Soms ga je op pad met de metaaldetector en vind je iets leuks, of iets waardevols. Meestal niet. Maar wat de Noorse detectoristen Vegard Sørlie (links op de foto) en Rune Sætre (rechts) onlangs aantroffen, is ongekend bijzonder.


Ze haalden in de buurt van Rena (zo’n 180 km ten noorden van Oslo) de ene zilveren munt na de andere naar boven, totdat ze er 19 bij elkaar gevonden hadden. Ze besloten om een archeologische melding te maken, want dit vroeg om versterking en expertise. Een team van archeologen werd naar het specifieke veld gestuurd waar de heren zo veel succes hadden… en samen haalden ze maar liefst 3000 munten naar boven!


Beide foto’s © May-Tove Smiseth, Innlandet fylkeskommune
Het zijn voornamelijk Engelse en Duitse munten uit het late Vikingtijdperk. Interessant genoeg is een deel van de munten geslagen in Denemarken en in Noorwegen zelf, tijdens de regeerperiode van Harald Hardrada (Sigurdsson). Deze koning had het succes van een nationaal muntsysteem meegemaakt in Byzantium en voerde dit na zijn terugkeer zelf ook in, zo rond het jaar 1045. Numismatist Svein Harald Gullbekk vermoedt dat de muntschat rond 1050 begraven is, waarmee de Noorse exemplaren nog vrij ‘jong’ waren voordat ze de grond in gingen. De (her)ontdekking vond bijna een millennium later plaats, namelijk op 10 april 2026. De vindplaats werd aanvankelijk geheimgehouden en vanwege het Noorse allemannsretten is dat natuurlijk niet verrassend. Afgelopen maandag is het grootste deel van de vondst naar het muntenkabinet van het Kulturhistorisk Museum in Oslo gebracht. Daar worden de munten nu verder onderzocht.


Er wordt nog steeds gegraven en er worden nog steeds munten gevonden. Daarmee worden nu de eerste 3000 munten aangeduid als de “Mørstad Hoard“, vernoemd naar de boerderij waar het veld bij hoort. Het begraven van rijkdom was in het Vikingtijdperk een algemeen gebruik. Je stopte je munten in een tasje, buidel of kistje (je ‘portemonnee’) en vervolgens verborg je het op een strategische plek die je geheimhield (je ‘bank’ of ‘kluis’). De grond deed dan het bewaarwerk voor jou. Dat zulke muntdeposities niet (meer) zijn opgegraven door de eigenaar, kon allerlei redenen hebben. Denk aan sterfte, oorlogen en gedwongen verhuizingen. En zo fungeert de bodem niet meer alleen als kluis, maar ook als tijdcapsule.
Gullbekk verwacht nog meer te vinden in het gebied en gehoopt wordt op sporen van menselijke activiteit, met name van nederzettingen. Het onderzoek zal de komende maanden doorgaan, want nu zijn de omstandigheden perfect om te graven. Indien er weer nieuws is, verschijnt het hier in het Nederlands. 😉
