In de klas hebben de leerlingen de kaart van Afrika opnieuw ingetekend, net zoals dat in 1884-1885 gebeurde tijdens de Conferentie van Berlijn.
Deze Conferentie van Berlijn was een bijeenkomst van een aantal leiders van industrialiserende Europese naties. Onder andere het Duitse Rijk, België, Groot-Brittannië en Frankrijk waren aanwezig. Deze vier naties werden de hoofdrolspelers van het evenement, hoewel er nog meer landen vertegenwoordigd waren.
De Europese machten kwamen bijeen om “koloniale problemen” op te lossen (denk aan dubbele claims, gebrek aan industriële grondstoffen of juist gebrek aan afzetgebieden). Door het Afrikaanse continent onderling te verdelen, herdefinieerden ze de grenzen van Afrikaanse landen en creëerden ze tegelijkertijd nieuwe naties. De mensen die in deze gebieden woonden, waren nooit om advies gevraagd. Ze hadden niets te zeggen bij de creatie van deze nieuwe landsgrenzen. En dus sneden de lijnen dwars door stamgebieden en graasgebieden/migratieroutes van dierenkuddes, waardoor er automatisch nieuwe spanning ontstond onder de lokale bevolking.
Hoewel het tijdperk van dit moderne imperialisme nu achter ons ligt, vormen de afspraken uit de Conferentie van Berlijn nog altijd de reden dat sommige Afrikaanse grenzen er vandaag zo vreemd “recht” uitzien.
Als docent kun je dit vertellen en aanwijzen op de kaart, maar je kunt het de leerlingen ook zelf laten ontdekken. De klas speelt de Conferentie dan na en probeert zoveel mogelijk de belangen van het eigen land te behartigen. Met een paar kaartjes op tafel, zeiden ze dingen als “Ik claim dit stuk land, jij mag dat hebben!” en “Stop, dit is mijn territorium!”. Of, helemaal berekenend en tevreden met zichzelf: “Dat overige stukje kunnen we nog in tweeën snijden!”. Door hen na afloop met hun eigen uitspraken te confronteren, begrepen we aan het einde van de les allemaal hoe absurd de Conferentie van Berlijn eigenlijk was.
Als je dit zelf ook eens wil proberen, dan is de PDF van Barbaar Educatie meteen bruikbaar en goed functionerend (klik hier). Aanrader voor de lessen over kolonialisme!
Zijn jullie ook zo druk aan het scheuren in de Alkmaarse Scheurkalender? Vandaag kwam er een puzzel naar boven. Hieronder zomaar een selectie van de afgelopen weken; de kalender zit echt boordevol historische weetjes. Voor de geïnteresseerden die bij onze winactie misgrepen: via de website zijn er nog enkele scheurkalenders verkrijgbaar. 😉
…Althans, de laatste kans om de tentoonstelling van 2022-2023 te bezoeken voordat het terrein sluit en het nieuwe thema opgebouwd wordt.
Wij voegden zelf natuurlijk ook de daad bij het woord om alle schitterende kunstwerken nog een laatste keer te bekijken. Er staan zandsculpturen, houtsculpturen en ijssculpturen. Dus zelfs in de laatste weken is er nog van alles te zien!
Alvast terugblikkend op dit seizoen, kan ik niet anders zeggen dan dat het thema Vaderlandse Geschiedenis een groot succes was. De complimenten stroomden bij ons binnen en veel mensen waren verheugd om Zandsculpturen Garderen “ontdekt” te hebben als uitje op de Veluwe. Hartelijk dank voor alle leuke reacties en… Op naar de volgende! 🙂
Gespot in de keuken van kennissen uit Limburg: een rumtopf. Zowel het gerecht als de aardewerken pot worden zo genoemd. Wat is dat dan?
Een rumtopf is letterlijk een “rumpot”. Het is een ouderwetse lekkernij van fruit dat is ingemaakt in suiker en rum. Het komt oorspronkelijk uit de Duitstalige gebieden en is daardoor bij ons vooral bekend in de provincie Limburg.
De Topf (Duits voor “kookpot”) moet een wijde hals hebben en moet qua grootte een inhoud hebben van een paar liter, anders verloopt het proces niet optimaal. Meestal wordt de pot gevuld met seizoensvruchten, bijvoorbeeld aardbeien aan het begin van de zomer, bessen in de zomer en vervolgens peren, pruimen en druiven in de nazomer. Aan 500 gram fruit voeg je ook 500 gram suiker toe (!). Als laatste giet je net zo veel rum in de pot totdat het gesuikerde fruit helemaal onder staat.
In de oogsttijd van iedere volgende soort fruit, herhaal je het proces. Dus na een paar weken voeg je de laag zomerbessen toe aan de reeds ingemaakte laag aardbeien. Weer een paar weken later komen de peren erbij, etcetera, etcetera. De suiker lost langzaam op in de rum. Belangrijk is om de gevulde rumtopf ook nog een paar weken (vij voorkeur maanden) te laten staan zodat het inmaakproces helemaal voltooid is en de smaken het beste naar voren komen. Een echte rumtopf maak je dus in een paar maanden!
