Gisteren heb ik de gloednieuwe Deense film “Den sidste viking” (“De laatste Viking“) in de bioscoop gezien. Het verhaal is geheel fictief, met hoofdrollen voor Mads Mikkelsen, Nikolaj Lie Kaas en Sofie Gråbøl. Maar de laatste Viking bestaat wél als concept en wordt symbolisch verbeeld in Trondheim. In dit artikel leg ik uit wat de connectie is tussen de Deense film en het Noorse concept.
Zentropa / Film i Väst / Vertigo Média
Eerst een woordje over de film. Het verhaal draait om de crimineel Anker die gearresteerd wordt voor een bankoverval. Terwijl hij een gevangenisstraf van 15 jaar uitzit, moet zijn broer Manfred het gestolen geld verstoppen. Na zijn vrijlating ontdekt Anker dat Manfred inmiddels een behoorlijk zware dissociatieve identiteitsstoornis heeft ontwikkeld. Omdat Manfred het ene moment denkt dat hij John Lennon is en het andere moment gelooft dat hij een Viking is, kan hij zich ook niet meer herinneren waar hij het geld verstopt heeft. Het verhaal is typisch en ook tamelijk bizar. Eigenlijk is de hele film gewelddadig, zielig en grappig tegelijk. Deense cinema ten voeten uit; ik vond het een leuke film.
Zentropa / Film i Väst / Vertigo Média (foto door Rolf Konow).
Maar de naam is niet zonder reden gekozen. Referenties aan het Vikingerfgoed moet je in Scandinavië serieus nemen, omdat daarmee vaak een concreet gevoel of concept bedoeld wordt. In mijn beleving is het Vikingtijdperk voor Denemarken net zo belangrijk als voor Zweden en Noorwegen. En zo komen we bij de Noorse stad Trondheim. Wie daar langs de oude vismarkt Ravnkloa wandelt, kan het bronzen beeld “Den siste viking” niet missen. Hoewel de naam anders doet vermoeden, herdenkt het beeld geen historische krijger uit de Vikingtijd. Nee, het is juist een modern symbolisch werk om de Noorse zeevaarttraditie te herdenken.
Het beeld werd in 1990 gemaakt door de Noorse beeldhouwer Nils Aas. Het stelt een visser voor, verwijzend naar de gevaarlijke oceaantochten die de Noorse vissers tot ver in de 20e eeuw maakten voor hun broodwinning. Dat concept (stoere zeevaarders die hun leven wagen op zee) sluit het aan bij het romantische beeld dat veel mensen vandaag van de Vikingen hebben. Op een bepaalde manier is Scandinavië daar ook trots op; want nog altijd worden er boeken, films, kunstwerken en theatervoorstellingen aan gewijd. De naam van het standbeeld benadrukt daarom ook een soort culturele continuïteit tussen de middeleeuwse Vikingen en de (vroeg)moderne Noorse vissers en kustbewoners. In de literatuur, zoals in de roman “Den siste Viking” van Johan Bojer, werd deze vergelijking overigens al veel eerder gemaakt (namelijk in 1929).
De Vikingtijd eindigde rond het midden van de 11e eeuw. Maar de herinnering aan dit tijdperk leeft voor altijd voort… en kunnen we regelmatig in de bioscoop bewonderen. 😉
Afgelopen zomer las ik “Go as a river” van Shelley Read. Een belangrijke gebeurtenis uit het boek is de evacuatie van een Amerikaans stadje, omdat de gemeente het gebied wil omvormen tot stuwmeer. Ik heb genoten van het verhaal en las het boek in drie avonden uit. Even later, in augustus, zag de wereld hoe de kerk van de Zweedse stad Kiruna verplaatst werd. Het was een monsteroperatie met soortgelijke achterliggende redenen; het boek kwam ineens overeen met de actuele werkelijkheid. Maar dat dorpen verdwijnen of verplaatsen, komt veel vaker voor in de geschiedenis. Hieronder schrijf ik wat meer over dit fenomeen.
