.

Sápmi strekt zich uit over het noorden van Noorwegen, Zweden, Finland en Rusland. Het is de traditionele naam voor het oorspronkelijke leefgebied van de Sámi. Ze zijn de enige erkende inheemse bevolkingsgroep van Europa en wonen daar al duizenden jaren. Hun bestaan was lange tijd gebaseerd op jacht, visserij en rendierhouderij. Eventuele bijproducten hiervan werden verkocht aan de lokale bevolking. Vanaf de 19e eeuw werden de Sámi steeds meer onderdrukt door de regeringen van hun leefgebied. Hun taal en cultuur werd als ondergeschikt gezien en veel ervan dreigde voorgoed te verdwijnen. Sommige Sámi-talen zijn zelfs al uitgestorven. Maar de tijden zijn veranderd en de nationale overheden begrijpen inmiddels beter welke gevolgen hun kolonisatiebeleid heeft (gehad). Tegenwoordig wordt er actief gewerkt aan het behoud van hun culturele erfgoed, talen en traditionele levenswijze… maar nog altijd het meeste door de Sámi zelf.

Britta Marakatt-Labba in 2022, © Marja Helander. 

Bijvoorbeeld door de bovengenoemde Britta Marakatt-Labba (1951); één van de bekendste Sami-kunstenaars. Ze groeide op in een Sami-familie van rendierhouders in Noord-Zweden en heeft in haar leven uitsluitend Zweeds onderwijs genoten, waarbij er weinig aandacht aan de geschiedenis van de Sámi werd besteed. Om die reden verwerkt zij in haar kunst wél de geschiedenis, cultuur en leefwereld van haar volk. Haar textielkunst en borduurwerk is internationaal bekend. Met naald en draad verbeeldt Britta kleine verhalen over het dagelijks leven, de relatie met de natuur, oude tradities en de politieke strijd van de Sámi. Schilderen met naald en draad, noemt ze dat.

Haar werk draagt direct bij aan cultuurbehoud. Door verhalen en ervaringen vast te leggen, geeft zij de Sámi-cultuur door aan toekomstige generaties. Het Nasjonalmuseet in Oslo (Noorwegen) heeft haar werk opgenomen in de nationale kunstcollectie. En vandaag stond ik dus in het Wereldmuseum in Leiden te kijken naar twee van haar borduurwerken, allebei even mooi en gedetailleerd.

Met fijne steken en kleine textielfragmentjes creëert Britta begrijpelijke voorstellingen van (onder andere) rendiermigraties, het dagelijks leven van Sámi-families, traditionele gebruiken/rituelen en (soms gruwelijke) gebeurtenissen uit de politieke strijd voor emancipatie. Van veraf lijken haar borduurwerken net schilderijen. Van dichtbij zie je steeds meer details en zo ontdek je langzaam uit hoeveel steken en stofjes één boompje of bergwand bestaat. Ontzettend knap gedaan, ik vind het echt mooi. Deze twee kunstwerken komen allebei uit 2011 en hebben geen titel. Aan de wand tegenover de werken, wordt een korte film over het leven en het werk van Britta vertoond. Het is de documentaire “Sylkvasse Sting” (“Messcherpe Steken”) van het Nasjonalmuseet. De video staat ook op YouTube:

De geschiedenis van de Sámi raakt mij over het algemeen en de borduurwerken van Britta Marakatt-Labba raken mij in het bijzonder. Waarom precies kan ik niet goed uitleggen, maar het gevoel heeft sowieso te maken met de leefwijze van de Sámi. Ik deel hun spirituele opvattingen over de natuur en ik vind dat hun praktische omgang daarmee een voorbeeld moet zijn voor anderen. Als iedereen op aarde filosofieën van balans en eerbied zou nastreven, zou het leven op aarde veel minder penibel zijn. De campagnes die de Sámi voeren gaan over de verbetering van hun eigen positie, natuurlijk, maar tegelijkertijd zijn hun standpunten urgent voor ons allemaal. Misschien is dat precies waarom hun verhaal nog lang niet is uitverteld.

Hyvää Helsinki-päivää!