Gecombineerd met slagroom, pudding, ijs, cake of pannenkoeken is rumtopf een machtig en nostalgisch dessert. Kinderen kunnen hun kerstdiner echter beter met een andere lekkernij afsluiten…
Het is de voorloper van de veiligheidsspeld: de fibula! De Romeinen hielden hiermee hun kleding bij elkaar. En ook andere bevolkingsgroepen, zoals de Germanen en de Kelten, gebruikten mantelspelden.
Vandaag heb ik in mijn TTO-brugklas een werkblad uitgedeeld met duidelijke instructies waarmee de leerlingen zelf een fibula konden maken. Benodigdheden zijn verder (dik) ijzerdraad, schuurpapier en ronde vormen om het ijzer omheen te buigen. Het bleek best makkelijk om zo’n historisch sieraad in elkaar te fröbelen. De leerlingen hadden een hoop lol toen ze hun eigen fibula’s door mijn handdoek mochten spelden, haha! 😀
Nog niet zo lang geleden stonden deze rakkers nog overal in cafés en kantines, maar vandaag zie je ze bijna nooit meer. Wie kent ze nog?
Een biljartklok is een hulpmiddel om (betaalde) potjes biljart bij te houden. Je gooide een muntstuk, bijvoorbeeld een kwartje of een dubbeltje, in de klokkast. De ballen bovenop de klok raakten dan los van hun houders. Je pakte de ballen eraf en kon dan vervolgens een vooraf ingestelde tijd spelen. Meestal was dat 30 minuten.
Na die 30 minuten, begon de klok te rinkelen als een wekker. Dan was het de bedoeling om de score of de tussenstand te noteren en de ballen terug te drukken in hun houders. De wekker stopte en daarna moest je bepalen of je zou stoppen, of nog een potje wilde spelen. Dan moest je natuurlijk wel weer een nieuw muntstuk in de klok gooien.
Je kocht dus eigenlijk je speeltijd. Dat had je in mijn jeugd ook nog, bijvoorbeeld met pooltafels en air-hockeytafels waar het speelmateriaal pas uit kwam wanneer je er een gulden of een euro ingooide. Schoot de bal of de hockeypuck in een gat, dan kwam hij er gewoon niet meer uit. Zelfde principe, maar dan in de speeltafel zelf.
Naast de biljartklokken bestonden er ook poolklokken, die uiteraard meer dan 3 ballen hadden en geschikt waren voor een potje pool. In bruine cafés werden de muntjes uit de klokken vaak gebruikt om nieuwe keus of lakens voor de speeltafels te kopen.
Hoewel de langste nacht altijd in december is, vindt het jaarlijkse evenement “De Nacht van de Nacht” landelijk plaats in oktober. Dit jaar deed ik voor het eerst mee en ik kon mijn arachnofobische vriendin Kim overtuigen om samen Fort Benoorden (Spaarndam) te bezoeken bij kaarslicht.
Fort Benoorden Spaarndam werd eind 19e eeuw aangelegd als onderdeel van de Stelling van Amsterdam, een verdedigingslinie die Nederland moest beschermen tegen vijandelijke aanvallen. Het fort bewaakte de belangrijke waterwegen en dijken rond Haarlem en kon het omliggende land (indien nodig) onder water zetten. Hoewel het nooit in gevecht is gebruikt, wordt het fort tegenwoordig behouden als industrieel-militair UNESCO-Werelderfgoed vanwege de educatieve waarde ervan.
Gisteravond lag alles er natuurlijk pikkedonker bij en die arme Kim kwam overal spinnen tegen. Wel extra bijzonder omdat het fort normaliter niet te bezoeken is. Het was spannend en leuk om op deze manier meer te leren over de plaatselijke natuurhistorie (vond ook Kim). Haha. 😀
Onlangs stopte ik de DVD van de film Kingdom of Heaven weer eens in onze brave oude DVD-speler. Dit is een film uit 2005, geregisseerd door Ridley Scott die ook bekend is van onder meer Blade Runner, Hannibal en Gladiator.
De cast is ook niet mis met Orlando Bloom (als Balian van Ibelin), Liam Neeson (als Godfrey van Ibelin), Ghassan Massoud (als Salah ad-Din), Alexander Siddig (als Imad), Jeremy Irons (als Tiberius), Edward Norton (als koning Boudewijn IV van Jeruzalem) en Eva Green (als prinses Sibylla van Jeruzalem). Het onderwerp van de film is het conflict om het Heilige Land; een onderwerp dat eigenlijk ieder jaar opnieuw (akelig) relevant is.
Scott Free Productions – Studio Babelsberg
De film volgt Balian, een eenvoudige smid uit Frankrijk die zijn vrouw onlangs heeft verloren en mede hierdoor worstelt met zijn geloof. Na een onverwachts bezoek van een gezelschap van kruisridders uit het Heilige Land, ontdekt Balian dat hij de bastaardzoon is van een christelijke edelman. Deze edelman is Godfrey van Ibelin, baron over het bescheiden territorium Ibelin in het Heilige Land. Godfrey neemt Balian mee en na Godfreys voorbarige dood onderweg erft Balian zijn land en titel in Jeruzalem. Maar nog voordat Balian in Ibelin aankomt, heeft hij al kennisgemaakt met een aantal ambitieuze christelijke barons en Arabische viziers… Die geen geheim maken van hun expansieplannen.