Eerst even over de roman. Het verhaal volgt Victoria Nash, een 17-jarig meisje uit het dorp Iola (Colorado). Ze spendeert haar jeugd op een familieboerderij met een perzikboomgaard, waar ze als enige vrouw omringt wordt door beschadigde mannen. Haar vader is afstandelijk, haar oom is verminkt en verbitterd en haar broer is agressief. Victoria heeft alle huishoudelijke taken op zich genomen. Op een dag ontmoet ze een charmante vreemdeling. Zijn naam isWil Moon en hij is een inheems-Amerikaanse jongen met een zwervend bestaan en een moeilijk verleden. Tussen hen ontstaat een intense, maar maatschappelijk ongewenste liefde. Hun relatie botst totaal met de bekrompen sfeer in Iola én met de verwachtingen van Victoria’s familie.
Dan komt Victoria plotseling in een nachtmerrie terecht. Ze kiest ervoor om de bergen in te vluchten, waar ze probeert te overleven in de wildernis. Dat lukt, maar het duurt lang voordat ze weer naar Iola kan terugkeren. Er volgt een flashforward in het verhaal en dan wordt de evacuatie van Iola het belangrijkste thema. De plannen om de nabijgelegen rivier af te dammen en een stuwmeer aan te leggen, dreigen Victoria’s boomgaard voorgoed onder water te zetten. Terwijl het water stijgt, moet Victoria bepalen wat ze gaat behouden… En wat ze gaat loslaten. Ze moet haar eigen pad blijven volgen, ook als alles verandert en wordt omgeleid. Daar komt ook de titel van het boek vandaan: “Gaan als een rivier”.
Iola (Colorado) vandaag. Foto door Craig Talbert (CCA 4.0).
Zoals ik al zei, heb ik genoten van het verhaal. Het is fictie, maar wel heel realistisch. Het dorp Iola is bijvoorbeeld gebaseerd op een echt plaatsje met dezelfde naam in Colorado, dat in de jaren ’60 daadwerkelijk is verdwenen onder een stuwmeer. Ook de thema’s (de impact van grote infrastructurele projecten op kleine gemeenschappen en de behandeling van inheemse bevolkingsgroepen) zijn historisch correct. Persoonlijk vind ik dat Read de onderwerpen met veel aandacht voor detail uitgewerkt heeft. Het hele verhaal had makkelijk waargebeurd kunnen zijn.
Historisch correct?
Geschikt en nuttig voor leerlingen?
Ja, realistisch.
Het thema is geschikt voor lessen maatschappijleer. Het lezen van dit specifieke boek is daarbij overbodig, maar kan als aanknopingspunt dienen.
Daarover gesproken: we verleggen even de focus naar Kiruna, de stad in Noord-Zweden. Het lot van Kiruna is altijd nauw verbonden geweest met het reilen en zeilen van de grote plaatselijke ijzerertsmijn in beheer van Luossavaara-Kiirunavaara Aktiebolag (LKAB). Het bedrijf is eigendom van de Zweedse staat en een uiterst belangrijke werkgever in de regio. Zodanig zelfs, dat beslissingen van LKAB de regionale economie beïnvloeden.
De verplaatsing van de historische kerk van Kiruna afgelopen augustus was onderdeel van een doorlopend proces van verplaatsingen. Complete wijken zijn al op nieuwe locaties “herbouwd”, terwijl de uitbouw van de mijn steeds blijft leiden tot verzakkingen onder de stad. Onderzoek wees uit dat het oude centrum op de lange termijn niet meer veilig zou zijn voor bewoning en verkeer. Maar de mijnbouw stilleggen is geen optie; LKAB wordt economisch bezien als cruciaal beschouwd.
Daar gaat de kerk, op twee SPMT’s. Foto door Torbjørn S. (CCA 4.0).
Zodoende kozen de autoriteiten ervoor om het centrum enkele kilometers oostwaarts te verplaatsen, in plaats van de mijn te sluiten. Dit proces is dus al langer gaande. De verplaatsing van de kerk werd echter wereldnieuws, omdat het houten gebouw in één stuk werd overgeheveld naar een nieuwe locatie. En succesvol! Of je het nu eens bent met de activiteiten van LKAB of niet; niemand kan ontkennen dat dit bouwtechnisch ongelofelijk knap is.
Sporen van een winkel (“affär”) in Messaure. Foto door Amy van www.sommarmorgen.com.Roestende restanten van Åmdals Verk.
