Evenement: Lezing over de Berlijnse Muur en videobellen met Berlijn

We hebben heel erg leuk nieuws! Na een aantal weken plannen, brainstormen en organiseren kunnen we in samenwerking met Boekhandel Laan in Castricum een evenement aankondigen. De nieuwsberichten en artikelen over het 35-jarig jubileum van de Val van de Berlijnse Muur vliegen u om de oren. Hoog tijd om het geheugen weer even op te frissen, op de dag zelf, namelijk op 9 november. Het wordt een veelzijdige middag, met een historische lezing, literaire bespreking en een videogesprek. Lees hieronder het persbericht.

Evenement: Lezing Berlijnse Muur en videobellen met Berlijn

Op zaterdag 9 november is het precies 35 jaar geleden dat de Berlijnse Muur viel. Voor Boekhandel Laan en historica Manon Schouten het uitgelezen moment om samen een evenement te organiseren. In het boekencafé zal Manon om 14:00 een lezing geven over de Berlijnse Muur. Het wordt een beknopte geschiedenis van dit politieke symbool. De historische context wordt uitgelegd aan de hand van de belangrijkste gebeurtenissen tijdens de Koude Oorlog. Ook wordt er een aantal literaire werken omtrent het onderwerp uitgelicht. De roman Kairos van Jenny Erpenbeck staat hierbij centraal. Ten slotte zal Manon het indrukwekkende persoonlijke verhaal van Dr. Burkhart Veigel delen. Hij heeft als Berlijnse medicijnenstudent in de jaren ’60 ongeveer 800 mensen geholpen om van Oost naar West te vluchten. Met gevaar voor eigen leven hielp hij vluchtelingen aan valse papieren. Hij verstopte zelfs mensen in een luxe Cadillac om hen ‘naar de vrijheid’ te brengen. Aansluitend wordt er een liveverbinding gemaakt met Dr. Veigel, die vanuit Berlijn vragen van het publiek zal beantwoorden.

Datum: 9 november, aanvang 14:00. Locatie: Boekencafé in Boekhandel Laan aan de Burgemeester Mooijstraat in Castricum. Gratis entree.

Zie ook het bericht op de website van Boekhandel Laan:

We hopen u daar te zien op 9 november! 🙂

Sfeerimpressie van de oudste kathedraal van Duitsland

In de stad Trier staat de oudste kathedraal van heel Duitsland. De Dom van Sint Peter stamt uit de tijd van de Romeinen en werd gebouwd in opdracht van keizer Constantijn de Grote. Niet zo gek als je bedenkt dat Trier in de tijd van Constantijn de ‘hoofdstad’ van het West-Romeinse Rijk was en al helemaal niet gek als we erbij vermelden dat deze keizer zich tot het christendom bekeerde. De fundamenten van de Dom zu Trier zijn dus Romeins, maar in de eeuwen die volgden is het bouwwerk nog vele malen aangepast, uitgebreid, afgebroken en weer opgebouwd. De huidige aanblik met Salische façade dateert uit de 11e eeuw.

Er liggen ook twee relikwieën in de Dom: de schedel van Sint Helena (de moeder van keizer Constantijn) en de Heilige Tuniek van Jezus Christus. Verder bevinden de grafmonumenten van een aantal (aarts)bisschoppen en keurvorsten zich in de Dom.

Kijk mee naar het interieur in de video hieronder:

Work in progress…

In de zomer van 2024 ging de camera mee op reis. Ik maakte een Romeinse trip langs de Neder-Germaanse limes, beginnende in Trier, daarna langs Abusina, Weißenburg en Wiesbaden en vervolgens via Xanten terug naar Nederland; met tussenstops in Nijmegen, Elst, Arnhem, Empel en Leidschendam. Het was een enorm leerzame reis, die veel mooi en uniek beeldmateriaal heeft opgeleverd. Momenteel wordt het script voor een nieuwe documentaire geschreven en over een paar weken kan het bewerken van de video beginnen. In de tussentijd zullen er op onze Instagram en hier op de website posts verschijnen met uitgelichte onderwerpen, voor een snelle portie Romeinse geschiedenis. Hieronder alvast de eerste drie, over Romeinse diploma’s en Romeinse bouwtechnieken.

Hadden de Romeinen diploma’s?

Waren Romeinse diploma’s zeldzaam?

Hoe tilden de Romeinen zwaar bouwmateriaal omhoog?

Oud ijzer… of toch Vikingschat?

Op een afgelegen boerderij bij het Noorse Årdal (in de provincie Rogaland), wilde boer Tårn Sigve Schmidt graag een nieuwe weg voor zijn tractor aanleggen. Voordat de werkzaamheden konden beginnen, onderzochten archeologen het terrein. Gelukkig heeft de boer zich aan de regels gehouden, want er kwam van alles naar boven!

