Deze musketkogel zonder opdruk (ongemerkt) heb ik zo’n 14 jaar geleden met mijn vaders detector gevonden in Bakkum, dicht bij de duinen.
Het is een loden kogel met een standaardkaliber en deze is hoogstwaarschijnlijk gebruikt tijdens de Tweede Coalitieoorlog (1798-1802), dus tijdens de veldslagen van de Napoleontische Oorlogen die in Noord-Holland werden uitgevochten. Sporen van Napoleon in mijn eigen woonplaats; het blijft één van mijn topvondsten!
Leuk nieuws! De mini-documentaire over de enclavegeschiedenis van Baarle is door Brabants Erfgoed opgenomen als onderdeel van hun collectie. Daarom is er nu een archiefpagina voor gemaakt (klik hier).
Ik vind het geweldig dat de video nu ook bereikt kan worden via Brabants Erfgoed. Dat maakt het voor geïnteresseerden absoluut makkelijker om de mini-docu te vinden!
In het uiterste zuiden van de Nederlandse provincie Noord-Brabant, liggen de gemeenten Baarle-Nassau en Baarle-Hertog. Op de kaart lijkt dit dorp op een lappendeken van stukjes Nederland en België door elkaar geweven. Kijk maar eens:
Vandaag de dag (anno 2022) kun je hier als Nederlander zonder enige grenscontrole naar België lopen… en omgekeerd ook. De grenzen lopen zelfs dwars door gebouwen heen! De stukken België in Nederland noem je politiek bezien “enclaves”. Maar wat dit verhaal nog gekker maakt, is dat er ook weer Nederlandse enclaves in de Belgische enclaves liggen (en die noem je dan weer “contra-enclaves”).
Afijn, zo loop je dus in Baarle constant van Nederland naar België en van België naar Nederland, zonder dat je ooit Nederland verlaat. Maar hoe is dit eigenlijk zo gekomen? Wanneer zijn de rijksgrenzen vastgesteld en wat is er door de eeuwen heen in de regio gebeurd? Dat wordt allemaal uitgelegd in onderstaande mini-documentaire. Bekijk de video gerust twee keer om deze complexe geschiedenis te bevatten! 🙂
Op dit moment vindt er een grote archeologische opgraving plaats bij een voormalige herberg in het centrum van Alkmaar. Wat hoopt men daar te vinden?
Herberg “Het Gulden Vlies” aan de Koorstraat bestond al vóór 1563. De naam komt van de ridderorde die Filips de Goede, de hertog van Bourgondië, in 1430 ingesteld heeft. Filips haalde zijn inspiratie uit de Griekse mythologie. Daarin was het Gulden Vlies de gouden “vacht” van Chrysomallos; een wonderbaarlijke ram die door de goden gestuurd was om de kinderen Phrixos en Helle te redden. Tijdens de vlucht viel Helle in zee (de Hellespont), maar Phrixos bereikte veilig Kolchis, waar hij de ram offerde en het Gulden Vlies schonk aan koning Aiëtes, die het ophing in een heilig bos en liet bewaken door een nooit slapende draak. Generaties later werd Jason eropuit gestuurd om dit Gulden Vlies te halen om zijn recht op de troon van Iolkos te bewijzen. Met hulp van de Argonauten en de tovenares Medea wist Jason de draak te verslaan en het vlies te bemachtigen, waarmee hij een van de beroemdste heldentochten uit de Oudheid volbracht.
Afijn, herbergen die een uithangbord met de gouden vacht, Jason en/of de overwonnen draak erop hadden staan, hadden een speciale status. Hier kwamen gasten van aanzien hun braadstuk smikkelen! Zo ook in Alkmaar. Eeuwenlang kon men bij deze herberg terecht voor bijzondere diners, borrels en vergaderingen. Na een flinke verbouwing werd Het Gulden Vlies in 1924 heropend als theater. Echter, in 1991 viel het doek voor dit etablissement (letterlijk). Het gebouw transformeerde tot feestlocatie, café-restaurant en appartementencomplex.
Omdat er een nieuwe verbouwing op de planning staat voor het gebouw, wordt het terrein nu archeologisch onderzocht. Het is niet alleen aannemelijk dat er (afval)objecten van de middeleeuwse herberg gevonden worden, dit werd zelfs van tevoren verwacht. En ja hoor, de archeologen hadden gelijk. Inmiddels zijn er al muren, kelders, toiletten en riolen blootgelegd uit de 15e, 16e en 17e eeuw. Kleine vondsten zijn onder meer een vingerhoed (17e eeuw), pijpjes en munten, veel keramiek- en glasscherven (1780-1880), een Engels roomkannetje en een pannetje uit de 19e eeuw. Restanten van vijf eeuwen aan horeca-activiteit dus!
