Wat is het IJzeren Gordijn?

Gisteren was het 35-jarig jubileum van de historische Val van de Berlijnse Muur (9 november 1989). Binnen twee jaar werd ook het zogenoemde “IJzeren Gordijn” afgebroken. Dit veranderde de Europese en wereldwijde politiek voorgoed.

Maar wat was dat “IJzeren Gordijn” precies? Omdat leerlingen dit ieder jaar een lastig onderwerp vinden, heb ik een tweetalige reeks met uitleg gemaakt.

“Afrika verdelen” in de klas

In de klas hebben de leerlingen de kaart van Afrika opnieuw ingetekend, net zoals dat in 1884-1885 gebeurde tijdens de Conferentie van Berlijn.

Deze Conferentie van Berlijn was een bijeenkomst van een aantal leiders van industrialiserende Europese naties. Onder andere het Duitse Rijk, België, Groot-Brittannië en Frankrijk waren aanwezig. Deze vier naties werden de hoofdrolspelers van het evenement, hoewel er nog meer landen vertegenwoordigd waren.

De Europese machten kwamen bijeen om “koloniale problemen” op te lossen (denk aan dubbele claims, gebrek aan industriële grondstoffen of juist gebrek aan afzetgebieden). Door het Afrikaanse continent onderling te verdelen, herdefinieerden ze de grenzen van Afrikaanse landen en creëerden ze tegelijkertijd nieuwe naties. De mensen die in deze gebieden woonden, waren nooit om advies gevraagd. Ze hadden niets te zeggen bij de creatie van deze nieuwe landsgrenzen. En dus sneden de lijnen dwars door stamgebieden en graasgebieden/migratieroutes van dierenkuddes, waardoor er automatisch nieuwe spanning ontstond onder de lokale bevolking.

Hoewel het tijdperk van dit moderne imperialisme nu achter ons ligt, vormen de afspraken uit de Conferentie van Berlijn nog altijd de reden dat sommige Afrikaanse grenzen er vandaag zo vreemd “recht” uitzien.

Als docent kun je dit vertellen en aanwijzen op de kaart, maar je kunt het de leerlingen ook zelf laten ontdekken. De klas speelt de Conferentie dan na en probeert zoveel mogelijk de belangen van het eigen land te behartigen. Met een paar kaartjes op tafel, zeiden ze dingen als “Ik claim dit stuk land, jij mag dat hebben!” en “Stop, dit is mijn territorium!”. Of, helemaal berekenend en tevreden met zichzelf: “Dat overige stukje kunnen we nog in tweeën snijden!”. Door hen na afloop met hun eigen uitspraken te confronteren, begrepen we aan het einde van de les allemaal hoe absurd de Conferentie van Berlijn eigenlijk was.

Als je dit zelf ook eens wil proberen, dan is de PDF van Barbaar Educatie meteen bruikbaar en goed functionerend (klik hier). Aanrader voor de lessen over kolonialisme!

Gespot op de Veluwe: een biljartklok!

Nog niet zo lang geleden stonden deze rakkers nog overal in cafés en kantines, maar vandaag zie je ze bijna nooit meer. Wie kent ze nog?

Een biljartklok is een hulpmiddel om (betaalde) potjes biljart bij te houden. Je gooide een muntstuk, bijvoorbeeld een kwartje of een dubbeltje, in de klokkast. De ballen bovenop de klok raakten dan los van hun houders. Je pakte de ballen eraf en kon dan vervolgens een vooraf ingestelde tijd spelen. Meestal was dat 30 minuten.

Na die 30 minuten, begon de klok te rinkelen als een wekker. Dan was het de bedoeling om de score of de tussenstand te noteren en de ballen terug te drukken in hun houders. De wekker stopte en daarna moest je bepalen of je zou stoppen, of nog een potje wilde spelen. Dan moest je natuurlijk wel weer een nieuw muntstuk in de klok gooien.

Je kocht dus eigenlijk je speeltijd. Dat had je in mijn jeugd ook nog, bijvoorbeeld met pooltafels en air-hockeytafels waar het speelmateriaal pas uit kwam wanneer je er een gulden of een euro ingooide. Schoot de bal of de hockeypuck in een gat, dan kwam hij er gewoon niet meer uit. Zelfde principe, maar dan in de speeltafel zelf.

Naast de biljartklokken bestonden er ook poolklokken, die uiteraard meer dan 3 ballen hadden en geschikt waren voor een potje pool. In bruine cafés werden de muntjes uit de klokken vaak gebruikt om nieuwe keus of lakens voor de speeltafels te kopen.