De archeologen vonden veel oud ijzer, wat erg logisch is rondom een boerderij. Maar een deel daarvan trok toch hun aandacht. Want wat op het eerste gezicht op oud ijzerdraad leek, bleek van onschatbare waarde te zijn: het waren vier zilveren Vikingarmbanden! De armbanden of armringen zijn meer dan 1100 jaar oud. Ze lagen verborgen onder de vloer van een klein gebouw op het terrein, dat mogelijk ooit gebruikt werd door arbeidskrachten, dan wel slaven, op een grote Vikingboerderij. Tijdens de opgraving werden er namelijk ook spekstenen kookpotten, diverse klinknagels, mesbladen en slijpstenen gevonden.

De onderzoekers probeerden een historische reconstructie te maken. Ze vermoeden dat de boerderijhoeve ooit deel uitmaakte van een landgoed dat de toegang tot het nabijgelegen fjord controleerde. Ze baseerden zich op de afstanden tussen de vondsten en daarmee dus op de schaal van de boerderij. Ze konden ook zien dat de schat nog exact lag waar de Vikingen hem verstopt hadden, omdat de objecten én de context ervan beide nog intact waren. Volgens Volker Demuth van het Archeologisch Museum van de Universiteit van Stavanger is de vondst daarom uitzonderlijk waardevol. Bovendien had Noorwegen in het Vikingtijdperk geen eigen zilvermijnen, wat betekent dat het zilver via handel, als geschenken of middels rooftochten in het buitenland verkregen was. En zo voegen de armbanden een laagje geschiedenis toe aan het grote geheel.

Bron: Persbericht van de Universiteit van Stavanger.

Het Bloedbad van München (1972)

Het is vandaag precies 52 jaar geleden dat de Olympische Zomerspelen in München (Duitsland) ruw verstoord werden door een terreuraanslag. Uiteindelijk heeft het drama 17 mensenlevens gekost. Ongeveer anderhalf jaar geleden maakte ik er een mini-documentaire over, waarin ook de aanleg van het Olympisch terrein in München stap voor stap getoond wordt.

Deze zomer liep ik weer door het Olympiapark, waar het drama zich afspeelde.

Klik hier voor het volledige verhaal.

Treat yourself…

In 2021 parkeerden wij de auto -geheel per toeval- in een fossielenhotspot. We hadden het Beierse dorp Solnhofen gekozen als beginpunt van een stevige wandeling over de “Twaalf Apostelen”. De enige plek waar we zo vroeg een kopje koffie konden krijgen, was in een fossielen- en edelstenenwinkeltje. Ik kon het niet laten om een fossiel mee te nemen als aandenken. De wandeling was overigens ook een succes, met vele mooie uitkijkpunten.

Maar de plek liet me niet meer los… ik wilde terug! En zo liepen we in augustus weer door Solnhofen te struinen tussen de prehistorische bodemvondsten. En onder het mom van ‘dit kan ik tijdens de lessen gebruiken’ (en ook van ’treat yourself’) nam ik weer enkele mooie exemplaren mee naar huis.

Zie hierboven enkele sfeerbeelden van Solnhofen.

DetectorDinsdag: Badderen in de cola

Ik heb de vondsten van de Waalkade en de uiterwaarden bij Tiel inmiddels behandeld in een badje cola.

Er kwam veel aanslag af, dat was duidelijk te zien. Helaas waren de drie ronde schijfjes na hun bad nog even enigmatisch als vóór het schoonmaken… Waar kijken we naar?

Is het vislood? De pointer zegt dat ze van ijzer zijn, dus dat kan eigenlijk niet. Maar is het wel nautisch, komt het van een boot? Ik heb werkelijk geen idee. Alle tips zijn welkom! 😀

Gevonden op het droge: een haaientand

Aan de rand van het dorp is een nieuw natuurgebiedje aangelegd voor vogels, wateropvang en bodemherstel. Dat is op zichzelf al een hele goede zaak, maar het werd nog mooier toen de gemeente het gebied openstelde voor recreanten. Er zijn schelpenpaden aangelegd en er is een houten brug geplaatst, zodat wandelaars hier (met of zonder hond) een frisse neus kunnen halen.

Het pad is al een paar weken geopend, maar wat zag ik vandaag ineens tussen de schelpen liggen? Een haaientand! Een gaaf exemplaar met de kartelrandjes nog intact. Pikzwart ten opzichte van de uitgebleekte tinten van de oude schelpen. Op het strand heb ik nog nooit een haaientand gevonden, maar in de polder nu dus wel. 😉

Wat zijn haaientanden precies? Het zijn letterlijk de gefossiliseerde tanden van haaien. Het gehele skelet van een haai bestaat uit kraakbeen, alleen de tanden niet. Haaientanden worden ook wel tongstenen genoemd en zijn niet zeldzaam. Ze kunnen aanspoelen op alle stranden die grenzen aan water waarin haaien leven of leefden (heel logisch eigenlijk). Daartoe behoort ook de kust van Nederland.

