Klooster Weltenburg (Kelheim, Duitsland)

Op een prachtige plek aan de Donau bij Kelheim ligt Kloster Weltenburg, één van de oudste kloostergebouwen van Beieren. Onlangs maakten wij hier een korte tussenstop. Te kort eigenlijk, want er was ontzettend veel te zien!

Het klooster werd rond het jaar 600 gesticht door Iers-Schotse monniken en kreeg in de eeuwen daarna een vaste plek in het religieuze landschap van het Heilige Roomse Rijk. Weltenburg groeide namelijk uit tot centrum van religie, onderwijs en cultuur. Het Kloster Weltenburg begon bescheiden, met eenvoudige houten en stenen gebouwen. Verscholen in het landschap en toch dicht bij de rivier. Dit maakte landbouw, visserij en een zelfvoorzienend leven voor de monniken mogelijk. In hun werkzaamheden volgden ze de regel van Sint-Benedictus.

Lithografie door Adolph Kunike, naar J. Alt (1826). Publiek domein.

Vandaag is het bekendste gebouw de kloosterkerk, tussen 1716 en 1739 gebouwd door de gebroeders Asam, die overigens bijna alle barokkerken in de omgeving vormgegeven hebben. Deze kerk bij Weltenburg geldt ook weer als een hoogtepunt van de Zuid-Duitse kunst, met uitbundig stucwerk en kleurrijke fresco’s.

Naast het religieuze leven speelt gastvrijheid hier een grote rol. Er zijn bijvoorbeeld retraites te boeken en rondleidingen te volgen. Nog populairder is de bijbehorende Biergarten; waar op een zonnige dag alle tafeltjes bezet zijn. Dat is geen toeval, want het klooster heeft een eigen brouwerij die teruggaat tot ongeveer 1050. Dit moet zelfs de oudste kloosterbrouwerij ter wereld zijn!

Na de Beierse secularisatie van 1803 werd het klooster opgeheven, maar in 1842 kwam er een herstart als priorij. Sinds 1913 is het opnieuw een zelfstandige abdij van de benedictijnen. De meeste bezoekers zullen daar echter weinig mee te maken hebben… en simpelweg proosten op hun eigen succesverhalen. 😉

Of je (middeleeuwse) worst lust

Op zo’n anderhalf uur rijden van mijn woonplaats Pullach (bij München), ligt de indrukwekkende en charmante middeleeuwse stad Regensburg. Hier struikel je letterlijk over de geschiedenis, want de gladde middeleeuwse kloostermoppen liggen nog altijd door de hele binnenstad en het centrum wordt afgebakend door stukken originele stadsmuur. Een plek naar mijn hart, dus.

Omdat we graag het Walhalla bij Donaustauf wilden bezoeken (klik hier voor een mini-documentaire over deze plek), boekten we een nachtje in een nabijgelegen B&B. Zo konden we alles op ons gemak bekijken en de volgende dag ook nog de stad bezoeken voordat we weer terug naar München reden.

Aan de zuidkant van de middeleeuwse brug over de Donau zagen we een stenen huisje met een rokende schoorsteen staan. Er kwam een heerlijke geur vandaan, dus we besloten onze neus te volgen en te kijken wat daar verkocht werd. Het huisje bleek een moderne variant van de oudste worstenkraam ter wereld te zijn: de Wurstkuchl.

In deze worstbranderij wordt al vanaf de 12e eeuw worst gemaakt en (warm) verkocht, eventueel met kool en mosterd en een groot glas bier. Tegenwoordig kun je er allerlei soorten worstjes kopen: dik of dun, van één type vlees of een mix en vegetarisch of juist druipend van het vet.

De vraag is hier dus niet of je worst lust, maar welke worst je het liefste hebt, haha!

Gespot bij mijn beste vriendin: de typemachine!

Wie kent het nostalgische geluid nog? Of het geknoei met de linten?

In 1714 heeft de Britse Henry Mill als eerste een octrooi aangevraagd voor een schrijfmachine. Sindsdien zijn er op verschillende plekken en tijdstippen verbeterde modellen ontwikkeld.

