En daar gaat ook het laatste Vikingschip…

Niet weg, niet naar de overkant van de Noordzee, niet over woeste wateren om te handelen met onbekende volken… Nee, vandaag wordt het Tune-schip verplaatst naar het nieuwe Vikingtidsmuseet nabij Oslo.

Dit is het laatste Vikingschip dat met bloed, zweet en tranen naar de nieuwe tentoonstellingsruimte verplaatst moet worden. In november schreef ik al over de verhuizing van de Oseberg en de Gokstad (lees het artikel hier). De Tune spreekt misschien minder tot de verbeelding, omdat dit schip er niet zo indrukwekkend uitziet als zijn grotere broers. Het is ook minder gepreserveerd dan de andere twee; dat kun je meteen zien. Maar juist daarom is het ook het meest historisch authentieke schip uit de collectie!

De Tune is in 1867 opgegraven in Sarpsborg (Rolvsøy) in Østfold. Aan het begin van de 10e eeuw is het gebruikt als grafschip, het jaartal wordt geschat op 910. Het schip zelf is iets ouder dan dat en is waarschijnlijk van tevoren nog gebruikt op het water. Het is de laatste onderneming van het monsterproject om het nieuwe Vikingtidsmuseet te realiseren. De Tune legt een “pad” af van maar liefst 130 meter. De totale verhuizing duurt dan ook 3 dagen, waarvan vandaag de belangrijkste dag is. Ik ben deze keer wat meer betrokken dan ik bij de andere schepen was. Omdat het nu voorjaarsvakantie is, kan ik de live-updates volgen. Ook meekijken? Schakel over naar de sociale media van het museum via @vikingtidsmuseet.

Aan het einde van deze week mag het team zó trots zijn op deze prestaties! Dan staan de drie Vikingschepen klaar voor het grote publiek. 🙂

De Turun joulurauha – ik was erbij!

Dit jaar heb ik een bijzondere Finse traditie meegemaakt, namelijk de “Turun joulurauha“, oftewel, de “kerstvrede van Turku”.

Stadssecretaris Eero Soikkanen leest de vrede voor in 1965. Foto uit het publieke domein.

De kerstvrede van Turku is een belangrijke traditie die stamt uit de middeleeuwen. Jaarlijks wordt deze vrede op 24 december afgekondigd in de stad Turku, om klokslag 12:00 uur. Het is een officiële en nationale gebeurtenis die wordt uitgezonden door de Finse publieke omroep. De “kaupunginlakimies” of “kaupunginsihteeri” (stadssecretaris) van Turku leest de eeuwenoude tekst voor in het Fins en in het Zweeds. Is de stadssecretaris niet beschikbaar, dan doet een andere stadsambtenaar het. Dit jaar werd de vrede uitgesproken door Mika Akkanen, Turku’s “protokollapäällikkö” (het hoofd van de protocollaire dienst).

De tekst is grotendeels historisch authentiek en wordt elk jaar op dezelfde manier voorgelezen. Daarbij wordt de bevolking opgeroepen om de feestdagen in rust en harmonie door te brengen en conflicten te vermijden. De ceremonie symboliseert vrede, saamhorigheid en respect voor elkaar tijdens de donkerste dagen van het jaar.

Ook de plek is symbolisch, het gebeurt namelijk vanaf het balkon van het Brinkkala-gebouw op het Oude Grote Plein (“Vanha Suurtori”). De eerste gebouwen van de stad verrezen rondom dit plein, maar inmiddels is de centrale marktfunctie overgenomen door het Marktplein (“Kauppatori”). Dat deze plek belangrijk was/is, merk je ook aan de nabijheid van de twee universiteiten die de stad rijk is: de Finstalige Turun Yliopisto en de Zweedstalige Åbo Akademi.

Het Brinkkala-gebouw diende lang als bestuurscentrum. Nu wordt het gebruikt voor ceremoniële en culturele doeleinden.

Ik was onder de indruk van deze traditie. Het had iets magisch: halverwege de tekst begon het zachtjes te sneeuwen en iedereen deed (alsnog) zijn muts/hoed af voor het volkslied. Bovendien had ik nog nooit zoveel Finnen bij elkaar gezien, haha! We liepen in colonnes naar het plein, maar alles verliep ontzettend kalm en geordend. Na de laatste klanken van het orkest, stroomde het plein leeg en ging iedereen gewoon weer rustig naar huis. Heerlijk! Ik ben blij dat ik erbij was.