Afijn, Kiruna wordt verplaatst. Maar Iola verdween met de jaren. En verdwijnen gebeurt vaker dan verplaatsen, want er zijn nog veel meer voorbeelden te noemen van weggevaagde stadjes. Amy schreef op haar Nederlandstalige website www.sommarmorgen.com een interessant artikel over Messaure; een verlaten dorp rondom een waterkrachtcentrale (klik hier voor het artikel). Het lag net als Kiruna in Zweeds Lapland. En zelf bekeek ik 11 jaar geleden de vergane glorie bij het mijndorpje Åmdals Verk in Noorwegen (klik hier voor het artikel).
Bron: Gemeente Moerdijk (via de website van de NOS).
Dit onderwerp werd onlangs ook relevant voor Nederland, toen er landelijk aangekondigd werd dat er plannen zijn om het Noord-Brabantse dorp Moerdijk op te offeren om het nabijgelegen industrie- en haventerrein uit te breiden. Gisteravond heeft de gemeenteraad ingestemd, maar de definitieve beslissing zal over anderhalve week gezamenlijk door het Rijk, de provincie Noord-Brabant en de gemeente Moerdijk genomen worden. Ik ben benieuwd.
Momenteel wordt er in Oslo (de hoofdstad van Noorwegen) een nieuw onderkomen gebouwd voor de wereldberoemde Vikingschepen Oseberg, Gokstad en Tune.
Opgraving van de Oseberg in 1904 (publiek domein).De Gokstad wordt in 1925 verplaatst (publiek domein).
Deze schepen waren tot 2021 te bewonderen in het Vikingskipshuset (Vikingschipmuseum), maar worden nu één voor één verhuisd naar het gloednieuwe Vikingtidsmuseet (Museum van het Vikingtijdperk) dat in 2027 haar deuren zal openen. De verhuizing van de schepen is een uiterst complexe operatie. Je kunt wel bedenken hoe moeilijk het is om de kwetsbare, zware houten schepen in te pakken, te vervoeren en vervolgens weer netjes neer te zetten. De monsterklus krijgt daarom volop aandacht in het nationale nieuws.
Via @vikingtidsmuseet.Via @vikingtidsmuseet.
Op de kanalen van het museum (bijvoorbeeld op hun Instagramaccount, @vikingtidsmuseet) verschijnen regelmatig updates, maar ze hadden aangekondigd de verplaatsing van de Oseberg live te zullen uitzenden op 11 september 2025. Ik vind het leuk dat ze dit doen, want het is natuurlijk super interessant om te zien hoe dat in zijn werk gaat (en normaal krijgen bezoekers hier niets van te zien). Uiteraard was ik zelf ook benieuwd. Ik kon niet alles direct volgen omdat ik voor de klas stond, maar ik heb wel veel kunnen terugkijken op YouTube en via stories en reels.
Via @vikingtidsmuseet.Via @vikingtidsmuseet.
Vanwege het succes van de eerste live-uitzending, heeft het museum onlangs ook de verplaatsing van het tweede schip, de Gokstad, met de wereld gedeeld. Wederom kon ik het niet live volgen, maar heb ik er wel veel van kunnen zien via Instagram. Deze operatie zou nóg moeilijker worden, omdat de Gokstad groter en zwaarder is dan de Oseberg. Ik heb zo met het team te doen! Als er iets één millimeter verkeerd wordt ingeschat, dan krijg je een totale ramp. Maar gelukkig ging alles goed. Wat een inspanning, echt ongelofelijk.
Via @vikingtidsmuseet.Via @vikingtidsmuseet.
De Noorse premier Jonas Gahr Støre kwam ook kijken. Hij onderstreepte het belang van de Vikingschepen voor de Noorse identiteit. Het land draagt goede zorg voor haar cultuurhistorie, zei hij trots. Je kunt nooit spreken voor de gehele bevolking, maar ik weet van mijn eigen contacten in Noorwegen dat veel Noren inderdaad belang hechten aan dit deel van hun geschiedenis. Vandaar ook dat het Vikingtijdperk een gloednieuw museum in de hoofdstad krijgt.
Via @vikingtidsmuseet.Via @jonasgahrs.