De Amerikaan Christopher Latham Sholes vervaardigde in 1868 een typemachine die makkelijk in elkaar gezet kon worden. Het resultaat was dat de massaproductie van schrijfmachines begon. De beste man is óók de bedenker van het QWERTY-toetsenbord dat vandaag nog veel gebruikt wordt. Hierbij zijn de letters die doorgaans het meeste gebruikt worden, zo ver mogelijk van elkaar af geplaatst. Daarmee werd voorkomen dat de letterstangen (zie de foto hieronder) in elkaar zouden grijpen tijdens het typen.

In de jaren ’60 en ’70 van de 20e eeuw waren er overal ter wereld typemachines te vinden op kantoren. Er ontstond zelfs een nieuwe functie: de typist(e). Deze persoon typte handgeschreven brieven over, of zette een tekst op papier die gedicteerd werd. Dat kostte nogal wat kracht in de vingers, want de toetsen moesten hard ingedrukt worden.

De functie werd langzaam overbodig door de ontwikkeling van de computer. De schrijfmachines werden vervangen door moderne, meer geautomatiseerde techniek.

Vandaag leren kinderen op school middels laptops en tablets (snel en blind) typen als vaardigheid, net zoals ze leren schrijven op papier.

Och, hoe de tijden veranderd zijn…

Stichting NiVo en hun missie om een standbeeld van Lodewijk Napoleon te realiseren

Onlangs werd ik benaderd door Stichting NiVo. De afkorting staat voor “Lodewijk Napoleon in Voorthuizen” en draait, logischerwijze, om de nalatenschap van koning Lodewijk Napoleon in Voorthuizen en de omliggende Veluwedorpen. Hun missie is om deze allereerste koning van Holland de aandacht te geven die hij verdient, uiteindelijk door middel van een standbeeld dat in Voorthuizen moet komen te staan.

Stichting NiVo nodigde mij uit om op het Bunckmanplein in het dorpshart te vertellen waarom Lodewijk Napoleon belangrijk is geweest voor de geschiedenis van ons land. Zo gezegd, zo gedaan en zodoende hebben we een leuk kort item opgenomen.

Ook heeft Stichting NiVo zojuist een papieren journaal gerealiseerd met bijdragen van historici, archivarissen en (cultureel) ondernemers. Omdat dit journaal alleen in Voorthuizen is verspreid, hebben ze het hele blaadje ook online gezet (bekijk het hier). Ze zijn er goed in geslaagd om hun boodschap en missie beknopt onder de aandacht te brengen. Ik sluit me daarom graag bij hen aan; zoals jullie misschien nog weten vind ik persoonlijk ook dat Lodewijk Napoleon meer aandacht zou moeten krijgen. En ook Maarten van Rossem schaart zich achter ons, hoe leuk is dat?! Ik ben zeer benieuwd naar het vervolg van deze initiatieven!

DetectorDinsdag: Een tube PBG

Gevonden aan de buitenrand van München: een tube PBG. Wat is dat precies?

PBG staat voor “Pulverbeschichtungs-Gesellschaft“; een specifiek bedrijf uit Großostheim in Beieren. Ze zijn gespecialiseerd in Pulverbeschichtung, oftewel, in poedercoating. Dat is een elektrostatisch proces waarbij met een spuitpistool poeder wordt aangebracht op metaal. Tijdens het uitharden in de oven worden de poederdeeltjes door de warmte eerst vloeibaar. Daarna stroperig en vervolgens uitgehard tot een coating.

Interessant proces, maar wel minder chill dat dat de (half)lege tube in het bos gedumpt is. 🙁

Zuivere pilsjes uit Ingolstadt (Duitsland)

Onlangs liep ik in de Beierse stad Ingolstadt langs onderstaande plaquette, met prachtige afbeeldingen en een klein tekstje. Ik zocht op wat het betekende en ontdekte een grappig stukje geschiedenis.