Op avontuur onder het Domplein (Utrecht)

Ik kreeg laatst een uitnodiging voor een heel leuk uitje: een rondleiding door Paleis Lofen in Utrecht. Deze keizerlijke residentie staat vandaag niet meer overeind… maar bestaat nog wel onder de grond!

De rondleiding begint op het Domplein. Daar schetst de gids een beeld van de historische context. Hoe zag Utrecht eruit in de hoge middeleeuwen? Wat was het belang van de rivieren in de omgeving? Wie had er de macht? Het begint eigenlijk al met een mini-college op de plek waar het allemaal gebeurde. Daarna loop je door naar de tegenwoordige “ingang” van Paleis Lofen, aan de Vismarkt. Daar daal je af naar beneden, totdat je in zalen staat die onder het Domplein liggen.

Onder de grond vertelt de gids verder. Je krijgt ook een audiotour met meer informatie over de vondsten in de vitrines. En als afsluiter neem je plaats in een filmzaal, waar drie grote schermen ervoor zorgen dat je zelf getuige wordt van de geboorte van Utrecht. Het geluid komt uit alle hoeken en je hebt ogen tekort. Als je in het midden van de zaal zit, lopen de schermen bijna 360 graden rond!

In de video hieronder neem ik jullie mee. Maar eigenlijk gaat er niets boven de ervaring ter plaatse. Als je in de kelders onder de imposante zuilen doorloopt, waan je je direct in de middeleeuwen. Zeker met de archeologische vondsten erbij, krijg je een heel accuraat tijdsbeeld. En in de laatste ruimte waar de rondleiding langs voert, kun je zelfs nog op een stukje Romeinse muur staan. Echt een uniek ondergronds avontuur!


Veel dank aan Stichting Ondergronds Domplein voor de uitnodiging.

De laatste Viking

Gisteren heb ik de gloednieuwe Deense film “Den sidste viking” (“De laatste Viking“) in de bioscoop gezien. Het verhaal is geheel fictief, met hoofdrollen voor Mads Mikkelsen, Nikolaj Lie Kaas en Sofie Gråbøl. Maar de laatste Viking bestaat wél als concept en wordt symbolisch verbeeld in Trondheim. In dit artikel leg ik uit wat de connectie is tussen de Deense film en het Noorse concept.

Eerst een woordje over de film. Het verhaal draait om de crimineel Anker die gearresteerd wordt voor een bankoverval. Terwijl hij een gevangenisstraf van 15 jaar uitzit, moet zijn broer Manfred het gestolen geld verstoppen. Na zijn vrijlating ontdekt Anker dat Manfred inmiddels een behoorlijk zware dissociatieve identiteitsstoornis heeft ontwikkeld. Omdat Manfred het ene moment denkt dat hij John Lennon is en het andere moment gelooft dat hij een Viking is, kan hij zich ook niet meer herinneren waar hij het geld verstopt heeft. Het verhaal is typisch en ook tamelijk bizar. Eigenlijk is de hele film gewelddadig, zielig en grappig tegelijk. Deense cinema ten voeten uit; ik vond het een leuke film.

Zentropa / Film i Väst / Vertigo Média (foto door Rolf Konow).

Maar de naam is niet zonder reden gekozen. Referenties aan het Vikingerfgoed moet je in Scandinavië serieus nemen, omdat daarmee vaak een concreet gevoel of concept bedoeld wordt. In mijn beleving is het Vikingtijdperk voor Denemarken net zo belangrijk als voor Zweden en Noorwegen. En zo komen we bij de Noorse stad Trondheim. Wie daar langs de oude vismarkt Ravnkloa wandelt, kan het bronzen beeld “Den siste viking” niet missen. Hoewel de naam anders doet vermoeden, herdenkt het beeld geen historische krijger uit de Vikingtijd. Nee, het is juist een modern symbolisch werk om de Noorse zeevaarttraditie te herdenken.