Ieder jaar op 12 juni wordt de Finse hoofdstad in het zonnetje gezet, want dan is het Helsinki-dag. Het is een stadsfeest waarbij de stichting van Helsinki in `1550 gevierd wordt met optredens, kunsttentoonstellingen en tal van andere culturele en creatieve activiteiten.

Het gaat ook gepaard met een paar unieke tradities. Het meest bekend is de “Pormestarin aamukahvit”, de koffieontvangst van de burgemeester in het stadhuis. Hier kunnen inwoners en bestuurders elkaar ontmoeten. Ook worden de eretitels “Stadin Friidu” en “Stadin Kundi” uitgereikt aan personen die zich op een bijzondere manier voor de stad hebben ingezet. Die titels betekenen respectievelijk “meisje van de stad” en “jongen van de stad” in het dialect van Helsinki. En ook andere personen die een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan het openbare leven van de stad krijgen vandaag een medaille. Een meer recente traditie is het vieren van de “Helsinki-päivän vauva”, de eerste baby die op Helsinki-dag wordt geboren. Als er een kindje geboren wordt, wordt het nieuws doorgegeven en verspreid. Dan gaat overal de kurk van de fles, haha!

Deze mooie combinatie van geschiedenis, kunst en cultuur komt natuurlijk niet uit de lucht vallen. Helsinki heeft een lange geschiedenis, met Zweedse, Russische en Finse perioden en een flinke portie oorlog en conflict. Ter ere van Helsinki-päivä heb ik een mini-documentaire over de stad gemaakt… van 0 tot nu. 😉

Fijne Helsinki-dag! 😀

The Vikings are coming…

…en wel naar het WK Voetbal. Het was overal op het nieuws, maar veel mensen dachten dat het nep was, of dat de foto met AI gemaakt was. Niets is minder waar: de spelers van het nationale team van Noorwegen zijn daadwerkelijk als Vikingen op de foto gezet.

© David Yarrow / Norges Fotballforbund

De Schotse fotograaf David Yarrow had een visie en het Noorse team was niet te beroerd om het idee uit te voeren. Over sportief gesproken! Maar waar kwam het idee vandaan, wat is de reden erachter?

Daarvoor kijken we naar een eerdere fotoshoot. In 2023 fotografeerde Yarrow de Noorse superspeler Erling Haaland (die nu bij Manchester City speelt). De spits werd door Yarrow neergezet als eenzame Viking, trots uitkijkend over een fjord in zijn geboorteland. Het beeld sloeg aan omdat Haaland de rol ontzettend natuurlijk vervulde. Zijn uiterlijk helpt daarbij ook, want Haaland is lang, gespierd en blond. Hij voldoet simpelweg aan het standaardbeeld van een Viking. Yarrow was de shoot nooit vergeten en vertelde in een interview dat hij de Viking-fotosessie wilde herhalen met het hele team. En zo werd dit het uitgangspunt voor het nieuwe groepsportret van de nationale ploeg.

Een beetje bombarie is ook wel op z’n plaats, want Noorwegen heeft zich voor het eerst sinds 1998 weer voor een wereldkampioenschap geplaatst. Logisch dus dat ervoor gekozen werd om dit moment te verbinden aan een belangrijk onderdeel van de Noorse geschiedenis. Yarrow heeft zijn best gedaan om de groep evenwaardig te fotograferen; hij wilde benadrukken dat het Noorse team uit meer spelers bestaat dan alleen publieksfavoriet Erling Haaland en aanvoerder Martin Ødegaard. De Vikingsymboliek verwijst daarbij niet naar oorlog of verovering, maar naar avontuur en het ontdekken van onbekende bestemmingen, aldus Yarrow.