Toen duidelijk werd dat de Nationaalsocialistische Partij van Adolf Hitler gebied zou gaan veroveren buiten Duitsland-Oostenrijk, ontstond er logischerwijze grote paniek in de kunstwereld. Nationale topstukken zouden een periode van Duitse bezetting namelijk -waarschijnlijk- niet overleven (door verwoesting of om politieke redenen).
Curatoren en museumdirecteuren staken de koppen bijeen en zochten naar oplossingen om kunstwerken veilig te stellen. In Nederland leidde dat tot de bouw van speciale kunstbunkers, die schilderijen en andere objecten enerzijds bescherming boden tegen bombardementen en anderzijds ook een geheim onderkomen boden totdat de oorlog voorbij zou zijn. Of nou ja… geheim? Wat wisten de Duitsers over deze bunkers? En hoe belandde de Nachtwacht van Rembrandt van Rijn in de Castricumse duinen?
Onderstaande video is een samenwerking met historisch auteur John Heideman, die werkelijk alles weet over de oorlogsjaren in zijn geboortedorp Castricum. Hij neemt ons mee naar die tijd en legt alles duidelijk uit. Dat doet hij overigens ook in een reeks zeer gedetailleerde boeken, waarover op zijn website meer informatie te vinden is.
In Berlicum ligt een ruïne van een middeleeuws kasteeltje. Het fungeerde eerst als buitenplaats voor de lokale adel, toen als plezierkasteel met tennisbaan en uiteindelijk werd het gebouw verlaten en aan de natuur overgeleverd. Kijk mee naar wat sfeerbeelden.
Vroeger was de rustige, groene omgeving bij Berlicum voor de adel een perfect gebied voor een buitenhuis. Rond 1450 bouwden edelen uit het nabijgelegen Den Bosch er heuse kasteeltjes en Kasteel Seldensate was daar één van. Het werd al omstreeks 1300 gebouwd als middeleeuwse hoeve, maar het terrein werd continu uitgebreid. Aan het einde van de 15e eeuw stond er een woonkasteel met de naam Seldensate, een poortgebouw, een duiventoren en een kapel.
In 1629 werd Den Bosch belegerd door stadhouder Frederik Hendrik van Oranje (zoon van Willem van Oranje). Veel lokale bewoners schuilden op Seldensate. Andere conflicten uit de Tachtigjarige Oorlog zorgden ervoor dat Seldensate snel achter elkaar nieuwe eigenaren kreeg. Maar toch raakte het terrein steeds meer in verval. In 1890 blies Valerius Bosch het oude kasteel nieuw leven in middels een grote restauratie. Er werd een nieuwe toren gebouwd en er kwam een serre bij. In de tuin werd zowel een tennisbaan als een ijskelder aangelegd, geheel volgens de laatste mode.
Echter, in 1928 vertrok de familie Bosch. Het kasteel bleef onbewoond achter en degradeerde snel. Het terrein verzakte namelijk door de rivierloop van de Aa, die overal omheen en doorheen slingert. In 1973 kocht de gemeente Sint-Michielsgestel het landgoed op om de fundamenten te conserveren. Het poortgebouw en de duiventoren werden hersteld. Sindsdien worden ook de tuin en de gracht rond de ruïne onderhouden, zodat dit stukje erfgoed netjes behouden kan worden.
Vandaag is het precies 50 jaar geleden dat Bloody Sunday plaatsvond. Ik ken niemand in Noord-Ierland, maar ik heb wel vrienden uit de Ierse Republiek. Eén van hen, Shane, zou graag willen dat meer Nederlanders leren over Bloody Sunday. Nou, hierbij dan het artikel!
“Bloody Sunday” (“Bloederige Zondag”) refereert in de meeste gevallen aan 30 januari 1972. Op deze zondag werd er in de Noord-Ierse stad Derry gedemonstreerd voor burgerrechten. Het protest was van tevoren echter door de regering van het Verenigd Koninkrijk verboden.
De aanleiding was Operation Demetrius: het opsluiten van groepen personen zonder gerechtelijk proces. De operatie omvatte een massa-arrestatie van personen die vermoedelijk banden hadden met de IRA, de Irish Republican Army. Zij streden voor Ierse onafhankelijkheid van het Verenigd Koninkrijk. De meeste gevangenen waren katholiek. Ondanks het vreedzame verloop van het protest, greep het Britse leger in en schoot 14 ongewapende jongens en mannen neer. Sommige van hen werden beschoten terwijl ze andere slachtoffers hielpen. Eén van hen had niets met het protest te maken en was op weg naar een vriend. Ze overleden uiteindelijk allemaal.
Een muurschildering in Derry herinnert aan het incident. Foto uit het publieke domein.