Nu rest alleen nog de verhuizing van de Tune. Dit staat op de planning voor mei of juni volgend jaar, want eerst worden de stellages rond de Oseberg en Gokstad geplaatst en wordt er verder gebouwd aan het museum zelf. Spannend. Ik ben zo ontzettend benieuwd naar het eindresultaat. Ik weet zeker dat het wachten hierop dubbel en dwars beloond gaat worden in 2027!
Vorige week zag ik op tv iets interessants voorbijkomen. Ik kijk zelden tv, maar bij dit programma bleef ik plakken vanwege de taal die ik hoorde. Het was een Scandinavische documentaire, dat was zeker, maar er werden zowel Zweedse als Noorse plaatsnamen genoemd. Ik had het begin gemist en besloot de hele aflevering terug te kijken via NPO Start. Het bleek een waanzinnig verhaal, treffend vastgelegd door regisseur Maria Fredriksson. Hieronder vertel ik er meer over, zonder het einde te verklappen.
Twee bejaarde Noorse zussen, Kari en May, besluiten min of meer noodgedwongen een appartement te kopen in het Zweedse plaatsje Gullspång. De bezichtiging krijgt een onverwachte wending wanneer de verkoper –een Noorse vrouw genaamd Olaug– een opvallende gelijkenis vertoont met hun overleden zus Astrid. Niet alleen qua uiterlijk, maar ook qua details, zoals haar geboortedatum en bijnaam. Maar Astrid zou in 1988 zelfmoord hebben gepleegd. Voor de strenggelovige zussen kan deze ontmoeting geen toeval zijn: ze noemen het een mirakel.
Deze ervaring zet iets in beweging. Langzaam komen vragen naar boven over hun familiegeschiedenis en over wat hen jarenlang verteld is (en wat juist verzwegen werd). In de documentaire worden oude verhalen opnieuw bekeken. Geloof, herinnering en familiebanden raken met elkaar verstrengeld. Maar er ontstaat ook onenigheid. Kari en May zijn aan de ene kant van een fjord opgegroeid, Olaug juist aan de andere kant daarvan. Zo dichtbij, maar toch ook mijlenver van elkaar verwijderd.
De trailer van de documentaire (2024)
Het verhaal krijgt vorm door gesprekken en voicemailberichten rechtstreeks te laten zien en horen. De kijker krijgt de puzzelstukjes één voor één aangereikt en het wordt steeds gekker. Eén van de puzzelstukjes relateert aan de experimenten die de nazi’s uitvoerden op tweelingen in de gebieden die ze tijdens de Tweede Wereldoorlog bezetten (zo ook Noorwegen). Een ander puzzelstukje heeft weer te maken met een dubieuze DNA-test.
Kortom, een krimi-drama waar je u tegen zegt. De documentaire heeft dan ook diverse prijzen gewonnen. Wie hem zelf ook nog gratis wil bekijken, kan tot 27 september terecht op NPO Start (klik hier). Daarna verdwijnt de docu achter een pay wall, dus wacht niet te lang!
Historisch correct?
Geschikt en nuttig voor leerlingen?
Niet van toepassing.
Minder geschikt voor geschiedenislessen, maar wel waardevol voor maatschappijleerlessen. Vooral leuk voor de bovenbouw.
Toen ik slaagde voor het vwo, wilde ik graag een lange reis maken. De lange zomervakantie na de eindexamens leende zich daar immers goed voor. Terwijl mijn klasgenoten in groepjes naar Albufeira en Barcelona gingen, vertrok ik in mijn eentje naar Noorwegen. Nog even op avontuur voordat ik aan mijn studie zou beginnen.
Ik kwam terecht in het dorpje Dalen, een beetje in het midden van Noorwegen. Ik ging daar werken op een camping, dus het werd een ‘werkvakantie’. Mijn lieve collega Rosalin liet me alles in de omgeving zien. Op een middag klommen we naar Riarhamaren, een plek die ook wel Rui genoemd wordt (hoewel Riarhamaren en Rui twee verschillende bergtoppen zijn die dicht bij elkaar liggen). Het is een cultureel herkenningspunt op een berg net buiten Dalen, waar je een geweldig uitzicht over het Telemarkkanaal hebt. Er staat een trekkershut en onderweg kom je langs een waterval en een aantal spirituele plekken.
