Wie weleens in Utrecht komt, heeft deze vreemde toevoeging aan de huisnummers vast weleens gezien: “BIS”, “bis A” of “BIS B”. Waar slaat dat eigenlijk op?
Het woord “bis” betekent “twee(maal)” in het Latijn. Wanneer een gebouw met een bepaald huisnummer later werd opgedeeld in meerdere woningen en/of kantoren, werd er onderscheid tussen de ruimten gemaakt door “bis” aan dit huisnummer toe te voegen. Een woning op de begane grond heeft dan bijvoorbeeld huisnummer 5 en de woning op de bovenverdieping (in hetzelfde gebouw) 5 bis.
Wanneer er nog meer afzonderlijke verdiepingen zijn, krijg je…
Huisnummer 5 (begane grond)
Huisnummer 5 bis (eerste verdieping)
Huisnummer 5 bis A (tweede verdieping)
Huisnummer 5 bis B (derde verdieping)
Voor zo ver mij bekend is, is Utrecht de enige Nederlandse stad met deze toevoeging aan de huisnummers. In Parijs komt het echter ook voor.
Gevonden op het strand: een plaatje van gemengd metaal met opdruk DIESEL.
Het lijkt het lettertype van het kledingmerk te zijn. Het hing wellicht aan een petje of aan een schoen. Of zou het van een vaartuig komen en toch op diesel als brandstof duiden?
In kostuumdrama’s loopt iedereen rond met een pruik, de één nog extravaganter dan de ander. Denk aan rechters in Victoriaans Engeland, of aan de Franse Marie Antoinette en haar peperdure haarwerken met vogelkooitjes erin. Maar sinds wanneer dragen mensen eigenlijk pruiken, hoe ver moeten we dan terug in de tijd? En wat was de oorspronkelijke functie daarvan? Diende de pruik om het hoofd te beschermen of droeg je zoiets alleen maar om mee te pronken?
In de video hieronder wordt de geschiedenis van haarwerken en pruiken behandeld. De tweede helft van de video draait om het werk van Stichting Haarwensen, een hartverwarmende organisatie die haarwerken maakt en gratis beschikbaar stelt voor kinderen die zelf geen haar (meer) hebben door ziektes of aandoeningen. Bij hen kun je altijd vlechten doneren en uiteraard zijn gelddonaties ook altijd welkom.
Zelf probeer ik dit ook zo vaak mogelijk te doen. In 2020 had ik een inzamelingsactie opgezet waarbij mensen €1 konden doneren. Een klein bedrag, maar alle kleine beetjes helpen. En zo vormden die kleine beetjes samen uiteindelijk toch een cheque van €450! Het geld ging samen met mijn haar naar Stichting Haarwensen. Er staat zelfs nog een oude video op hun YouTube-kanaal van deze actie. Voor onderstaande video organiseerde ik een nieuwe inzamelingsactie. Bedankt aan alle donateurs die ook deze keer weer hebben geholpen! Zoals beloofd stuur ik dan ook weer mijn vlecht op.
Stichting Haarwensen maakt echt het verschil. Neem een kijkje op hun website en overweeg eens een donatie. Alle kleine beetjes helpen, tenslotte. 😉
In de vroegmoderne tijd wist Nederland zich (als Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden) los te maken van het Spaanse Rijk. Het handelsvolk aan de Noordzee had daar bijna een eeuw voor moeten strijden, vandaar de term Tachtigjarige Oorlog (1568-1648). Ondanks deze conflicten, konden de “Nederlanders” zich economisch ontwikkelen. De lokale handelsgeest en ijver werden versterkt door internationale ambities. De VOC en de WIC brachten ons land een ontzettend grote rijkdom, die overzee niet altijd eerlijk vergaard was. Eenmaal onafhankelijk begon er een economische en culturele bloeitijd. We refereren nog altijd aan deze periode als de Gouden Eeuw, grofweg samenvallend met de 17e eeuw (of op zijn minst de tweede helft daarvan).
Maar waar grootschalig geïnvesteerd en gespeculeerd wordt, kunnen ook economische zeepbellen ontstaan. In 1634 sloeg het economische optimisme in de Republiek finaal om: de bloembollenmarkt stortte in elkaar. Niet gek misschien, want de prijs voor één enkele tulpenbol was opgelopen tot enkele duizenden guldens. Daar kon je potdorie ook een heel grachtenpand in Amsterdam voor kopen!
Deze gebeurtenis kwam bekend te staan als de “Tulpenmanie” en was de allereerste economische crash uit de geschiedenis. Kun je nagaan, met je Gouden Eeuw…
Dat de mosselvisserij ook heel spannend kan zijn, bewezen de vissers van Bruinisse in 1773.
Bruinisse is een Zeeuws vissersdorp aan de Oosterschelde en aan het Grevelingermeer. Al eeuwenlang wordt er in het bijzonder op mosselen gevist. In de 18e eeuw bloeide het dorp (tijdelijk) dankzij de mosselvisserij. De verse vangst werd aan de ‘kaaien’ (kades) verkocht. Dagelijks voeren er zo’n 100 schepen, vooral “hoogaars”, uit op de Oosterschelde. Maar de drukte van de uitvarende en aanmerende schippers zorgde voor chaos. De Staten van Zeeland (het provinciebestuur) grepen in en stelden in 1771 een ordonnantie op. Bepaald werd dat ieder schip dat de haven van Bruinisse bezocht, zich eerst moest melden bij de havenmeester. Er moest een bedrag van 2 stuivers betaald worden. Vervolgens moesten de schippers wachten tot ze aan de beurt waren om aan te meren en hun vangst te lossen.