Kneuterig, maar eerlijk. En gezellig! 🙂

Fort Benoorden Spaarndam (Nacht van de Nacht 2022)

Hoewel de langste nacht altijd in december is, vindt het jaarlijkse evenement “De Nacht van de Nacht” landelijk plaats in oktober. Dit jaar deed ik voor het eerst mee en ik kon mijn arachnofobische vriendin Kim overtuigen om samen Fort Benoorden (Spaarndam) te bezoeken bij kaarslicht.

Fort Benoorden Spaarndam werd eind 19e eeuw aangelegd als onderdeel van de Stelling van Amsterdam, een verdedigingslinie die Nederland moest beschermen tegen vijandelijke aanvallen. Het fort bewaakte de belangrijke waterwegen en dijken rond Haarlem en kon het omliggende land (indien nodig) onder water zetten. Hoewel het nooit in gevecht is gebruikt, wordt het fort tegenwoordig behouden als industrieel-militair UNESCO-Werelderfgoed vanwege de educatieve waarde ervan.

Gisteravond lag alles er natuurlijk pikkedonker bij en die arme Kim kwam overal spinnen tegen. Wel extra bijzonder omdat het fort normaliter niet te bezoeken is. Het was spannend en leuk om op deze manier meer te leren over de plaatselijke natuurhistorie (vond ook Kim). Haha. 😀

Onze video opgenomen in de collectie van Brabants Erfgoed

Leuk nieuws! De mini-documentaire over de enclavegeschiedenis van Baarle is door Brabants Erfgoed opgenomen als onderdeel van hun collectie. Daarom is er nu een archiefpagina voor gemaakt (klik hier).

Ik vind het geweldig dat de video nu ook bereikt kan worden via Brabants Erfgoed. Dat maakt het voor geïnteresseerden absoluut makkelijker om de mini-docu te vinden!

Sunday, Bloody Sunday

Vandaag is het precies 50 jaar geleden dat Bloody Sunday plaatsvond. Ik ken niemand in Noord-Ierland, maar ik heb wel vrienden uit de Ierse Republiek. Eén van hen, Shane, zou graag willen dat meer Nederlanders leren over Bloody Sunday. Nou, hierbij dan het artikel!

Bloody Sunday” (“Bloederige Zondag”) refereert in de meeste gevallen aan 30 januari 1972. Op deze zondag werd er in de Noord-Ierse stad Derry gedemonstreerd voor burgerrechten. Het protest was van tevoren echter door de regering van het Verenigd Koninkrijk verboden.

De aanleiding was Operation Demetrius: het opsluiten van groepen personen zonder gerechtelijk proces. De operatie omvatte een massa-arrestatie van personen die vermoedelijk banden hadden met de IRA, de Irish Republican Army. Zij streden voor Ierse onafhankelijkheid van het Verenigd Koninkrijk. De meeste gevangenen waren katholiek. Ondanks het vreedzame verloop van het protest, greep het Britse leger in en schoot 14 ongewapende jongens en mannen neer. Sommige van hen werden beschoten terwijl ze andere slachtoffers hielpen. Eén van hen had niets met het protest te maken en was op weg naar een vriend. Ze overleden uiteindelijk allemaal.

Een muurschildering in Derry herinnert aan het incident.
Foto uit het publieke domein.

Er zijn meerdere dagen uit de geschiedenis bestempeld als Bloody Sunday (inclusief twee andere incidenten in Ierland), maar het bloedbad van Derry is het meest bekend. Déze Bloody Sunday wordt gezien als een keerpunt in The Troubles; de burgeroorlog tussen Ierland en het Verenigd Koninkrijk, die dertig jaar duurde.

Er werd een tribunaal ingesteld om de zaak te beoordelen. Lange tijd was het oordeel van dit Widgery-tribunaal dat de Britse militairen niet schuldig waren aan het doden van de 14 mannen, maar slechts roekeloos hadden gehandeld. In 1998 werd de zaak echter onder (internationale) politieke druk heropend, maar het definitieve oordeel laat nog op zich wachten. Het onderzoek is het langstdurende proces uit de Britse geschiedenis. In 2010 heeft de Britse premier David Cameron namens de Britse regering excuses aangeboden voor het incident.

De Brandgrens in Rotterdam

Als litteken van de bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog, loopt de zogenoemde “brandgrens” kriskras door de stad. Vandaag is de lijn aangegeven met speciale lampen. Als je de grens een tijdje volgt, krijg je een idee van de omvang van de vernielingen. Inmiddels is stadsdeel Rotterdam Blaak zo vaak gerenoveerd dat je er niets meer van ziet!


Praktische holletjes in de muur in Turnhout (België)

Als je naar beneden kijkt terwijl je door de Vlaamse stad Turnhout loopt, dan zal er snel iets opvallen. Sommige gebouwen hebben naast de entree een gat in de muur, waar niks achter zit. De gaten horen niet bij de riolering en zijn ook niet puur decoratief. Wat zijn het wel?