Op een informatiebordje las ik dat er ook een saga uit Riarhamaren komt. Het verhaal speelt zich deels af op de berg waar nu de trekkershut staat en deels in het nabijgelegen dorpje Eidsborg.
Rosalin wist niet precies waar het verhaal over ging en we zijn vergeten om het thuis op te zoeken. Dit was in 2014 en met de jaren was ik het hele avontuur alweer vergeten. Totdat ik laatst, ruim 10 jaar later dus, de foto van het informatiebordje weer tegenkwam. Met hernieuwde interesse ben ik nu wél in de saga gedoken. Ik heb het verhaal hieronder samengevat en begeleid met foto’s uit de oude doos. 🙂
De saga van Åse Stålekleiv, de koningin van Eidsborg
De rijke, intelligente vrouw Åse woonde op de boerderij “Stålekleiv” bij Eidsborg. Daar kwam dus ook haar naam vandaan. Haar zus woonde in Skafså aan de andere kant van de fjordvallei van Dalen. De zussen konden elkaar zien, over het dal. Ze waren allebei zeer koppig en maakten ruzie over de vruchtbare weilanden onder hen.
Åse had drie zoons, die bij haar woonden op de Stålekleiv-boerderij. Vanaf deze plek had je een schitterend uitzicht in (en over) de vallei. Iedereen wist dat de familie rijk was, omdat Åse het hele dorpje Eidsborg tot haar bezit kon rekenen. Net als een koningin. Terwijl anderen slechts een kleine waterbak nodig hadden om hun linnen in te wassen, haalde Åse ieder jaar zo’n grote oogst binnen, dat ze het hele meer van Eidsborg nodig had om al haar gewassen te kunnen cultiveren. Åse bewaarde haar stapels linnen in een grote opslaghut die haar zoons voor haar gebouwd hadden. Toen de jongens klein waren en voor het vee zorgden, hadden ze iedere avond een houten plank meegenomen naar de weide. Zo hadden ze stap voor stap de opslaghut gebouwd.
Destijds werd moed gewaardeerd als de grootste deugd en een sterk lijf als de grootste schat. Åse wilde dat haar zoons precies zo zouden opgroeien: sterk en onbevreesd. Op een dag besloot ze dat haar zoons haar konden helpen bij het verkrijgen van de vruchtbare gronden. Maar om dit te bereiken, begreep Åse dat een voedzaam dieet voor de jongens heel belangrijk was. Ze probeerde verschillende soorten voedsel uit op drie van haar jonge stieren. Eén stier kreeg gestremde melk. De tweede stier kreeg normale melk. De derde stier kreeg graan te eten. De stieren werden vernoemd naar het voedsel dat ze kregen. De stier “gestremde melk” en de stier “graan” werden allebei groot en sterk.
In de winter liet Åse de stieren een krachtmeting uitvoeren tegen elkaar. Ze moesten steenblokken uit de plaatselijke mijn trekken, helemaal van het dorp naar boven toe, door de heuvels en de bossen. De stier die gestremde melk gekregen had, gaf als eerste op. De steen werd ter plekke in de grond geslagen, als een monument dat aanduidde waar de stier gestopt was. De stier die normale melk had gekregen, hield het iets langer vol. Het was een wonder, gezien de bescheiden grootte van het dier. Wederom werd de steen ter plekke neergezet. De stier “graan” werd de winnaar. Ook op deze plek werd de steen tot monument gemaakt. Nu wist Åse welk voedsel ze aan haar zoons moest geven.
Aan het einde van het meer Bandak, op een zandbank waar de Tokke-river in de Bandak stroomt, vinden we het dorp Dalen. Zo was het toen Åse en haar zus Gullborg hier leefden en zo is het nog steeds. De zoons van beide zussen waren inmiddels volwassen mannen geworden. En de zoons van beide zussen waren enorm groot geworden, bijna alsof ze van de trollen afstamden.