De Noorse koning kondigde twee weken geleden al de spelerslijst aan in een speciale video, die ook gerust indrukwekkend en cinematisch genoemd kan worden:

Oké dan, haha! De boodschap is duidelijk: na bijna drie decennia van afwezigheid, keert Noorwegen terug op het wereldvoetbaltoneel. Ik heb zelf weinig met voetbal, maar ik vind dit wel leuk om te zien en ik kan me voorstellen dat zulke video’s en foto’s de spanning doen stijgen. 😀

3x Kort Vikingnieuws

Minder dan drie weken geleden berichtte ik over de ontdekking van de Mørstad Hoard, de grootste Vikingmuntschat die ooit in Noorwegen gevonden is. Maar enkele dagen later las ik dat er in Denemarken in dezelfde periode ook iets moois opgeduikeld was. Vervolgens zag ik nog een ontdekking voorbijkomen op het Noorse nieuws. En ondertussen kwam er ook Vikingnieuws uit Zweden. Het ging sneller dan ik kon typen, ook omdat ik druk bezig was met de eindexamens. Maar het is allemaal zo interessant, dat ik besloten heb om de nieuwtjes te bundelen in dit artikel. Nooit gedacht dat ik dit ooit zou schrijven, maar ik presenteer u… het Vikingnieuwsbulletin van mei 2026.

Denemarken – 8 mei 2026

Op 22 april ontdekte een man tijdens een boswandeling in Rold (provincie Nordjylland) iets heel opmerkelijks. Tussen het struikgewas staken twee gouden (!) armbanden uit de grond. De man maakte een melding en archeologen haastten zich naar de vindplaats voor verder onderzoek. Ze vonden uiteindelijk nog vier armbanden, samen goed voor bijna 800 gram goud! De schat kreeg direct een naam, namelijk de “Rold Hoard“. Deze vondst is één van de grootste Viking-goudvondsten ooit in gevonden Denemarken… En dat terwijl goud als materiaal voor juwelen veel minder vaak voorkwam dan zilver. De sieraden stammen uit de regeerperiode van koning Harald Blauwtand, net als de recent ontdekte graven bij Lisbjerg waar ik al eerder over schreef. De armbanden kunnen als koninklijke geschenken aan bondgenoten of krijgers gegeven zijn. Een andere mogelijkheid is dat het goud bewust door een rijke eigenaar begraven is tijdens een onrustige periode of als offer aan de goden. Eén van de armbanden valt extra op door een uniek zigzagpatroon dat zelden bij Vikingkunst wordt gezien. Net als bij de Mørstad Hoard, werd de vindplaats een paar weken geheimgehouden voordat het nieuws naar buiten kwam. Binnenkort zullen de armbanden te zien zijn in het Aalborg Historiske Museum.

© Nordjyske Museer

Noorwegen – 10 mei 2026

In de buurt van het Noorse dorp Brandbu (provincie Innlandet) trok de 6-jarige Henrik Refsnes Mørtvedt een Vikingzwaard uit de grond. Hij was met zijn klas op schooltrip bij de Rækstad-boerderij en de kinderen liepen over omgeploegde velden. Henrik zag een ijzeren knop uitsteken en trok vervolgens letterlijk een artefact uit de grond dat meer dan een millennium oud is. Het zwaard stamt vermoedelijk uit het vroege Vikingtijdperk, dus het einde van de 8e eeuw. Dat was in Scandinavië de Merovingische periode en daarover is minder bekend dan over het late Vikingtijdperk. Het type zwaard is een enegget (een enkelsnijdend zwaard, met één scherpe kant). Het onderzoek loopt nog en archeologen hopen met röntgenonderzoek en metaalanalyse te ontdekken hoe het zwaard gemaakt en gebruikt is. Wat een verhaal voor die kleine man! 😀

Zweden – 11 mei 2026

Het Historiska (Historisch Museum) in Stockholm heeft 3D-scans van de Vendel-helmen gemaakt en gepubliceerd op hun website. Deze beroemde helmen werden gevonden in bootgraven in Vendel, Valsgärde en Ultuna (provincie Uppland) en stammen uit de Vendeltijd (ca. 550-750). Het einde van deze periode vormde het begin van het Vikingtijdperk. De Vendeltijd wordt als een eigen periode gezien vanwege de uitgesproken krijgerscultuur en de rijk versierde wapens. Het museum heeft de helmen met fotogrammetrie tot in de kleinste details digitaal vastgelegd, inclusief de bronzen decoraties en brilvormige gezichtsbescherming. Via deze link kun je de modellen bekijken. Je kunt behoorlijk inzoomen en je kunt ze met je muis draaien en zelfs downloaden via platforms als Sketchfab. Het project maakt deel uit van een groter Europees project (met de naam “Twin It!“) om erfgoed te digitaliseren en toegankelijk te maken voor een wereldwijd publiek. Ik dacht meteen na over manieren om de scans te gebruiken voor de geschiedenislessen op school. Dit vind ik nog eens een geweldige inzet van moderne technologie! 🙂