Het beeld werd in 1990 gemaakt door de Noorse beeldhouwer Nils Aas. Het stelt een visser voor, verwijzend naar de gevaarlijke oceaantochten die de Noorse vissers tot ver in de 20e eeuw maakten voor hun broodwinning. Dat concept (stoere zeevaarders die hun leven wagen op zee) sluit het aan bij het romantische beeld dat veel mensen vandaag van de Vikingen hebben. Op een bepaalde manier is Scandinavië daar ook trots op; want nog altijd worden er boeken, films, kunstwerken en theatervoorstellingen aan gewijd. De naam van het standbeeld benadrukt daarom ook een soort culturele continuïteit tussen de middeleeuwse Vikingen en de (vroeg)moderne Noorse vissers en kustbewoners. In de literatuur, zoals in de roman “Den siste Viking” van Johan Bojer, werd deze vergelijking overigens al veel eerder gemaakt (namelijk in 1929).

De Vikingtijd eindigde rond het midden van de 11e eeuw. Maar de herinnering aan dit tijdperk leeft voor altijd voort… en kunnen we regelmatig in de bioscoop bewonderen. 😉

Schrijf jij je profielwerkstuk over het oude Egypte, Griekenland, het Romeinse Rijk of de Middeleeuwen?

Maak dan gebruik van alle informatie die het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden voor leerlingen heeft verzameld! Deze webpagina’s zijn echt verborgen pareltjes, want ze zijn ieder moment (gratis!) te raadplegen. Zo kun je dus in de bibliotheek, op school of gewoon ontspannen thuis aan je PWS werken. Maar er is meer…

In de maand november kunnen leerlingen zelfs een expert interviewen. Deze kans bieden ze elke woensdagmiddag tussen 14:00 en 16:30 uur. Ook dit is geheel kosteloos, je hoeft alleen maar een digitaal formulier in te vullen en een afspraak te maken (zie hieronder). En luister: dit is echt uniek. Want het spreken van deze experts is zelfs voor academici om allerlei redenen niet altijd mogelijk. Dat zij tijd vrijmaken voor leerlingen van de middelbare school, is daarom ontzettend bewonderenswaardig. Dit is ook voor het PWS heel waardevol, want je spreekt direct met een autoriteit (dus een persoon die je als bron kunt aanvoeren) en je weet daarmee ook zeker dat je de juiste informatie en antwoorden krijgt.

Je komt bij dit aanmeldformulier via deze link (klik hier). Bekijk deze pagina sowieso goed, want er staan nog meer links bij naar allerlei historische bronnen, zoals museumverhalen, blogs, podcasts en video’s. Ook dit materiaal geldt bij het PWS als betrouwbare bron, dus grijp je kans!

Ten slotte kun je ook als leerling de bibliotheek van het RMO bezoeken (en ja, ook dat is weer gratis). Ik durf te stellen dat ze in de bibliotheek boeken en artikelen hebben over bijna alle perioden en onderwerpen die je maar kunt bedenken. En wellicht heeft het museum er zelfs een authentiek voorwerp van. Als je op zoek bent naar een object dat bij een specifiek onderwerp hoort, kun je alvast in de “Collectiezoeker” kijken of het RMO daar iets van heeft. Als je daarvan foto’s toevoegt in je PWS, scoor je al helemaal goed bij de beoordeling. 😉

Succes! 😀

Verplaatsing van eeuwenoude Vikingschepen

Momenteel wordt er in Oslo (de hoofdstad van Noorwegen) een nieuw onderkomen gebouwd voor de wereldberoemde Vikingschepen Oseberg, Gokstad en Tune.

Deze schepen waren tot 2021 te bewonderen in het Vikingskipshuset (Vikingschipmuseum), maar worden nu één voor één verhuisd naar het gloednieuwe Vikingtidsmuseet (Museum van het Vikingtijdperk) dat in 2027 haar deuren zal openen. De verhuizing van de schepen is een uiterst complexe operatie. Je kunt wel bedenken hoe moeilijk het is om de kwetsbare, zware houten schepen in te pakken, te vervoeren en vervolgens weer netjes neer te zetten. De monsterklus krijgt daarom volop aandacht in het nationale nieuws.