Op een dag werd er besloten dat de ruzie over de vruchtbare weilanden in de vallei uitgevochten moest worden middels een zwaardgevecht tussen de zoons. Het gevecht zou plaatsvinden in het midden van de weide en de familie die het sterkste bleek, zou de weilanden in de vallei mogen hebben. Terwijl het gevecht losbarstte, keek Åse Stålekleiv toe vanaf haar paard op een bergtop die Riarhamaren genoemd werd. Ze zag hoe haar eigen zoons vermoord werden door hun eigen neven, één voor één, de zoons van haar eigen zus. Uiteindelijk lagen de zoons van Åse dood op de grond.
Åse Stålekleiv werd woedend. Ze kon niet leven met deze schaamte en dit verlies. Ze ging naar huis om haar bezittingen veilig te stellen. Ze heeft haar zilveren en gouden sleutels in het meer Mærdalstjønni nabij Lårdalsstigen geworpen. Daarna keerde ze op haar paard terug naar Riarhamaren, dravend, snel over de bergtop. Ze galoppeerde van de klif af, terwijl ze haar paard nog steeds bereed.
Zo luidt de legende dus. Ik heb niet kunnen ontdekken hoe oud het verhaal is, of hoe lang het al mondeling overgedragen wordt. Het is in ieder geval omstreeks 1820 op papier gezet door de priester Magnus B. Landstad.
Wat weten we vandaag zeker? Er is een ander document van Magnus Landstad, waarin staat “dat er drie grote stenen zijn langs de weg tussen Høydalsmo en Eidsborg”. En deze stenen “staan ongeveer 100 el van elkaar af” en komen bovendien uit de plaatselijke mijn. Uit dit gesteende worden al sinds de 8e eeuw wetstenen gewonnen. Kunnen dit de drie stenen zijn, die de stieren van Åse hebben laten vallen? In Dalen is ook een grafheuvel met de naam “Revahaug”. Hier zou één van de zoons van Åse Stålekleiv begraven liggen, maar de stoffelijke resten onder de heuvel zijn nooit onderzocht.
Maar nog interessanter, is dat er zich op de plek van de opslaghut van Åse Stålekleiv een nieuwe boerderij met de naam “Lofthus” ontwikkelde. Historici denken dat de opslaghut gewoon hergebruikt werd. Sterker nog, er zijn aanwijzingen dat de oude hut van Åse zelfs verplaatst werd aan het begin van de 19e eeuw, zodat ook de moderne boerderij “Vindlaus” de hut nogmaals kon gebruiken. Dit gebouwtje is met zekerheid het oudste niet-kerkelijke houten gebouw van Noorwegen. De laatste onderzoeken dateren de opslaghut omstreeks het jaar 1170. En het mooiste? Deze opslaghut is vandaag nog steeds te zien in de tuin van het Eidsborg Museum! Op de foto hierboven zie je de gebouwen in de tuin van het Eidsborg Museum, met in het midden dus de opslaghut van Åse Stålekleiv.
Naast de deur is rond het jaar 1300 een runeninscriptie aangebracht. Op de tekening hierboven staat de inscriptie uitgeschreven in de onderste hoek rechts. Er staat: “Deze runen zijn gekrast door Vestein. Eer komt toe aan degene die deze runen gekrast heeft en aan degene die de runen interpreteert.” Een onbekende onderzoeker heeft bovenstaande tekening gemaakt omstreeks 1800; met een duidelijke kopie van de runen (geraadpleegd via het regionale archief).
En op de deur zelf zijn kruisjes aangebracht, die met teer zijn ingekleurd. Dit gebruik moest de mensen beschermen tegen bovennatuurlijke wezens die vooral rond jul (de Kerstperiode) vervelende streken uithaalden. Bezien vanuit de Noorse folklore, is het heel logisch om uitgerekend een opslaghut (met kleding en voedsel) op deze manier te beschermen. Om jul te vieren was er immers veel voedsel en drinken nodig.
Hoe meer ik over Åse Stålekleiv ontdek, hoe meer het complete verhaal me interesseert. Wat een prachtige combinatie van archiefonderzoek, saga, archeologie en geschiedenis!
De dauwdruppels hieronder fotografeerde ik in Noorwegen. Stuk voor stuk zo mooi gevormd, het waren net pareltjes in het gras.
