De Watersnoodramp (1953)

Nederland is een waterland. Er is een lange kustlijn, er stromen grote en kleine rivieren en er zijn ontelbaar veel beekjes en stroompjes. Watersporten doen we op de meren en de Waddenzee kent een uniek getijdenlandschap. De keerzijde van deze geografie, is dat Nederland grotendeels onder zeeniveau ligt. Dat betekent dat ons land kwetsbaar is voor overstromingen en dat de kustlijn goed bewaakt moet worden. Vandaag zorgt Rijkswaterstaat er samen met de gemeenten voor dat ieder mogelijk risico op tijd gesignaleerd wordt, zodat we actie kunnen ondernemen indien nodig.

Maar die controle was niet altijd zo streng. Net na de Tweede Wereldoorlog waren de dijken verwaarloosd. De wind en het water kregen vrij spel en bij zware stormen zorgde dat voor veel overlast. Dat dit ook kan uitgroeien tot een nationale ramp, bleek in januari 1953… Wat er toen gebeurde in het zuidwesten van Nederland is bekend komen te staan als de Watersnoodramp. Wat gebeurde er en hoe liep het af? Bekijk de video hieronder en besef hoe noodzakelijk de bouw van de Zeeuwse Deltawerken was.

Het verhaal van Jan van Schaffelaar – Hoekse en Kabeljauwse Twisten

Hieronder staat de eerste uit een reeks van drie video’s met meer achtergrondinformatie over de zandsculpturen die momenteel te zien zijn bij Zandsculpturen Garderen.

In Barneveld heeft zich in de middeleeuwen een tragedie afgespeeld. In de 14e en 15e eeuw brak er een langdurig conflict uit tussen verschillende adellijke families uit het graafschap Holland. De vraag was wie welk gebied mocht besturen en controleren (en daar dus de belastingen mocht innen en soldaten mocht werven). Die strijd laaide steeds weer op en oversteeg generaties. De conflicten kwamen bekend te staan als de “Hoekse en Kabeljauwse Twisten”, naar de strijdnamen van de vechtende partijen.

De ridder Jan van Schaffelaar vocht voor de Kabeljauwen. Hij kwam tragisch aan zijn einde in een gevecht tegen de Hoeken, dat plaatsvond rondom de kerktoren van Barneveld. Wat er precies gebeurde, ziet u in onderstaande video.

De burchtruïne van Steinhart (Hainsfarth, Duitsland)

Een nieuwe aflevering van Pracht & Praal, dit keer over een ruïne. Deze middeleeuwse burcht (Duits: Burg) vervulde een belangrijke functie tijdens de politiek-militaire campagnes van de Heren van Steinhart, maar raakte al in de vroegmoderne tijd in verval. Gelukkig wordt de ruïne vandaag beschermd door monumentenzorg, zodat de dikke muren niet verder afbrokkelen. Diep verscholen in het bos, loop je zo terug de middeleeuwen in zodra je de poort ziet verschijnen!

De werfkelders van Utrecht

Naast de huisnummers met de toevoeging “bis” (lees het hier), beschikt Utrecht over nóg een bijzonder stedelijk kenmerk. In de binnenstad zijn de grachten op veel plekken voorzien van zogeheten werfkelders.

Oorspronkelijk waren deze kelders bedoeld als opslagruimten en doorgangsruimten tussen de huizen en de grachten. Zo konden goederen worden getransporteerd over het water, wat voordelen had ten opzichte van het vervoer door de drukke en smerige straten van de binnenstad. De middeleeuwse stenen constructies en de bruggetjes uit de Gouden Eeuw (17e eeuw) brengen je vandaag direct terug naar vervlogen tijden. Leuk om te weten is dat de kelders vaak recht onder de straten liggen. De combinatie van bedrijvigheid in de binnenstad en de opslag en het goederentransport rondom de werfkelders, zorgde ervoor dat Utrecht in feite een stadshaven had.

Zelf een keer spieken? In sommige kelders zitten tegenwoordig winkels, restaurants of kantoren. Loop je langs de Drift, de Oudegracht, de Nieuwegracht, de Plompetorengracht of de Kromme Nieuwegracht, dan kun je op veel plekken met een trapje naar beneden om bij de kelderdeuren te komen. Respecteer daarbij wel de privacy van de bewoners aan de grachten. 🙂

Rietwerkers, bieswerkers en griendwerkers – Ambachten in de Biesbosch

Wie weet er tegenwoordig nog wat voor werk een rietwerker precies doet? Of een bieswerker? En wat is eigenlijk een griendwerker? Allerlei termen van ambachten die een beetje in de vergetelheid zijn geraakt, maar desalniettemin belangrijk zijn geweest voor de Nederlandse economie. In de Biesbosch kwamen al deze beroepen samen. Het landschap bepaalde de geschiedenis en andersom. Klik op onderstaande video en kijk mee naar dit onvervalste stukje Hollandsche geschiedenis.