Op de kanalen van het museum (bijvoorbeeld op hun Instagramaccount, @vikingtidsmuseet) verschijnen regelmatig updates, maar ze hadden aangekondigd de verplaatsing van de Oseberg live te zullen uitzenden op 11 september 2025. Ik vind het leuk dat ze dit doen, want het is natuurlijk super interessant om te zien hoe dat in zijn werk gaat (en normaal krijgen bezoekers hier niets van te zien). Uiteraard was ik zelf ook benieuwd. Ik kon niet alles direct volgen omdat ik voor de klas stond, maar ik heb wel veel kunnen terugkijken op YouTube en via stories en reels.

Vanwege het succes van de eerste live-uitzending, heeft het museum onlangs ook de verplaatsing van het tweede schip, de Gokstad, met de wereld gedeeld. Wederom kon ik het niet live volgen, maar heb ik er wel veel van kunnen zien via Instagram. Deze operatie zou nóg moeilijker worden, omdat de Gokstad groter en zwaarder is dan de Oseberg. Ik heb zo met het team te doen! Als er iets één millimeter verkeerd wordt ingeschat, dan krijg je een totale ramp. Maar gelukkig ging alles goed. Wat een inspanning, echt ongelofelijk.

De Noorse premier Jonas Gahr Støre kwam ook kijken. Hij onderstreepte het belang van de Vikingschepen voor de Noorse identiteit. Het land draagt goede zorg voor haar cultuurhistorie, zei hij trots. Je kunt nooit spreken voor de gehele bevolking, maar ik weet van mijn eigen contacten in Noorwegen dat veel Noren inderdaad belang hechten aan dit deel van hun geschiedenis. Vandaar ook dat het Vikingtijdperk een gloednieuw museum in de hoofdstad krijgt.

Nu rest alleen nog de verhuizing van de Tune. Dit staat op de planning voor mei of juni volgend jaar, want eerst worden de stellages rond de Oseberg en Gokstad geplaatst en wordt er verder gebouwd aan het museum zelf. Spannend. Ik ben zo ontzettend benieuwd naar het eindresultaat. Ik weet zeker dat het wachten hierop dubbel en dwars beloond gaat worden in 2027!

Wandelen langs de mythische Koortsboom van Heumen (Gelderland)

Aan de rand van Overasselt, in het bosrijke gebied van de Overasseltse en Hatertse Vennen, liggen de resten van een middeleeuwse kapel. Deze Walrickkapel was ooit een klein heiligdom; druk bezocht door mensen uit de wijde omgeving. Zij kwamen hier naartoe om te bidden en om hulp te vragen bij ziekte.

De kapel werd in de 14e eeuw (of 15e eeuw) gebouwd en was gewijd aan Sint Walrick, die ook wel Sint Valerius wordt genoemd. Over deze Heilige Walrick is weinig bekend, maar we weten wel dat hij vereerd werd als genezer; vooral bij koorts. Als je Sint Walrick aansprak in jouw gebeden, zou hij jou of jouw naasten genezing kunnen geven. Dat was in de middeleeuwen een gangbare praktijk; voor iedere situatie was er wel een gepaste heilige om aan te spreken.

Maar al lange tijd voor de bouw van de kapel, was dit gebied heilig voor de oorspronkelijke bewoners. Deze groep kennen we als de Hoemannen, een Germaanse stam die na de Romeinse Tijd in het gebied rondom Nijmegen leefde. Het is aannemelijk dat de naam van de gemeente Heumen van hen is afgeleid. De Hoemannen beschouwden bepaalde plekken in de natuur als sacraal en geneeskrachtig. Vooral bomen speelden een centrale rol in hun rituelen: ze geloofden dat ziektes door speciale handelingen bij de boom konden worden afgewend.

In de 7e en 8e eeuw kwam Willibrord, de beroemde missionaris uit Engeland, naar het gebied om het christendom te verspreiden. Willibrord en zijn volgelingen verweefden het christelijke geloof met de bestaande Germaanse tradities. Zo kwam het door hen dat de eerdergenoemde eikenboom verbonden werd aan Sint Walrick (en er eeuwen later dus ook een kapel naast gebouwd werd). Eigenlijk kreeg de genezende kracht van de boom door Willibrord een christelijke betekenis.