Dauw is een atmosferisch verschijnsel waarbij waterdamp uit de lucht op vaste voorwerpen -meestal planten- condenseert. Dan vormen er dus kleine druppeltjes die soms prachtig glinsteren in de zon. Maar in de Noordse mythologie heeft dauw nog een andere oorzaak…
Gisteravond was de film Arctic op televisie. Ik kijk bijna nooit tv, maar zag de aankondiging toevallig en besloot ervoor te gaan zitten.
Armory Films / Union Entertainment Group / Pegasus Pictures
Arctic is geregisseerd door Joe Penna. De hoofdrol is voor Mads Mikkelsen, die het grootste deel van de film in zijn eentje te zien is. Daarnaast speelt María Thelma Smáradóttir een belangrijke rol als een vrouw die onder uitzonderlijke omstandigheden in hetzelfde ijzige landschap terechtkomt. De film ging in première op het filmfestival van Cannes in 2018 en werd het jaar daarop internationaal uitgebracht.
De film heeft een eenvoudige opzet, maar een zware lading. Het verhaal speelt zich af in een verlaten, arctisch gebied waarin mensen maar moeilijk kunnen overleven. Een naamloze man (Mads Mikkelsen) doet onderzoek in dit poolgebied, maar moet de ene tegenslag na de andere verwerken. Op een gegeven moment is hij niet langer op zichzelf aangewezen, omdat er een naamloze vrouw verschijnt (María Thelma Smáradóttir). De ontmoeting tussen hen verandert de situatie subtiel, maar ingrijpend. Denk aan nieuwe verantwoordelijkheden en een andere invulling van het overleven in het arctische klimaat. De film bevat nagenoeg geen dialoog, nauwelijks uitleg en geen muziek. Alles draait om de handelingen en emoties die de hoofdpersonen laten zien. Dat is indrukwekkend gedaan en de film verschuift langzaam van een puur individueel overlevingsverhaal naar een verhaal over zorg, verantwoordelijkheid en morele afwegingen onder extreme omstandigheden.
Mikkelsen in de film (foto via Armory Films / Union Entertainment Group / Pegasus Pictures)Baalsrud in het echt (foto via NRK)
Hoewel de film niet is gebaseerd op een waargebeurd verhaal, sluit de inhoud wel aan bij bekende overlevingsverhalen uit het poolgebied. Het verhaal van de Noorse verzetsstrijder Jan Baalsrud heeft bijvoorbeeld veel raakvlakken met “het verhaal” van Mads Mikkelsen in Arctic. Deze Jan Baalsrud (1917–1988) werd nationaal bekend tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1943 nam hij deel aan Operatie Martin, een sabotageactie tegen de Duitse bezetter in Noord-Noorwegen. De operatie mislukte vrijwel volledig. Zijn kameraden kwamen om of werden gevangengenomen, maar Baalsrud wist als enige te ontsnappen. Er volgde voor hem een maandenlange vlucht door het Noorse arctische landschap (destijds een gebied dat zwaar onder Duitse controle stond). Baalsrud wist te overleven, mede door de hulp van lokale bewoners die grote risico’s namen om hem te helpen. Maar hij betaalde er een behoorlijke prijs voor. Bovendien zijn de acties van Baalsrud niet filmisch indrukwekkend geweest; veel van wat hij probeerde mislukte.
Juist daarin raakt zijn verhaal aan de kern van Arctic. Want in de film draait het, net als bij Baalsrud, vooral om het uithoudingsvermogen van een sterk individu.
Historisch correct?
Geschikt en nuttig voor leerlingen?
Niet van toepassing, maar het verhaal is realistisch en er zijn historische parallellen.
Ja, voor lessen over (pool)expedities of overleven in oorlogstijd.
De eerste upload van 2025 is een feit! En meteen duiken we in mijn favoriete onderwerp: de erfenis van de Vikingen. Die erfenis vinden we zelfs in Nederland, want in Utrecht staat een enorme runensteen.
Hoe kwam die kolos daar terecht en wat betekent de inscriptie? Leer het allemaal in de video hieronder.
Op een afgelegen boerderij bij het Noorse Årdal (in de provincie Rogaland), wilde boer Tårn Sigve Schmidt graag een nieuwe weg voor zijn tractor aanleggen. Voordat de werkzaamheden konden beginnen, onderzochten archeologen het terrein. Gelukkig heeft de boer zich aan de regels gehouden, want er kwam van alles naar boven!