De grootte van verschillende soorten haaien vergeleken bij een gemiddeld mens.
Gefossiliseerde tanden van de witte haai.

Tanden van haaien die nog leven of recent zijn overleden, zijn nog wit of crèmekleurig (net zoals bij mensen). Tanden van haaien die al miljoenen jaren dood zijn, zijn vaak zwart of bruin geworden onder invloed van de chemische processen in de zeebodem. Ik ben geen specialist in het dateren van fossielen, maar een snelle online check vertelt ons dat de meest voorkomende haaientanden in het Noordzeebekken tussen de 40 miljoen en 65 miljoen jaar oud zijn. Toch gaaf, of niet?! 🙂

Triceratops in het wild!

Deze zomer stuurt Naturalis Leiden een kudde triceratops dinosauriërs naar de openbare bibliotheken van vijf verschillende steden: Leeuwarden, Haarlem, Delft, Tilburg en Maastricht. Het bekijken van deze indrukwekkende skeletten is gratis, maar aanmelding is verplicht. Kijk hiervoor op de website van de bibliotheek die het dichtst bij jou in de buurt is. Ik ben zelf op bezoek geweest in Haarlem en was enorm onder de indruk. De tentoonstelling biedt veel leuke informatie voor kinderen én volwassenen. En het is een unieke kans om oog in oog te staan met een dino!

Voor de liefhebber hier nog wat informatie over de triceratops:

  • De naam ’triceratops’ betekent ‘driehoornig gezicht’, uiteraard vanwege de 3 hoorns op de kop.
  • Ze konden meer dan 9 meter lang worden.
  • Triceratops dino’s waren herbivoren. Ze aten dus geen vlees, alleen maar planten.
  • De ouderdom van het exemplaar in Haarlem wordt geschat tussen de 66 en 68 miljoen jaar!
  • Dit type dinosauriër kwam voor in het gebied dat nu het continent Noord-Amerika is.
  • De kudde van Naturalis is ontdekt in Wyoming (Noord-Amerika), allemaal bij elkaar in een moeras. We denken dat dit groepje familie van elkaar was.

Melktert en biltong in het klaslokaal

Onlangs hebben we afscheid genomen van twee van onze Zuid-Afrikaanse leerlingen. Ik vond dat zij wel fatsoenlijke ‘kos’ verdienden na afloop van hun laatste lessen, om lekker met de hele klas te proeven. Dus hop, ik reed naar KuierKos in Bloemendaal voor wat snacks. Zoete mini melktertjies en hartige biltong gingen in mijn mandje. Verrassend genoeg was de biltong bij de leerlingen meer in trek dan de melktert! 🙂

Het is waarschijnlijk wel bekend dat de Republiek Zuid-Afrika een levendige koloniale geschiedenis heeft. Veel delen van het land werden in de 17e eeuw bestuurd door de VOC, voordat deze regio’s bezet werden door de Britten. Daarna transformeerde het territorium in een kolonie van de Bataafse Republiek, voordat het weer de Britse “Kaapkolonie” werd. Kort gezegd was het een kat-en-muisspelletje tussen de Nederlanders en de Britten, hoewel de situatie nog veel complexer was dan dat. Aan het begin van de 20e eeuw werd Zuid-Afrika zélf een kolonisator, namelijk van het buurland Namibië. Dit heeft tot aan de onafhankelijkheid van Namibië in 1990 geduurd.

Deze geschiedenis bracht diverse culturen naar/door/langs Zuid-Afrika, die allemaal een stempel op het huidige land gedrukt hebben. Zo ook op de keuken, dus de gerechten, de drank en de snacks. Twee typische Zuid-Afrikaanse lekkernijen vond ik geschikt om in de klas uit te delen, de bovengenoemde melktert en biltong. Maar wat is dat precies?

Melktert is een toetje dat door de Nederlandse kolonisten naar Zuid-Afrika gebracht is. De opvatting is dat het geïnspireerd is op de Nederlandse mattentaart, die op kwarktaart lijkt qua uiterlijk en smaak. Vandaag bestaat melktert uit een zoete taartkorst, gevuld met pudding en doorgaans bestrooid met kaneel.

Biltong is gedroogd en gekruid vlees, vaak gemaakt van rundvlees, hoewel andere opties ook populair zijn (bijvoorbeeld van kudu, varken, struisvogel of eland). Het vlees wordt in reepjes gesneden (“tongen”), klaargemaakt met azijn en/of specerijen en aan de lucht gedroogd vóór consumptie. Ook dit recept zou van de Nederlandse kolonisten afstammen, hoewel het drogen van vlees om het te bewaren al overal ter wereld gedaan werd en nooit aan één specifieke plaats gebonden is geweest.

We hebben gesmikkeld als smulpapen en de leerlingen vonden het leuk om over deze lekkernijen te leren. 🙂