© Historiska Stockholm, CC-BY 4.0

Till alla som brinner

In de meivakantie was ik in Vaasa, aan de Ostrobotnische kust van Finland. Hier wordt veel Zweeds gesproken, wat ik met mijn basis-Fins erg prettig vind. Want ondanks de vermeende stugheid van de Finnen, had ik weer veel aanspraak op straat. Het resulteerde in de aanschaf van een interessante roman.

Ik bezocht de bibliotheek voor mijn eigen onderzoek (daarover later meer) en voor een kunstexhibitie. Nadat ik beide doelen bereikt had, maakte ik een praatje met twee behulpzame bibliothecarissen. Ik vroeg hen naar de dubbeltaligheid van de regio en toen kregen we het over het verschil tussen nationale helden en lokale helden. Ze vroegen of ik wist wie Käärijä was, dus vol trots liet ik deze foto zien. Meteen daarna werd KAJ genoemd en vertelde één van de vrouwen dat ze Axel Åhman persoonlijk kent omdat hij naast comedian en muzikant ook auteur is. Ze kon zijn roman, “Eldsjäl“, van harte aanbevelen.

Ik had wel zin in een goed boek, dus de volgende dag ging ik langs Soumalainen. Daar lagen exemplaren van de Finse versie, “Tulisielu“, prominent uitgestald. Gelukkig hadden ze ook de Zweedse versie nog. Ik nam het mee naar mijn appartement en ben gelijk begonnen met lezen. De bibliothecaresse had gelijk; het is ontzettend fijn geschreven.

De titel betekent in beide talen “Vuurziel“. Dat is in het Nederlands niet echt een woord, maar zowel in het Zweeds als in het Fins vertaal je dat als “iemand die ergens veel passie voor heeft”. Misschien komt “enthousiasteling” het meeste in de buurt. Het verhaal gaat over zo’n persoon, Daniel. Hij zet zich volledig in voor zijn gemeenschap en regelt alles voor het plaatselijke buurthuis. Hij onderhoudt het gebouw en regisseert de jaarlijkse toneelvoorstelling… en vertolkt daarin ook nog eens de hoofdrol. Daniel vindt zelf dat hij onbaatzuchtig bezig is, maar de personen om hem heen zien dat niet altijd zo. Ze houden hem allemaal op hun eigen manier een spiegel voor, waardoor Daniel onder toenemende druk komt te staan. Het blijkt niet makkelijk voor hem om te voldoen aan de verwachtingen van anderen én van zichzelf. Uiteindelijk komt alles samen op een hele extreme manier. Het is alles of niets!

Het verhaal is echt spannend, want het gaat steeds slechter met Daniel en met de buurtvereniging. Kleine ruzies blijven terugkomen en gevoelens blijven onuitgesproken. Als lezer wil je echt weten of het nog goed gaat komen. De personen om Daniel heen, leren ook allemaal hun eigen lessen. Zo ontdekt kassamedewerkster Erika middels het toneelspelen hoe ze voor zichzelf moet opkomen. Veronica, de vrouw van Daniel, besluit voor zichzelf wat ze in een huwelijk zoekt. En Ralf, vriend van Daniel en de drijvende kracht achter de kantine van het buurthuis, beseft na een moeilijke tijd dat het toch de kleine dingen zijn die hem zijn levenslust teruggeven.

Axel heeft alle personen hun eigen, volwaardige karakter gegeven. Hun handelingen en hun uitspraken kloppen daarbij precies. Soms bevatten de zinnen zoveel specifieke details, dat de setting van het kleine, Ostrobotnische dorp meteen tot leven komt in je eigen verbeelding. Daarmee vangt Axel ook een aantal culturele concepten in het boek. Een dergelijke buurtvereniging (inclusief geldgebrek en kneuterige tradities) is bijvoorbeeld typisch voor Zweeds-Finland. De bouwstijlen, het bouwmateriaal en de kleuren zijn ook kenmerkend. Zelfs de ongeschreven regels van de gemeenschap vertellen ons iets over de Zweedsfinse cultuur. Natuurlijk is dit ook een kwestie van persoonlijke smaak, maar wat Axel beschrijft, kon ik meteen voor me zien.