In het voorjaar van 1516 werd in Ingolstadt een wet afgekondigd die de geschiedenis van bier voorgoed zou veranderen: het Reinheitsgebot. Deze “zuiverheidswet” bepaalde dat bier alleen mocht worden gebrouwen met water, gerstemout en hop. Meer niet. Gist werd pas later aan de lijst toegevoegd, toen men begreep waar dat mysterieuze schuim op het brouwsel voor diende.

De maatregel kwam van de hertogen Wilhelm IV en Ludwig X van Beieren. Hiermee moest de kwaliteit van het bier gewaarborgd worden. Ook kon het beschikbare graan (bijv. tarwe en rogge) zo gereserveerd/bewaard worden voor het bakken van brood. En als bijkomstig voordeel bleef de prijs van bier binnen de perken. Dat was in die tijd van algemeen belang, omdat bier dagelijks werd gedronken. Het was vanwege de gebrekkige riolering en afwatering in de steden vaak veiliger om bier te drinken in plaats van het lokale water.

Het Reinheitsgebot groeide uit tot een soort icoon van de Duitse brouwcultuur. Eeuwen later verwijzen brouwerijen er nog steeds naar op hun etiketten. Trots, alsof het een keurmerk van zuiverheid is. Hoewel de moderne Duitse bierwet (het Biergesetz) inmiddels iets soepeler is, blijft die oude bepaling uit Ingolstadt symbool staan voor wat Duits bier al 500 jaar belooft te zijn: eenvoudig, eerlijk en zuiver. 🙂

DetectorDinsdag: Middag zoeken in het Isartal (Duitsland)

We hebben beneden in het Isartal even heerlijk een frisse neus gehaald door met de detector en een schep door de bevroren bodem heen te werken. We verwachtten er helemaal niks van, maar kwamen toch wat interessante dingen tegen.

Hoe leuk zijn die onderbindschaatsen? Het duurde niet lang voordat we het paar compleet hadden. Natuurlijk zagen we meteen voor ons hoe iemand deze gebruikt heeft om naar de overkant van de Isar te schaatsen. Maar hoe kun je ze dan achterlaten? Gewoon vergeten? En was die emaillen mok dan van dezelfde persoon? Haha! Verder vonden we nog een simpele ijzeren ring en een zware pin waarmee traptreden en trapleuningen in de bergwand worden bevestigd. Je ziet die pinnen overal hier in de omgeving. Typische Alpiene vondsten, toch? 😀

Huis Nijenburg in Heiloo

Aan de Kennemerstraatweg in Heiloo staat het Huis Nijenburg, een buitenplaats met een lange geschiedenis. Wie tussen Alkmaar en Limmen rijdt, komt er standaard langs. Het Heilooerbos ligt aan de andere kant van de weg. Een wandeling door het gebied levert in ieder seizoen mooie plaatjes op.

Archeologen en historici hebben onderzoeksgegevens gecombineerd en denken nu dat de naam “Nijenburg” verwijst naar het verdwenen kasteel Nieuwburg bij Alkmaar. Dit was een middeleeuws kasteel dat in de 16e eeuw werd verwoest, maar in de regio nog eeuwenlang bekend bleef. Door de naam voort te zetten, verbonden de latere bewoners van Heiloo hun buitenplaats met een zekere mate van status en macht.

Tekening door A. Rademaker (1718).
Collectie Regionaal Archief Alkmaar, PR 1001253.

Het huis dat we nu zien werd rond 1705 gebouwd in opdracht van Jan van Egmond van de Nijenburg. Hij liet een eerdere woning vervangen door een representatief landhuis in de destijds populaire Hollands-classicistische stijl.

Met de tijd veranderde het huis mee met de smaak van de bewoners. Rond 1730 kreeg het interieur versieringen in Lodewijk XIV-stijl. En rond 1830 werd de buitenkant aangepast: de gevel werd gepleisterd en voorzien van grotere ramen in Empire-stijl.

Tekening door C.W. Bruinvis (1895). Publiek domein.