Afwijkende Utrechtse huisnummers

Wie weleens in Utrecht komt, heeft deze vreemde toevoeging aan de huisnummers vast weleens gezien: “BIS”, “bis A” of “BIS B”. Waar slaat dat eigenlijk op?

Het woord “bis” betekent “twee(maal)” in het Latijn. Wanneer een gebouw met een bepaald huisnummer later werd opgedeeld in meerdere woningen en/of kantoren, werd er onderscheid tussen de ruimten gemaakt door “bis” aan dit huisnummer toe te voegen. Een woning op de begane grond heeft dan bijvoorbeeld huisnummer 5 en de woning op de bovenverdieping (in hetzelfde gebouw) 5 bis.

Wanneer er nog meer afzonderlijke verdiepingen zijn, krijg je…

  • Huisnummer 5 (begane grond)
  • Huisnummer 5 bis (eerste verdieping)
  • Huisnummer 5 bis A (tweede verdieping)
  • Huisnummer 5 bis B (derde verdieping)

Voor zo ver mij bekend is, is Utrecht de enige Nederlandse stad met deze toevoeging aan de huisnummers. In Parijs komt het echter ook voor.

DetectorDinsdag: DIESEL

Gevonden op het strand: een plaatje van gemengd metaal met opdruk DIESEL.

Het lijkt het lettertype van het kledingmerk te zijn. Het hing wellicht aan een petje of aan een schoen. Of zou het van een vaartuig komen en toch op diesel als brandstof duiden?

De geschiedenis van de pruik – Samenwerking met Stichting Haarwensen

In kostuumdrama’s loopt iedereen rond met een pruik, de één nog extravaganter dan de ander. Denk aan rechters in Victoriaans Engeland, of aan de Franse Marie Antoinette en haar peperdure haarwerken met vogelkooitjes erin. Maar sinds wanneer dragen mensen eigenlijk pruiken, hoe ver moeten we dan terug in de tijd? En wat was de oorspronkelijke functie daarvan? Diende de pruik om het hoofd te beschermen of droeg je zoiets alleen maar om mee te pronken?

In de video hieronder wordt de geschiedenis van haarwerken en pruiken behandeld. De tweede helft van de video draait om het werk van Stichting Haarwensen, een hartverwarmende organisatie die haarwerken maakt en gratis beschikbaar stelt voor kinderen die zelf geen haar (meer) hebben door ziektes of aandoeningen. Bij hen kun je altijd vlechten doneren en uiteraard zijn gelddonaties ook altijd welkom.

Zelf probeer ik dit ook zo vaak mogelijk te doen. In 2020 had ik een inzamelingsactie opgezet waarbij mensen €1 konden doneren. Een klein bedrag, maar alle kleine beetjes helpen. En zo vormden die kleine beetjes samen uiteindelijk toch een cheque van €450! Het geld ging samen met mijn haar naar Stichting Haarwensen. Er staat zelfs nog een oude video op hun YouTube-kanaal van deze actie. Voor onderstaande video organiseerde ik een nieuwe inzamelingsactie. Bedankt aan alle donateurs die ook deze keer weer hebben geholpen! Zoals beloofd stuur ik dan ook weer mijn vlecht op.

Stichting Haarwensen maakt echt het verschil. Neem een kijkje op hun website en overweeg eens een donatie. Alle kleine beetjes helpen, tenslotte. 😉

Geruïneerd door overpriced bloembollen – De Tulpenmanie

In de vroegmoderne tijd wist Nederland zich (als Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden) los te maken van het Spaanse Rijk. Het handelsvolk aan de Noordzee had daar bijna een eeuw voor moeten strijden, vandaar de term Tachtigjarige Oorlog (1568-1648). Ondanks deze conflicten, konden de “Nederlanders” zich economisch ontwikkelen. De lokale handelsgeest en ijver werden versterkt door internationale ambities. De VOC en de WIC brachten ons land een ontzettend grote rijkdom, die overzee niet altijd eerlijk vergaard was. Eenmaal onafhankelijk begon er een economische en culturele bloeitijd. We refereren nog altijd aan deze periode als de Gouden Eeuw, grofweg samenvallend met de 17e eeuw (of op zijn minst de tweede helft daarvan).

Maar waar grootschalig geïnvesteerd en gespeculeerd wordt, kunnen ook economische zeepbellen ontstaan. In 1634 sloeg het economische optimisme in de Republiek finaal om: de bloembollenmarkt stortte in elkaar. Niet gek misschien, want de prijs voor één enkele tulpenbol was opgelopen tot enkele duizenden guldens. Daar kon je potdorie ook een heel grachtenpand in Amsterdam voor kopen!

Deze gebeurtenis kwam bekend te staan als de “Tulpenmanie” en was de allereerste economische crash uit de geschiedenis. Kun je nagaan, met je Gouden Eeuw