Ik miste wel een afronding van de romantische verhaallijnen. Er is bijvoorbeeld ergens sprake van ontrouw en ergens laait een verliefdheidje op, maar beide plots worden niet duidelijk uitgewerkt. Het romantische deel van het verhaal blijft dus een open einde. Dat vind ik persoonlijk jammer, want de aanzet is heel boeiend geschreven. Daniels zoektocht naar zingeving wordt wel prachtig afgerond. Het verhaal heeft een hoopvol einde en doet je dagdromen over je eigen doelen en dromen.

Axel draagt het boek op aan “alla som brinner“, dus aan iedereen die gepassioneerd is. En zo is het een indrukwekkend, soms zelfs heftig verhaal, met een hele mooie boodschap. En extra leuk: momenteel wordt er gewerkt aan de theaterversie! In de herfst van 2027 zal de voorstelling onder regie van David Sandqvist gespeeld worden in het Wasa Teater. Meer informatie daarover kun je hier lezen. 🙂

Historisch correct?Geschikt en nuttig voor leerlingen?
Ja, realistisch.Nee, vanwege de taal (Zweeds of Fins).

Mijn eerste Vappu

Niet een vape om te roken, maar Vappu om het voorjaar te vieren. Vappu is in Finland namelijk een nationale feestdag waarop meerdere tradities samenkomen. Dit jaar spendeerde ik twee dagen in Vantaa en Helsinki om het mee te maken.

Met Vappu mag de vlag uit!

Vappu valt ieder jaar op 1 mei. Op deze dag (en in de nacht ervoor) wordt er van alles gecombineerd dat ook in andere landen gevierd wordt, namelijk May Day, Beltane of Walpurgis(nacht), de afstudeerceremonie van scholieren en de Dag van de Arbeid. Enerzijds wordt het nieuwe seizoen feestelijk verwelkomd en anderzijds wordt er stilgestaan bij de internationale arbeidersstrijd. En dan nog een toefje studentencultuur erbij. De wisseling van de seizoenen wordt in Fennoscandië al minstens sinds de middeleeuwen door gemeenschappen samen gevierd. Vappu als combinatie van feesten kreeg in de jaren ’50 haar huidige vorm.

Er gebeurt deze twee dagen dus van alles. Overal in het land worden evenementen georganiseerd, van braderieën tot aan muziekoptredens en van loterijen tot aan tradities die op de nationale televisie worden uitgezonden. In Helsinki vindt op 30 april het grootste ritueel plaats, namelijk het wassen en “aankleden” van het standbeeld Havis Amanda in de haven. De ceremonie staat bekend als “Mantan lakitus” (“het opzetten van de Manta-pet”). Manta is de bijnaam van het standbeeld, omdat zij een zeenimf voorstelt. Op de foto rechts staat ze nog zonder pet.

Aan het begin van de 20e eeuw claimden studentenverenigingen het beeld als hun eigen feestpunt. Ze gingen het beeld symbolisch wassen en versieren, wat langzaam uitgroeide tot een vaste traditie. Nu wordt er ieder jaar een witte studentenpet (de “ylioppilaslakki“) van bovenaf op het beeld gezet door studenten die aan een hijskraan hangen. Deze pet staat in Finland symbool voor het behalen van het eindexamen en het begin van het volwassen leven. De Scandinavische landen kennen dit concept ook, maar onder andere namen. In Denemarken heet het de “studenterhue“, in Zweden de “studentmössa” en in Noorwegen de “studentlue“.

In Helsinki was het een drukte van jewelste bij het standbeeld. Om 18:00 uur precies wordt de pet op het beeld geplaatst, maar zo rond 17:00 uur stonden er al duizenden mensen klaar. Ik had een prima plekje gescoord en na een tijdje deed ik automatisch mee met het juichen en klappen. Het enthousiasme was behoorlijk aanstekelijk. 😀

Na afloop verspreidde de mensenmassa zich over de stad. In Helsinki is het maar twee keer per jaar zo druk, namelijk op Oudjaarsavond en met Vappu. Hoe later het wordt, hoe meer mensen er naar buiten komen. Dat was goed te zien op het Senaatintori; het centrale plein bij de kathedraal. Daar was aan het begin van de middag namelijk rustiger dan aan het begin van de avond.