Het zijn holletjes om je voeten in schoon te vegen! Vroeger was er bij de voordeur van veel huizen zo’n voetschraper of schoenschraper aanwezig. De straten waren immers niet altijd zo schoon en vlak als ze nu zijn. Voordat betegelde stoepen de norm werden, was het wel zo hygiënisch om even alle modder (of poep) van je schoeisel te vegen voordat je ergens naar binnen ging.

De eerste voetschrapers stonden los bij de voordeuren. Het waren zware blokken met scherpe beugels van ijzer. Ze waren soms fraai gedecoreerd, maar stonden wel een beetje in de weg. Zeker toen er meer verkeer op straat kwam, vormden de schoenschrapers gevaarlijke obstakels. De oplossing was om een schraper op te hangen in een nisje in de muur naast de deur; dus zoals op de foto’s te zien is.

Vanaf de 20e eeuw werd de schraper geleidelijk overbodig door bestrating en door de opkomst van deurmatten achter de voordeur, in het huis. De lege nisjes bleven. 🙂

Gespot op het Franse platteland: een ouderwets stopcontact!

Voor ons is stroom onmisbaar. Treinen en vliegtuigen zijn tegenwoordig zelfs uitgerust met USB-aansluitpunten zodat wij onze apparaten kunnen opladen. Maar de eerste stroompunten zagen er héél anders uit.

Wie kent ze nog, deze ouderwetse stopcontacten? 😀

Een stopcontact wordt ook wel (wand)contactdoos genoemd. Het is letterlijk een aansluitpunt om elektriciteit af te nemen, via een verbinding met het elektriciteitsnet. Het afnemen van elektrische energie (stroom) gebeurt normaliter via een stekker (‘contactstop’); waar dan weer een apparaat aan vastzit. De eerste contactdoos met stekker dateert van 1883. Aan het einde van de 19e eeuw werd er wereldwijd in steeds meer huishoudens elektriciteit aangelegd. Aanvankelijk werd deze energie vooral gebruikt voor verlichting, maar men ontdekte spoedig dat er ook andere apparaten mee aangedreven konden worden, zoals kachels.

Maar let op, elektriciteitsleveranciers vroegen een lagere prijs voor elektriciteit die gebruikt werd voor verlichting, dan voor elektriciteit die gebruikt werd voor andere doeleinden! Daarom begon men aan de stekkers van stofzuigers en föhns te prutsen, zodat deze in het goedkopere elektriciteitsnetwerk gestopt konden worden via de lampfittingen. De dringende vraag naar goede en veilige aansluitingen voor alle moderne huishoudelijke apparaten, leidde tot de ontwikkeling van geaarde stopcontacten. Een geaarde elektrische installatie voorkomt dat het apparaat onder spanning komt te staan (en jij een schok krijgt) door de elektriciteit “naar de aarde” af te voeren via een aardedraad. Tegenwoordig is het verplicht om een stopcontact zo te construeren dat je de stroomvoerende delen niet meer kunt aanraken als je er een stekker in steekt. Die ouderwetse kreet “pas op met je vingers bij het stopcontact!” is dus eigenlijk overbodig vandaag.

Stopcontacten met randaarde hebben extra contactpunten (flappen aan de zijkant van het stopcontact), die met een aardedraad verbonden zijn aan de aardelektrode. De elektrode is vaak van koper en maakt het daadwerkelijke contact met de aarde. Zie de afbeelding hieronder.

Stopcontacten met penaarde functioneren precies hetzelfde, maar zien er anders uit. Penaarde verloopt via een uitsteeksel (“een pen”) in het midden van het stopcontact. Zie wederom de afbeelding hieronder.

Op de foto helemaal bovenaan is te zien dat het oude Franse stopcontact niet geaard is. Alle beveiliging tegen schokken ontbreekt. Verder zitten er schakelaars onder. Gezien de hoogte van het stopcontact op de muur (op ooghoogte naast de deurpost), zijn die schakelaars er voor de verlichting.

Het ouderwetse stopcontact vertelt ons dat dit huis gebouwd is vóórdat er in ieder huishouden elektriciteit beschikbaar was. Sowieso was het niet makkelijk om stroom aan te leggen in gebouwen en huizen van dit type; dus van natuursteen, leem en hout. Het huis is vandaag het dorpscafé van Oyé. Hier zal deze historische stroomvoorziening jarenlang gebruikt zijn om onhandige olielampjes te vervangen door elektrisch licht. Zo was het ook makkelijker om het café na zonsondergang open te houden… wat weer mogelijkheden bood voor grandioze feesten en partijen. En al die verhalen gaan schuil achter één stopcontact. 😉