Prent door Cornelis Pronk (ca. 1760).Bron: BRUSEA
De vissers uit Bru (Bruinisse) vonden het oneerlijk dat dit ook voor hen gold, in plaats van alleen voor buitenstaanders. Ook stierven de mosselen tijdens het wachten, waardoor ze onverkoopbaar werden. De vissers klaagden zo lang, dat de regels in 1772 een beetje versoepeld werden. Het was niet voldoende. De vissers uit Bru kwamen in juni 1773 in opstand. Zeker 30 kerels eisten dat de regels zouden verdwijnen. Ze trokken boos naar het huis van de baljuw; een soort politiecommissaris. Daar begonnen ze dingen te vernielen. De spanningen liepen zo hoog op, dat er soldaten vanuit Zierikzee gestuurd werden. Zij moesten de baljuw helpen om de vissers tot bedaren te brengen.
Aquarel door Maurice Segher (1900).
De rust werd hersteld, maar de Bruse vissers bleven hun zaak verdedigen. De ordonnantie paste niet bij de gebruiken van de mosselvisserij en schaadde de economie. De burgemeester van Bru erkende dat uiteindelijk. Daarna voelden de Staten van Zeeland zich ook gedwongen om daar rekening mee te houden. De ordonnantie werd niet ingetrokken, maar werd simpelweg niet meer nageleefd.
Wat vinden jullie, was de reactie van de mosselvissers terecht?
Koning Lodewijk Napoleon, rustig fietsen door de natuur en de Veluwe… Drie dingen waar ik groot fan van ben. De toeristische organisatie van Barneveld, de Stichting Visit Regio Barneveld, heeft een fietsroute uitgezet waarin al deze elementen gecombineerd worden en daarom wil ik dit graag met jullie delen.
Deze nieuwe “Route de Lodewijk Napoléon” is in totaal 55 km, maar kan natuurlijk ook ingekort worden en/of gewandeld worden. De route loopt tussen Amersfoort en Apeldoorn en is gebaseerd op de verharde weg die Lodewijk Napoleon precies daar liet aanleggen in 1809. Die verbetering van de infrastructuur gaf de lokale economie destijds een flinke boost, want ook handelaren (marskramers, eigenlijk) gingen de weg gebruiken. Zodoende kwamen er in de regio allerlei uitspanningen en herbergen bij, waarvan sommige vandaag nog steeds bestaan.
Omdat dat kroondomein Het Loo en het gelijknamige koninklijke paleis bij Apeldoorn liggen, worden in de route beide “koningshuizen” van ons land gecombineerd: de familie Bonaparte en de familie Oranje-Nassau. Naar eigen inzicht kunnen deze plekken natuurlijk ook bezocht worden als tussenstop op de fietsroute. Kortom, onderweg valt er een hoop te beleven met een koninklijk tintje!
Klik hier voor de GPS-kaart en nog wat meer achtergrondinformatie.
DetectorDinsdag! Oké, het is geen (edel)metaal, maar wel een bodemvondst.
Tijdens het zoeken met de detector heb ik deze scherven opgegraven. Het stuk met het geultje als eerste. Ik werd erg enthousiast van dit mogelijke ouderwetse soepbord/juskommetje… maar als niet-roker besefte ik niet dat dit een asbak was. 😅 Toch vond ik de groene scherven te mooi om te laten liggen.
In onze nieuwe serie Pracht & Praal staan kastelen, buitenplaatsen en ruïnes in binnen- en buitenland in de schijnwerpers. Ik kan persoonlijk altijd enorm genieten van een kasteelbezoek. Het maakt niet uit waar. Van de dikke muren en de torens aan de buitenkant, tot aan de jachttrofeeën, familiewapens en kroonluchters aan de binnenkant… Het is heerlijk wegdromen naar middeleeuwse tijden. En als het even kan, maak ik tijdens langere reizen onderweg graag een koffiestop bij een mooie buitenplaats. Zelfs als mijn eindbestemming niets met geschiedenis te maken heeft! 🙂
Met kasteel Henkenshage in Sint-Oedenrode trappen we de serie af. Een kleine parel verscholen in het Brabantse groen, waar je in stijl kunt dineren en zelfs kunt trouwen. Extra bijzonder is de rol die het kasteel vervulde tijdens de Tweede Wereldoorlog. Klik snel op onderstaande video en kijk mee:
Lange tijd leerden Franse kinderen op school dat Frankrijk tijdens de Tweede Wereldoorlog heldhaftig tegen de Duitse bezetter gevochten heeft. En dat was ook zo, want Franse soldaten werden overal heen gestuurd en deze vaderlandsplicht kostte hen vaak het leven. En Franse vrouwen droegen op allerlei manieren hun steentje bij om gezamenlijk, als Franse natie, te kunnen overleven onder het nationaalsocialistische juk van Hitler.
Dit is echter niet het complete verhaal. Net zoals in ieder land dat door de Duitsers bezet werd, was er ook in Frankrijk een nationaalsocialistische partij (of een soortgelijk alternatief). Voor Frankrijk was dit het Vichy-regime, dat zelfs een eigen regeringszetel had in de stad Vichy. Dit regime werd geleid door de charismatische veldmaarschalk Philippe Pétain, die in de Eerste Wereldoorlog de bijnaam “de held van Verdun” had verdiend (nota bene tégen de Duitsers). Vanuit Vichy onderhield hij nauwe relaties met de nazi-topstukken in Duitsland. Vichy en het omliggende gebied werden daarmee ook een veilige haven én een machtsbasis voor de nazi’s in Frankrijk.
Bekijk de geschiedenisflits hieronder om meer te leren over deze gebeurtenissen.