De legende gaat dat de leider van de Hoemannen wanhopig bij Willibrord aanklopte. Zijn dochter Heribertha had hoge koorts en niets leek te helpen. De leider vroeg wat hij moest doen om zijn dochter te genezen en Willibrord raadde hem aan om een lapje stof van haar jurk in de eik te hangen. Zo gezegd, zo gedaan. Maar of Heribertha inderdaad weer beter werd, weten we niet.

De eikenboom werd in ieder geval getransformeerd tot “Koortsboom” en de lokale bevolking nam het gebruik over. Wie ziek was of koorts had, knoopte een lapje stof aan de takken van de boom (of liet dat doen door een familielid). De koorts zou dan “in de boom blijven hangen”, terwijl de zieke weer beter werd. Mensen bleven deze handeling herhalen, generatie na generatie. Later werd het ritueel ook wel gecombineerd met gebeden bij de kapel of het maken van kruistekens.

Maar naarmate de eeuwen vorderden, bracht de ontwikkeling van de moderne geneeskunde ook andere oplossingen voor ziektes. Medicijnen en ziekenzorg werden voor steeds meer mensen toegankelijk. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568–1648) raakte de kapel zwaar beschadigd, omdat er in de omgeving veel gevochten werd. De kapel werd niet meer herbouwd en de plek raakte langzaam een beetje in verval.

Toch bleef de boom een plek van hoop en genezing, zelfs nadat de muren van de kapel vervielen tot een ruïne. Tot op de dag van vandaag hangen er nog lapjes aan de takken, stille getuigen van een praktijk die dus al eeuwenlang voortduurt. De Walrickkapel en de Koortsboom laten zien hoe pre-christelijke rituelen, het christelijke geloof en volksgebruiken kunnen samensmelten.

Er komen meerdere wandelroutes langs de Walrickkapel en de Koortsboom, waarvan ik zelf met veel plezier het “Familiepad Vennengebied” gelopen heb. Deze wandeling is 1,7 km lang en duurt ongeveer een uurtje (als je onderweg stopt om foto’s te maken). Het is een rolstoeltoegankelijke route, dwars door het natuurgebied de Overasseltse en Hatertse Vennen. Dat betekent dat je in de nazomer en herfst kunt genieten van het heidelandschap in allerlei tinten paars, rood, geel en oranje.

Er staan veel bankjes langs het pad en de markeringen zijn goed aangegeven. Vlakbij stopt er een streekbus en er zijn twee gratis parkeergelegenheden, waarvan eentje bij Restaurant St. Walrick. Koffie en lunch heb je dus ook binnen handbereik. 😉

Dit is bovendien een ideaal uitstapje bij wisselvallig weer, want je kunt op een paar plekken schuilen voor de regen (en anders ben je snel weer bij je auto of bij het OV). Wat mij betreft is het een heerlijke historische plek. Of je nu komt voor de vroegchristelijke legende of voor de kleurrijke natuur! 🙂

Wat is de historie van Werelddierendag?

Op 4 oktober zetten we onze huisdieren in het zonnetje. Zelf ben ik ook dol op dieren; ik vind vooral honden, slangen en haaien leuk. De oorsprong van Dierendag is misschien wel ouder dan je denkt. Waar komt die traditie vandaan?

Deze datum is gekozen vanwege Franciscus van Assisi, een Italiaanse monnik uit de 13e eeuw. Hij was zo dol was op dieren (en planten), dat hij volgens de overlevering zelfs preken hield voor vogels. Franciscus werd hierom uitgeroepen tot de beschermheilige van de dieren en de natuur. Zijn sterfdag, 4 oktober, bleek daarmee ook de perfecte dag om dieren wereldwijd te eren.

Maar pas eeuwen later kreeg dat idee echt vorm. In 1929 kwam de Wereldvereniging voor Dierenbescherming bijeen in Wenen en besloot men om 4 oktober uit te roepen tot Werelddierendag. Het doel was helder: aandacht vragen voor de rechten en het welzijn van dieren, waar ook ter wereld. Nederland sloot zich al snel aan en in 1930 werd Dierendag hier voor het eerst gevierd.