Ook het landgoed ontwikkelde zich. De oorspronkelijke rechte lanen en zichtassen in barokstijl werden later aangevuld met slingerpaden en romantische doorkijkjes in de Engelse landschapsstijl. Sommige markante elementen zijn er vandaag nog steeds, zoals de beelden bij de vijver.

Vandaag is Natuurmonumenten de eigenaar van Huis Nijenburg, terwijl Stichting Hendrick de Keyser het huis beheert. Het landgoed (inclusief Heilooerbos) is altijd gratis toegankelijk. Het huis zelf opent haar deuren alleen voor speciale gelegenheden. Ik moet dit eigenlijk in de gaten houden, want ik heb er zelf nog nooit binnen gekeken.

Kortom, het Huis Nijenburg is een interessant gebouw in een mooie groene omgeving. En zo zie je maar weer: geschiedenis is overal. 😉

Cleveringa-lezing Haarlem

Op 26 november 1940, tijdens de Tweede Wereldoorlog, hield professor Rudolph Cleveringa een gewaagde en riskante protestrede in Leiden. Als reactie op het ontslag van twee joodse collega’s, legde Cleveringa uit waarom de maatregelen van de Duitse bezetter in strijd waren met het volkerenrecht.

Om deze protestrede te herdenken en om Cleveringa’s kritische attitude voort te zetten, organiseert het Leids Universiteitsfonds ieder jaar de Cleveringsbijeenkomsten, waarbij Leidse wetenschappers overal ter wereld lezingen geven. Dit jaar had ik de eervolle taak om als studentspreker in het Teylers Museum in Haarlem een lezing te geven; in een prachtige zaal en voor een enthousiast publiek. Het onderwerp was mijn eigen “Leidse loopbaan” en de rol die het Leids Universiteitsfonds daarin gespeeld heeft. Voor degenen die dit gemist hebben: het LUF heeft het archiefonderzoek voor mijn bachelorscriptie mogelijk gemaakt met een beurs. Ik legde daarom aan het publiek uit wat het LUF kan betekenen voor jonge onderzoekers en toonde hen de highlights van mijn onderzoek.

Ik sprak voorafgaand aan prof.dr. Eveline Crone, die een onwijs interessante lezing hield over het puberbrein vis-à-vis de neurocognitieve ontwikkelingspsychologie. Wist u dat mensen in de al Oudheid klaagden over het gedrag van “de jeugd van tegenwoordig”? Dat concept is dus al eeuwenoud! Eveline Crone deelde veel verrassende feiten over de hersenen van jongvolwassenen en plaatste vooral onze mening daarover in perspectief. 😉

Veel dank aan iedereen die deze avond tot een succes gemaakt heeft, want wat was dit evenement goed geregeld zeg!

“30 Jahre Mauerfall” – Evenement in Baarn

Gisteren was het precies dertig jaar geleden dat de Berlijnse Muur viel. West-Duitsland (de BRD) en Oost-Duitsland (de DDR) werden samengevoegd tot een nieuwe Bondsrepubliek Duitsland. In Baarn werd deze gebeurtenis groots herdacht met aandacht voor West én Ost. Er werden lezingen georganiseerd en interviews gehouden (met o.a. Egbert Jacobs, de laatste Nederlandse ambassadeur in de DDR). Maarten van Rossem en ik boden nog wat extra historische context. Geheel in stijl in een retro-outfitje, haha!

De bijdragen van de aanwezigen maakten indruk. Zo vertelde een dame dat zij en haar vriendinnen -allemaal huisvrouwen uit de DDR- ontzettend veel stress kregen van het assortiment in de supermarkt dat met de opheffing van de DDR plotseling ook voor hen in Dresden verkrijgbaar was. Ze waren het huismerk gewend; in winkels kon je weinig kiezen. Het westerse kapitalisme overviel hen omdat de vrouwen nu voor ieder product uit minstens vijf opties konden kiezen. Iets waar ik als kind van de jaren ’90 nog nooit over nagedacht had!

Verder waren er Trabantjes en vloeide de Sekt rijkelijk. Het was een leerzaam en ook gezellig weekend! 🙂