Er zijn meerdere dagen uit de geschiedenis bestempeld als Bloody Sunday (inclusief twee andere incidenten in Ierland), maar het bloedbad van Derry is het meest bekend. Déze Bloody Sunday wordt gezien als een keerpunt in The Troubles; de burgeroorlog tussen Ierland en het Verenigd Koninkrijk, die dertig jaar duurde.
Er werd een tribunaal ingesteld om de zaak te beoordelen. Lange tijd was het oordeel van dit Widgery-tribunaal dat de Britse militairen niet schuldig waren aan het doden van de 14 mannen, maar slechts roekeloos hadden gehandeld. In 1998 werd de zaak echter onder (internationale) politieke druk heropend, maar het definitieve oordeel laat nog op zich wachten. Het onderzoek is het langstdurende proces uit de Britse geschiedenis. In 2010 heeft de Britse premier David Cameron namens de Britse regering excuses aangeboden voor het incident.
Als litteken van de bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog, loopt de zogenoemde “brandgrens” kriskras door de stad. Vandaag is de lijn aangegeven met speciale lampen. Als je de grens een tijdje volgt, krijg je een idee van de omvang van de vernielingen. Inmiddels is stadsdeel Rotterdam Blaak zo vaak gerenoveerd dat je er niets meer van ziet!
Gedurende de middeleeuwen had de christelijke kerk een stevige grip op de Europeanen. Macht, rijkdom en godsdienst gingen dikwijls hand in hand. Vanaf de 16e eeuw komt daar steeds meer kritiek op van wetenschappers (bijvoorbeeld van de Nederlandse humanist Erasmus) en van geestelijken die allerlei vormen van machtsmisbruik met hun eigen ogen zien. Nog iets later stappen er mensen naar voren die concrete hervormingen bepleiten, zoals Luther in het Heilige Roomse Rijk (het huidige Duitsland). Ook Calvijn begint zo’n hervormingsbeweging, hoewel hij opereert vanuit Zwitserland en Frankrijk. De Reformatie begint… de christelijke kerk scheurt uiteen in het ‘oude’ katholicisme en het ‘nieuwe’ protestantisme.
Vorsten krijgen het zwaar, omdat zij een keuze moeten maken. Blijven zij het oude geloof aanhangen, of gaan ze mee met de hervormingen? Hun onderdanen maken hun eigen keuzes, waardoor de vorst er hoe dan ook vijanden bij krijgt, welke keuze hij ook maakt. Sommigen gaan zelfs over tot geweld en vervolgingen, in de hoop de situatie te beslechten en één centraal geloof terug te brengen in hun gebieden.
In het Habsburgse Rijk wordt de situatie voor de vorsten onhoudbaar. Talloze ruzies en gewapende conflicten volgen. De chaos resulteert uiteindelijk in een ontzettend belangrijk vroegmodern document: de Godsdienstvrede van Augsburg (1555). Gesloten in de Duitse stad Augsburg, bepaalt deze vrede dat iedere vorst in het Heilige Roomse Rijk zelf mag kiezen welke godsdienst er in zijn gebied aangehangen moet worden. Cuius regio, eius religio: wiens land, diens godsdienst.
Deze religieuze ontwikkeling en het bijbehorende document zijn al decennialang onderdeel van de examenstof op middelbare scholen. In onderstaande video bezoeken we Augsburg en duiken we wat dieper in deze geschiedenis.
Als je naar beneden kijkt terwijl je door de Vlaamse stad Turnhout loopt, dan zal er snel iets opvallen. Sommige gebouwen hebben naast de entree een gat in de muur, waar niks achter zit. De gaten horen niet bij de riolering en zijn ook niet puur decoratief. Wat zijn het wel?
Het zijn holletjes om je voeten in schoon te vegen! Vroeger was er bij de voordeur van veel huizen zo’n voetschraper of schoenschraper aanwezig. De straten waren immers niet altijd zo schoon en vlak als ze nu zijn. Voordat betegelde stoepen de norm werden, was het wel zo hygiënisch om even alle modder (of poep) van je schoeisel te vegen voordat je ergens naar binnen ging.
De eerste voetschrapers stonden los bij de voordeuren. Het waren zware blokken met scherpe beugels van ijzer. Ze waren soms fraai gedecoreerd, maar stonden wel een beetje in de weg. Zeker toen er meer verkeer op straat kwam, vormden de schoenschrapers gevaarlijke obstakels. De oplossing was om een schraper op te hangen in een nisje in de muur naast de deur; dus zoals op de foto’s te zien is.
Vanaf de 20e eeuw werd de schraper geleidelijk overbodig door bestrating en door de opkomst van deurmatten achter de voordeur, in het huis. De lege nisjes bleven. 🙂