Terwijl de meeste studenten nog een feestje opzochten, vertrok ik naar mijn appartement in Vantaa. Buiten de stad heerste de gewoonlijke Finse rust en orde, dus ik ging rustig naar bed. De volgende ochtend liep ik over de braderie van Tikkurila, die sterk deed denken aan de Nederlandse seizoensmarkten. Er werden zoetigheden, sieraden en huishoudartikelen verkocht. Er waren groentekraampjes en kermisattracties voor de kinderen. Bijzonder om te merken dat het concept in Finland hetzelfde inhoudt als in Nederland.

Ondertussen begon in Helsinki de volgende traditie, namelijk het zogeheten “vapputervehdykset” (het “Vappu-groeten”). Hierbij ontvangt de Finse president, momenteel Alexander Stubb, diverse groepen bij het Presidentieel Paleis. Het is een informeel moment waarop de president zijn zichtbaarheid en betrokkenheid kan tonen. En volgens mij wordt het ook inderdaad als zodanig door het volk gewaardeerd. Ik was er niet bij, maar heb het later teruggekeken op Instagram.

Eenmaal in de stad aangekomen, kwamen er uit iedere richting vrolijke geluiden. Er speelden veel bandjes en er waren doorlopend parades. Ik ben min of meer door de hele stad gelopen en op sommige plekken bleef ik wat langer staan om naar een optreden te kijken. De sfeer was echt ontzettend ontspannen en vrolijk. Dat het mooi weer was, droeg daar uiteraard ook aan bij. Op de foto’s hieronder kun je zien dat de Esplanadi (de twee hoofdstraten) afgezet waren en dat zich daar de meeste mensen verzameld hadden.

Ik kwam bij het Natuurhistorisch Museum en zag dat de bronzen eland voor het gebouw ook een ylioppilaslakki gekregen had, haha! Sterker nog, ook Manneken Pis in Brussel deed mee, met dank aan de Finse gemeenschap aldaar (via @finlandineu). Maar naast de studentenpet, is er nog een ander cruciaal onderdeel van de Vappu-outfit: de studentenoverall. In Finland hoort dit echt bij je studie, of je nu een feestbeest bent of een serieuze boekenwurm. De kleuren van de haalarit horen bij bepaalde studierichtingen, dus je overall verraadt meteen welke opleiding je volgt. Het is de bedoeling om hem tijdens je studententijd te versieren met patches van evenementen en verenigingen. Een overall is dus al gauw een heel persoonlijk kledingstuk.

Ik deed nog een laatste rondje door het Museumkwartier en langs het Lasipalatsi en pakte daar nog een optreden mee naast het standbeeld van oud-president Kyösti Kallio. Natúúrlijk had ook hij voor de gelegenheid een petje gekregen.

Verder horen er ook typische gerechten en drankjes bij Vappu, waarvan ik ook iets heb kunnen proeven. Ten eerste heb je de welbekende munkki (donuts). Ze zijn naturel of gevuld met karamel/jam. In de ochtend probeerde ik er eentje in Tikkurila en ’s avonds verhuisde ik naar een hotel, waar ze toevallig ook weer stonden. Daar werd ook sima geserveerd; een gefermenteerde citroen- en honingdrank. De naam sima is een archaïsch woord voor “honing”, zodanig door Elias Lönnrot beschreven in de Kalevala. Ik had geen idee wat het was, dus de eerste slok van het bitterzoete spul was nogal een verrassing.

Door de hele stad stonden kraampjes met snoep. De borden met METRILAKUT trokken steeds mijn aandacht… en toen kon ik de verleiding niet meer weerstaan. Ik heb een zakje met 4 metrilakutten meegenomen, voor onderweg. En eigenlijk ook gewoon omdat ik erom moest lachen. Er staat metri-lakut, niet metrila-kut. Het betekent niets meer of minder dan “drop per meter”, want het gaat hier om snoepslierten van ongeveer een meter. Maar zeg me alsjeblieft dat ik niet de enige ben die moet lachen om die naam!