De archeologen vonden veel oud ijzer, wat erg logisch is rondom een boerderij. Maar een deel daarvan trok toch hun aandacht. Want wat op het eerste gezicht op oud ijzerdraad leek, bleek van onschatbare waarde te zijn: het waren vier zilveren Vikingarmbanden! De armbanden of armringen zijn meer dan 1100 jaar oud. Ze lagen verborgen onder de vloer van een klein gebouw op het terrein, dat mogelijk ooit gebruikt werd door arbeidskrachten, dan wel slaven, op een grote Vikingboerderij. Tijdens de opgraving werden er namelijk ook spekstenen kookpotten, diverse klinknagels, mesbladen en slijpstenen gevonden.
De onderzoekers probeerden een historische reconstructie te maken. Ze vermoeden dat de boerderijhoeve ooit deel uitmaakte van een landgoed dat de toegang tot het nabijgelegen fjord controleerde. Ze baseerden zich op de afstanden tussen de vondsten en daarmee dus op de schaal van de boerderij. Ze konden ook zien dat de schat nog exact lag waar de Vikingen hem verstopt hadden, omdat de objecten én de context ervan beide nog intact waren. Volgens Volker Demuth van het Archeologisch Museum van de Universiteit van Stavanger is de vondst daarom uitzonderlijk waardevol. Bovendien had Noorwegen in het Vikingtijdperk geen eigen zilvermijnen, wat betekent dat het zilver via handel, als geschenken of middels rooftochten in het buitenland verkregen was. En zo voegen de armbanden een laagje geschiedenis toe aan het grote geheel.
Ik zag weer een nieuwsbericht over een bijzondere archeologische vondst voorbijkomen, deze keer over een opgraving bij een heidense tempel in Noorwegen.
In het dorpje Hov (in de provincie Innlandet) hebben archeologen tientallen piepkleine gouden figuurtjes van meer dan 1400 jaar oud gevonden. De gouden plaatjes zijn extreem dun, bijna net zo fragiel als papier. En ze zijn ook nog eens klein van formaat, ongeveer zo groot als een vingernagel. Toch bevatten ze verrassend gedetailleerde afbeeldingen uit de Noordse mythologie, waaronder de god Freyr en de reuzin Gerðr. Zulke figuurtjes zijn vaker gevonden in Scandinavië en worden gullgubber genoemd, wat letterlijk “gouden mannetjes” betekent. Ze stammen uit de Merovingische periode, dus uit de eeuwen net vóór het Vikingtijdperk. Maar omdat het einde van de Merovingische periode samenvalt met het begin van het Vikingtijdperk, kennen deze opeenvolgende perioden nog veel culturele overeenkomsten. De gullgubber zijn daar een goed voorbeeld van.
Archeologen troffen de gouden plaatjes aan op een plek waar ooit een belangrijk religieus gebouw stond. Ze lagen niet zomaar verspreid, maar waren bewust in paalgaten gestopt. Ook lagen ze langs de voormalige muren van de tempel. Dat houdt verband met rituele en symbolische betekenissen, die we vandaag helaas niet meer kennen. Maar de onderzoekers vermoeden daarom wel dat de figuurtjes geen alledaagse sieraden waren, maar juist offers die bedoeld waren om de goden gunstig te stemmen. Mogelijk vroegen de mensen met deze offers om bescherming, vruchtbaarheid of voorspoed voor het gebouw of hun gemeenschap.
Doordat deze gullgubber nog precies op hun oorspronkelijke plek lagen, is de archeologische context meteen duidelijk. Dat is uitzonderlijk, omdat vergelijkbare vondsten vaak los in de grond worden aangetroffen zonder duidelijke relatie tot een gebouw. Archeologe Kathrine Stene benadrukt dat de ontdekking extra bijzonder is omdat gullgubber meestal in grotere tempelcomplexen worden gevonden. Het gebouw in Hov is namelijk relatief klein. Over heel Scandinavië zijn er inmiddels duizenden gullgubber ontdekt, maar elke nieuwe vondst draagt bij aan ons begrip van de Noordse mythologie, spiritualiteit en cultuur in de periode vóór de Vikingtijd.