Scott Free Productions – Studio Babelsberg
Eenmaal in Jeruzalem raakt Balian meteen betrokken bij de politieke spanningen tussen de christenen en de moslims. Hij leert de zieke koning Boudewijn IV kennen, die vrede probeert te bewaren met Salah ad-Din, de sultan van Syrië, Egypte en Irak en tevens leider van de moslims. De koning en de sultan behandelen elkaar met een bewonderenswaardige mate van respect en menselijkheid, maar extremisten aan beide kanten dreigen het wankele evenwicht te verstoren.
Scott Free Productions – Studio Babelsberg
Balian treft zijn nieuwe domein Ibelin kaal en verwaarloosd aan, maar beseft dat het potentie heeft en besluit het opnieuw op te bouwen. Met noeste arbeid en ingenieuze wateraansluitingen maakt hij er samen met de inwoners van Ibelin een bloeiende, vreedzame plek van, wat hem respect oplevert van zowel christenen als moslims.
Scott Free Productions – Studio Babelsberg
Intussen groeit de dreiging van oorlog. Eén van de kruisridders van koning Boudewijn, de van origine Franse Raynald van Châtillon, gaat in tegen de orders van de koning, waarmee hij eigenhandig de spanningen tussen de geloven opvoert. Koning Boudewijn wordt ondertussen steeds zwakker, maar heeft nog net genoeg energie om Raynald te straffen.
Scott Free Productions – Studio Babelsberg
Boudewijn treft Salah ad-Din om (voor de zoveelste keer) te onderhandelen zonder bloedvergieten. Maar dat wordt moeilijk als een andere fanatieke ridder, Guy de Lusignan, Salah ad-din provoceert door moslimkaravanen aan te vallen. Salah ad-Din besluit daarop Jeruzalem aan te vallen om zijn eigen volk te beschermen.
Scott Free Productions – Studio Babelsberg
Deze slag is enorm indrukwekkend vastgelegd, zeker als je bedenkt dat de film al 17 jaar oud is. Je kunt je goed inleven in de soldaten en heersers aan beide zijden: iedereen staat voor een moeilijke keuze. Een goede afloop is eigenlijk niet meer mogelijk. Te midden van alle vernietiging die volgt, vraag je jezelf -samen met de hoofdrolspelers uit de film- af waar het allemaal goed voor was. En het gevecht houdt aan…
Scott Free Productions – Studio Babelsberg
Balian is één van de weinigen die de stad nog kan verdedigen. Hij weigert te vluchten en leidt de verdediging van Jeruzalem tegen het veel grotere leger van Salah ad-Din.
Maar omdat ik de afloop van het verhaal niet wil verraden, zal ik niet vertellen hoe het gevecht om Jeruzalem afliep. Als je wil weten wie de volgende heerser over het Heilige Land wordt, moet je Kingdom of Heaven echt zelf gaan bekijken. Het is een spannende film met een emotionele lading en vele wijze boodschappen. De mate van historische correctheid is hoog: alle figuren hebben echt bestaan en ook het verhaal volgt de kronieken uit de geschiedenis. Kortom, Kingdom of Heaven is een waardevol en indrukwekkend historisch drama.
Altijd moeilijk kiezen wat ik ga bezoeken tijdens de Open Monumentendag(en). Uiteindelijk heb ik een lezing over prehistorisch Noord-Holland bijgewoond, een buitenhuis en een ruïne bezocht, een imker het hemd van het lijf gevraagd en een regionaal museum meegepakt. Het was weer een feest!
Naast de huisnummers met de toevoeging “bis” (lees het hier), beschikt Utrecht over nóg een bijzonder stedelijk kenmerk. In de binnenstad zijn de grachten op veel plekken voorzien van zogeheten werfkelders.
Oorspronkelijk waren deze kelders bedoeld als opslagruimten en doorgangsruimten tussen de huizen en de grachten. Zo konden goederen worden getransporteerd over het water, wat voordelen had ten opzichte van het vervoer door de drukke en smerige straten van de binnenstad. De middeleeuwse stenen constructies en de bruggetjes uit de Gouden Eeuw (17e eeuw) brengen je vandaag direct terug naar vervlogen tijden. Leuk om te weten is dat de kelders vaak recht onder de straten liggen. De combinatie van bedrijvigheid in de binnenstad en de opslag en het goederentransport rondom de werfkelders, zorgde ervoor dat Utrecht in feite een stadshaven had.
Zelf een keer spieken? In sommige kelders zitten tegenwoordig winkels, restaurants of kantoren. Loop je langs de Drift, de Oudegracht, de Nieuwegracht, de Plompetorengracht of de Kromme Nieuwegracht, dan kun je op veel plekken met een trapje naar beneden om bij de kelderdeuren te komen. Respecteer daarbij wel de privacy van de bewoners aan de grachten. 🙂