Dan heb je ook nog tippaleipä, wat een knapperig gebakje is in de vorm van een gefrituurd vogelnestje. De fancy Vappu-gangers drinken daar champagne bij, maar dat heb ik allebei niet geprobeerd. Ach, er is altijd een volgende keer.

Die avond ging ik moe, maar voldaan naar bed. Ik vond de evenementen netjes georganiseerd en de sfeer was echt gezellig en gemoedelijk. Het is zo gaaf dat iedereen meedoet met de tradities, zoals je direct ziet aan het aantal studentenpetten in de stad. Ook alumni doen eraan mee. De bejaarden onder hen hebben hun pet minstens 50 jaar geleden verdiend, dus het is echt een feest voor jong en oud.

Wie weet ben ik er volgend jaar weer bij!

Appetijtelijk kijken in het LAM

Afgelopen weekend bezochten mijn moeder en ik het LAM in Lisse. We waren er allebei nog nooit eerder geweest en ik was erg benieuwd naar een specifiek doek waarover ik in het Museumtijdschrift gelezen had: een portret met… kaas.

Op dit moment loopt namelijk de tentoonstelling “Lekker portret”, boordevol eetportretten. Dat zijn kunstwerken waarin voedsel als gezicht of karakter wordt verbeeld. Op de bovenste verdieping loop je als bezoeker zodoende langs kunstwerken waarin je een glimlach kan ontdekken, of juist een sip gezichtje. Het zien van gezichten in dingen die eigenlijk geen gezicht zijn, noem je pareidolie. Het eerdergenoemde doek met de plak kaas vond ik daarvan het beste voorbeeld. Het schilderij is van Robert Roest en heet “Casus I”. Ik werd er zelf erg geval vrolijk van. 😀

Op de tweede en eerste verdieping (in het LAM loop je van boven naar beneden) zijn nog meer werken te zien die met smaak, voedsel, eetcultuur of walging te maken hebben. Het LAM staat dan ook bekend om moderne kunst rondom eten, drinken en consumeren. De foto’s hierboven en hieronder tonen slechts een greep daarvan. Het ene werk is nog absurder dan het andere, zoals “Jan Patat” van Sietske Zandbergen. Een ongemakkelijk figuur, waar je dan toch even naast wil gaan zitten. Een enkel werk vond ik ronduit smerig, zoals de kauwgomballen van Kira Fröse. Goed, het materiaal was keramiek, maar de associatie met uitgekauwde kauwgomproppen maakte dat ik er geen foto van gemaakt heb. Andere schilderijen waren gelukkig stukken frisser, zoals “Iceberg Lettuce” van Tjalf Sparnaay. Daar kreeg je bijna trek van.

Indrukwekkend is de installatie van Itamar Gilboa, die een jaar lang bijhield wat hij at en dronk en het eindresultaat tot uiting brengt in een werk met 8000 porseleinen voedselproducten. De titel is “Self Portrait – What I Ate in a Year”. Dit is misschien wel het bekendste werk dat het museum heeft.

Het laatste grote driedimensionale werk waar je langsloopt, is “Bad Grapes” van Kathleen Ryan. Deze druiven van edelstenen en kralen trekken meteen de aandacht. De afzonderlijke steentjes glinsteren je tegemoet. Ik, als ekster die van edelstenen houdt, kan hier echt uren naar kijken. Zo mooi. En alle losse delen maken een herkenbaar geheel. Dit zijn de enige rotte druiven die je in je huis zou willen hebben!

En nog een eervolle vermelding voor een foto waar wij hard om moesten lachen, van een druiventakje op een stukje keukenpapier. Als mijn moeder druiven eet, legt ze ook altijd een klein takje op een stukje keukenpapier na het wassen van de druifjes. Dan eet ze het trosje uit de hand, met het keukenpapiertje eronder tegen het druppen. Ze had het thuis direct nagemaakt, hahaha. Kan ze dit werk nu verkopen? 🙂