Sindsdien is het uitgegroeid tot een traditie die we allemaal kennen. Scholen besteden er aandacht aan, dierenwinkels organiseren acties en asielen gebruiken de dag om mensen bewust te maken van hun werk. Dierendag herinnert ons eraan dat dieren recht hebben op een goed leven en dat wij verantwoordelijk zijn voor hun welzijn. Tegelijkertijd is het ook een vrolijke feestdag geworden, waarop huisdieren extra aandacht, snoepjes en speeltjes krijgen.

En zo is een middeleeuwse monnik de grondlegger geworden van de dag waarop miljoenen mensen stilstaan bij de waarde van dieren. 🙂

Nogmaals 750 jaar Amsterdam in Haarlem

Als vervolg op mijn eigen lezing over 750 Jaar Amsterdam, bezocht ik precies een week later de lezing van Ranjith Jayasena. Ook over Amsterdam, maar wel wat specifieker, namelijk over de middeleeuwse ontwikkeling van de stad.

Ranjith Jayasena is senior archeoloog bij de Gemeente Amsterdam en wat mij betreft dé stadsarcheoloog van het moment. Hij was al eerder dit jaar te zien in de serie Het verhaal van Nederland – Amsterdam (de vierdelige serie met Daan Schuurmans als verteller). Deze afleveringen zijn overigens nog gratis terug te kijken via NPO Start, dus pak ze nog even mee!

De lezing werd gehouden in het Archeologisch Museum Haarlem. Een prachtige plek onder de grond, want ze zitten in de kelder van de voormalige Vleeshal. De collectie wordt overzichtelijk in vitrines langs de wanden tentoongesteld. Achterin de ruimte is een opgraving nagebouwd en daar ligt ook “Cornelis”. Dit is een skelet van een middeleeuwse Haarlemmer, in 2012 opgegraven bij de Botermarkt. Net als Alewijn van Amsterdam, heeft ook Cornelis een gezichtsreconstructie gekregen. De reconstructie van de Haarlemmer was er echter 9 jaar eerder dan die van de Amsterdammer. 😉

Over Alewijn gesproken… zijn leven is uitvoerig door Ranjith besproken. De voeding, activiteiten en huizen van de middeleeuwse Amsterdammers kregen archeologische duiding. Net als het tolprivilege van 1275; het document waarin Amsterdam voor het eerst wordt vermeld (en de reden voor het feestjaar 2025). Ranjith bouwde voort op eerdere reconstructies van Amsterdam in de 11e, 12e en 13e eeuw en week ook uit naar nabijgelegen plaatsen als Diemen en Sloten. Maar omdat hij als stadsarcheoloog meewerkt aan de meest recente onderzoeken, kon hij ook nieuwe archeologische inzichten presenteren. De vroege geschiedenis van Amsterdam in een nieuw jasje, dus. 🙂

Het was fijn om zelf weer eens in het publiek te zitten en nieuwe dingen te leren van een expert. Beide lezingen, die van mij en die van Ranjith, werden goed bezocht. Het waren twee mooie bijeenkomsten!

Voormalig koningin Margrethe II van Denemarken bezoekt opgraving uit de Vikingtijd

Onlangs schreef ik enthousiast over de ontdekking van een Vikinggrafveld door de archeologen van het Moesgaard Museum nabij Lisbjerg (scroll naar beneden of klik hier). Nu blijkt dat Margrethe II, de voormalige koningin van Denemarken, er ook als de kippen bij was. Dat leverde leuke foto’s op van een geïnteresseerde koningin-moeder die met wandelstok en al in de opgraving staat te turen.

Dat Margrethe de ontdekking met eigen ogen wilde bekijken, is geen verrassing. Ze heeft zelf namelijk archeologie gestudeerd. En nog altijd ligt hier haar passie, want ze is ook beschermvrouwe van het Moesgaard Museum. Zo blijft ze symbolisch betrokken bij alle nieuwe onderzoeken en ontdekkingen. Dat ze ook regelmatig komt kijken, vind ik vrij uniek. Vorig jaar bezocht ze trouwens ook al een opgraving bij Hedegård, door een team van het Midtjylland Museum.

Leuk toch, om zo’n geïnteresseerd voormalig staatshoofd op bezoek te hebben?!