Of de getoonde werken nu wel of niet kunstwaardig zijn, is natuurlijk een kwestie van perspectief en smaak. Wij hebben in ieder geval een gezellige tijd gehad in het museum en deden na afloop ook nog even een rondje door de tuinen van Kasteel Keukenhof, dat er direct naast ligt. Het LAM is goed te bereiken en er is gratis parkeergelegenheid. Bedenk van tevoren wel even of je het LAM gaat (wilt) bezoeken als de Keukenhof ook open is. Dit veroorzaakt namelijk een behoorlijke file rondom het terrein. Daar hadden wij niet over nagedacht en zo waren we ineens een half uur langer onderweg. Afijn, het was niet onoverkomelijk, maar wel iets om rekening mee te houden. In het museum zelf was het weer rustig en overzichtelijk. 🙂

De Tijdlijn van Suomenlinna (Finland)

Eindelijk! Deze nieuwe tijdlijnvideo toont de geschiedenis van Suomenlinna, een forteiland voor de kust van Helsinki (Finland). In de 18e eeuw werden deze kalme, kale rotsen door de Zweedse overheid omgevormd tot een indrukwekkend bastionfort. Het project kreeg de naam “Sveaborg” (“Kasteel van de Zweden“) en was bedoeld om de Finse kustlijn te verdedigen tegen aanvallen van het Russische Rijk.

Als gevolg van de Finse Oorlog (1808-1809) wisselden de eilanden van eigenaar. Terwijl het Zweedse Rijk afbrokkelde, werd Sveaborg door de Russen beheerd en gemoderniseerd. Aan het begin van de 20e eeuw had de Russische administratie de handen vol aan de Eerste Wereldoorlog en de interne Russische Revolutie(s). Finland werd onafhankelijk en het fort werd omgedoopt tot “Suomenlinna” (“Kasteel van Finland“).

Het bezoeken en filmen van Suomenlinna was voor mij een bucket list-ervaring. Al jaren had ik plaatjes en informatie over deze plek op mijn telefoon staan en nu had ik eindelijk de kans om het met eigen ogen te bekijken. Zelfs in de winter is het een fijne en makkelijke plek om te bezoeken; het pontje brengt bezoekers in 15 minuten heen en weer. Veel gebouwen, winkels en cafés zijn open in het laagseizoen; zo ook het Suomenlinna Museum. Dat is sowieso een warme en leerzame plek. Ik was positief verrast door de faciliteiten op de eilanden. Zomers is er zelfs nóg meer te beleven. Dit is in alle seizoenen een indrukwekkende plek. 🙂

En daar gaat ook het laatste Vikingschip…

Niet weg, niet naar de overkant van de Noordzee, niet over woeste wateren om te handelen met onbekende volken… Nee, vandaag wordt het Tune-schip verplaatst naar het nieuwe Vikingtidsmuseet nabij Oslo.

Dit is het laatste Vikingschip dat met bloed, zweet en tranen naar de nieuwe tentoonstellingsruimte verplaatst moet worden. In november schreef ik al over de verhuizing van de Oseberg en de Gokstad (lees het artikel hier). De Tune spreekt misschien minder tot de verbeelding, omdat dit schip er niet zo indrukwekkend uitziet als zijn grotere broers. Het is ook minder gepreserveerd dan de andere twee; dat kun je meteen zien. Maar juist daarom is het ook het meest historisch authentieke schip uit de collectie!

De Tune is in 1867 opgegraven in Sarpsborg (Rolvsøy) in Østfold. Aan het begin van de 10e eeuw is het gebruikt als grafschip, het jaartal wordt geschat op 910. Het schip zelf is iets ouder dan dat en is waarschijnlijk van tevoren nog gebruikt op het water. Het is de laatste onderneming van het monsterproject om het nieuwe Vikingtidsmuseet te realiseren. De Tune legt een “pad” af van maar liefst 130 meter. De totale verhuizing duurt dan ook 3 dagen, waarvan vandaag de belangrijkste dag is. Ik ben deze keer wat meer betrokken dan ik bij de andere schepen was. Omdat het nu voorjaarsvakantie is, kan ik de live-updates volgen. Ook meekijken? Schakel over naar de sociale media van het museum via @vikingtidsmuseet.

Aan het einde van deze week mag het team zó trots zijn op deze prestaties! Dan staan de drie Vikingschepen klaar voor het grote publiek. 🙂